3. Tussenrapportage 2024-1

3.1 Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

De Turap 2024-1 is het 1e onderdeel van deze Voorjaarsnota. Vanaf 2024 bevat de Turap naast het gebruikelijke financiële meerjarenperspectief ook een inhoudelijke toelichting per programma. In het inhoudelijke deel van de Turap wordt ingegaan op de voortgang van de inhoud van het programma, de financiële vertaling van de ontwikkelingen, de stand van zaken met betrekking tot de beleidsindicatoren en de investeringen van het begrotingsjaar.

 

De voortgang wordt per programma nader toegelicht in de grijs gearceerde tekstblokken. Tevens wordt door middel van een kleurentabel de voortgang weergegeven waarbij groen staat voor "geen bijzonderheden", oranje staat voor "punt van aandacht" en rood geeft aan dat de uitkomst op dit moment nog onzeker is en mogelijk niet in dit begrotingsjaar gerealiseerd kan worden.

 

In het onderdeel "afwijkingen reguliere taken" informeren wij u over de financiële ontwikkelingen vanaf medio november 2023 tot medio april 2024. Omdat het nog vroeg in het begrotingsjaar is, zijn er nog veel onzekerheden over hoe het jaar 2024 zich verder zal ontwikkelen. Dat is ‘normaal’ gezien al zo, omdat het jaar pas net gestart is, maar de ontwikkelingen (met een financieel effect) stapelen zich de laatste maanden heel sterk op. Bij iedere financiële afwijking wordt  zoals de afgelopen jaren gebruikelijk  “kort maar krachtig” een toelichting op de afwijking opgenomen. Daar waar sprake is van significante inhoudelijke afwijkingen op de meerjarenbegroting 2024-2027 is de gemeenteraad in voorkomende gevallen  tussentijds geïnformeerd via Raadsinformatiebrieven. 

 

Omdat de Turap 2024-1 wordt opgesteld in meerjarenperspectief, wordt daarmee ook een eerste opzet gepresenteerd van het financiële perspectief dat als basis kan dienen voor de Najaarsnota.

Deze eerste tussenrapportage laat zien dat we voor financiële uitdagingen blijven staan. Het tekort voor 2024 en latere jaren is fors. 

 

3.2 Programma's

Programma 1 Opgave Leefbaarheid

1.1 Ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Ontwikkelingen

1.1 Ambitie en strategie

1.1.1 Ambitie
De centrale ambities van dit programma zijn verwoord in de strategische doelstellingen: verbeteren sociale cohesie, verhogen participatie en eigenaarschap, verbeteren openbare ruimte, verhogen veiligheid, verbeteren bereikbaarheid en stimuleren vergroening. Deze ambities dragen als totaal bij aan een verbeterde leefbaarheid van de fysieke leefomgeving in Geertruidenberg. Daarnaast worden vanuit de ambitie op kleinere schaal meerdere maatschappelijke effecten bereikt die de meerwaarde van het programma benadrukken. 


1.1.2 Strategische doelstellingen
Er zijn zes strategische doelstellingen voor dit programma. Deze worden kort toegelicht. 

1.    Verbeteren sociale cohesie
De sociale samenhang in de wijk wordt verbeterd vanuit de focus op de openbare ruimte. Het wijkgericht werken staat daarbij centraal, waarbij de gemeente aansluit op lokale behoeften met locatie specifieke oplossingen die daaraan bijdragen. 

 

2.    Verhogen participatie en eigenaarschap 
Inwoners, partners, organisaties en bedrijven denken mee over de woon- en werkomgeving en pakken zelf de regie om initiatieven op te pakken en te realiseren. Men draagt bij aan structurele oplossingen. De gemeente moet daarvoor als gezicht meer van de achterkant naar de voorkant komen.  

 

3.    Verbeteren openbare ruimte
De beleving, de kwaliteit en de duurzaamheid van de openbare wordt verbeterd. Het ontwikkelen van een integraal programma openbare ruimte om daarmee de openbare ruimte op planmatige wijze toekomstbestending en duurzaam in te richten staat centraal voor de lange termijn. Op korte termijn wordt werk gemaakt van projecten waarin beleving, kwaliteit en duurzaamheid geborgd zijn.   

 

4.    Verhogen veiligheid
Het verhogen van de veiligheidsbeleving (subjectieve veiligheid) bij inwoners en het terugdringen van meetbare misdaadcijfers (objectieve veiligheid). De focus komt hierbij te liggen op specifieke probleemgebieden als jeugd en misdaad. 

 

5.    Verbeteren bereikbaarheid
Geertruidenberg is en blijft goed en veilig bereikbaar, we investeren blijvend in onze bereikbaarheid. Dit focus ligt op auto- en fietsverkeer en het openbaar vervoer wordt verkend. Ook bestaat aandacht voor de verlaging van het aantal ongevallen en mate van overlast door het verkeer. 

 

6.    Stimuleren vergroening
Geertruidenberg creëert een groene(re) klimaat adaptieve(re) leef-, werk- en verblijfsomgeving. Toewerken naar meer kwalitatief groen door de basis op orde te krijgen en vanuit een vergroeningsagenda de groen- en klimaatadaptatie ambities te verwezenlijken. 


1.1.3 Maatschappelijke effecten
Per strategisch doel zijn maatschappelijke effecten geformuleerd. Maatschappelijke effecten geven de doorwerking van de inspanningen voor de buitenwereld weer van het strategisch doel. Deze effecten zijn meetbaar en zichtbaar. Ook wordt hiermee inzichtelijk dat inspanningen doelgericht moeten zijn om het gewenste positieve effect te verwezenlijken. Daarmee worden inspanningen die niet bijdragen aan een of meerdere doelstellingen irrelevant. Het begrijpen en evalueren van maatschappelijke effecten is essentieel bij het nemen van beslissingen binnen het programma. De maatschappelijke effecten (als onderdeel van de strategische doelen) zijn hieronder beschreven. 

 

1.    Verbeteren sociale cohesie
a.    Het aantal buurtactiviteiten in de openbare ruimte stijgt jaarlijks. 
Door meer sociale interactie en versterkte sociale banden dragen buurtactiviteiten die plaatsvinden in de openbare ruimte bij aan een betere sociale cohesie. Bijvoorbeeld: buurtbarbecues, sporttoernooien, culturele optredens en workshops. 


b.    Het aantal burgerinitiatieven voor de openbare ruimte stijgt jaarlijks. 
Door meer gehoor te geven aan lokale ideeën en aan te sluiten bij praktische behoeften in de openbare ruimte dragen burgerinitiatieven bij aan een betere sociale cohesie. Bijvoorbeeld: speeltuinen, plantsoenen en voorzieningen.


c.    De gemeente is voor de bewoners meer zichtbaar in de wijk. 
Door als gemeente meer in contact te treden met de bewoners komen de echte verhalen naar boven en kan het beter aansluiten op de behoeften die zij hebben. Met de focus op de openbare ruimte en oog voor de andere thema’s. Bijvoorbeeld: wijktafels, beheerders en evenementen.  


d.    Het aantal deelnemers aan bewonerscomités neemt jaarlijks toe. 
Doordat mensen in de buurt meer met elkaar in contact komen en het goede gesprek kunnen voeren over praktische behoeften schept dit een gezamenlijke band en is het een waardevolle manier om ideeën en behoeftes te toetsen. Bijvoorbeeld: bewoners van een straat of buurt.

 

2.    Verhogen participatie en eigenaarschap 
a.    Onderhoud door bewoners aan de openbare ruimte stijgt jaarlijks. 
Door de samenwerking op te zoeken met enthousiaste bewoners die medeverantwoordelijk willen zijn voor de staat van de openbare ruimte ontstaat een nieuwe vorm van vertrouwen en eigenaarschap. Bijvoorbeeld: uitdaagrecht, intentieverklaringen en overeenkomsten. 


b.    Meldingen over de openbare ruimte die samen worden opgelost stijgt jaarlijks.  
Door de meldingen voor de openbare ruimte beter te stroomlijnen ontstaat het perspectief om meldingen als een gratis advies te beschouwen. Om daarmee participatief na te denken over oplossingen met gedeeld eigenaarschap. Bijvoorbeeld: oriënterende gesprekken, samenwerken, vraag achter de vraag herleiden. 


c.    Over projecten en/of herinrichting van de openbare ruimte denken inwoners aan de voorkant structureel mee. 
Door participatie als standaard te beschouwen bij projecten en/of herinrichtingen van de openbare ruimte sluit de oplossing beter aan op lokale behoeften en ontstaat vervolgens meer eigenaarschap over het eindresultaat. Bijvoorbeeld: participatiebeleid, uitbreiden van participatievormen, strakke participatieprocessen.

 

3.    Verbeteren fysieke aspecten openbare ruimte
a.    De beleving van de fysieke aspecten in de openbare ruimte verbetert jaarlijks. 
Met een verbeterde beleving zullen mensen meer begrip hebben voor de (beleidsmatige) ruimtelijke keuzes en de doorwerking daarvan. Ook wanneer de kwaliteit hetzelfde blijft kan de beleving verbeteren. Bijvoorbeeld: communiceren over beleid, aansluiten op lokale beleving, maatwerk.   


b.    De kwaliteit van de werkzaamheden in de openbare ruimte verbetert jaarlijks. 
Door te werken vanuit een meerjarig uitvoeringsprogramma is het beter mogelijk om de werkzaamheden in de openbare ruimte op elkaar af te stemmen en met toenemende mate eenduidig kwaliteitsniveau te creëren. Bijvoorbeeld: hogere kwaliteitseisen wegen, variatie tussen fysieke aspecten, leidraad openbare ruimte.  


c.    De duurzame inrichting van de fysieke aspecten in de openbare ruimte verbetert jaarlijks.
Door duurzaamheid altijd te koppelen aan werkzaamheden in de openbare ruimte ontstaat stap voor stap een duurzame inrichting van de fysieke aspecten in de openbare ruimte. Bijvoorbeeld: groene straat van de toekomst, klimaatadaptieve parkeerplekken, circulaire materialen.

 

4.    Verhogen van veilige woon- en werkomgeving
a.    De veiligheidsbeleving (subjectieve veiligheid) in de openbare ruimte verhoogt jaarlijks
Door zicht hebben op de mate waarin mensen zich veilig of onveilig weten én voelen wordt het mogelijk om dit te verbeteren. De beleving is persoonlijk en kan zich op verschillende manieren uiten via het ‘denken-voelen-doen' of 'veraf-dichtbij’. Mogelijke maatregelen zijn bijvoorbeeld: voorlichting en educatie. 


b.    Criminaliteit (objectieve veiligheid) in de openbare ruimte daalt jaarlijks
Het aantal strafbare incidenten in de openbare ruimte moet verminderen. De meest urgente misdaadcijfers vormen de aanleiding om hier actief op te sturen en prioriteren. Bijvoorbeeld: interveniëren bij terugkerende gevaren, vandalisme, samenwerking. 


c.    Jeugdproblematiek in de openbare ruimte daalt jaarlijks
De jeugd is een kwetsbare doelgroep. Het is wenselijk om hen meer perspectief te bieden en tegelijkertijd de overlast te verminderen. Daarmee worden voorwaarden gecreëerd om hier jaarlijks stappen in te maken. Dit kan bijvoorbeeld door: hangplekken, handhaving, voorzieningen.  


d.    De fysieke veiligheid verbetert door een betere ruimtelijke inrichting
Door het centraal stellen van fysieke veiligheid in de openbare ruimte wordt nagedacht hoe de ruimtelijke inrichting kan bijdragen aan meer veiligheid en minder overlast. Daarmee kan worden voorkomen dat vernielingen, verloedering, bedreigingen en ongelukken optreden. Bijvoorbeeld: multifunctioneel ontmoetingspunt, verlichting en open pleinen. 

 

5.    Verbeteren bereikbaarheid
a.    Het aantal verkeersongelukken verlaagt jaarlijks
Door vanuit de mobiliteitsvisie fysieke en sociale maatregelen uit te voeren wordt een directe bijdrage geleverd aan het verminderen van verkeersongelukken. Bijvoorbeeld: inrichting kruispunten, stoplichten, oversteekpunten.  


b.    De mate van verkeersoverlast verlaagt jaarlijks
Door vanuit de mobiliteitsvisie fysieke en sociale maatregelen uit te voeren die een directe bijdrage leveren aan het verminderen van de verkeersoverlast. Bijvoorbeeld: drempels, bebording, flitspalen.


c.    De bereikbaarheid in, van en naar de gemeente verbetert jaarlijks
Door vanuit de mobiliteitsvisie fysieke en sociale maatregelen uit te voeren die een directe bijdrage leveren aan het verbeteren van de bereikbaarheid. Bijvoorbeeld: sluiproutes, fietsroutes, aansluiting snelwegen. 

 

6.    Stimuleren vergroening
a.    Elke straat van de toekomst wordt 10% groener
Door bij elk project en/of herinrichting in de openbare ruimte vergroening als uitgangspunt te nemen ontstaan de groene straten van de toekomst. Groen staat altijd centraal. Bijvoorbeeld: klimaatadaptieve maatregelen, groen in ontwerpen en innovaties. 


b.    Het areaal groen breidt jaarlijks uit
Door meer groen toe te voegen ontstaat een groter groenareaal en daarmee een klimaatadaptieve en biodiverse gemeente. We denken hierbij aan o.a. de ontwikkeling van een ecopark. Andere voorbeelden zijn: nieuwe bomen planten en groene erfafscheidingen in het buitengebied.


c.    Verhogen van welzijn door groen stijgt jaarlijks
Door de nadruk op welzijn te leggen wordt het inzichtelijk dat groen niet alleen fysieke bijdragen levert, maar dat het ook de mentale gezondheid van de inwoners verbetert. Ook nodigt het uit te om te bewegen en ontspannen. Bijvoorbeeld: groencampagne, groenroutes, kwaliteit van bestaand groen. 


d.    Meer bewustzijn over meerwaarde groen en biodiversiteit
Door het bewustzijn van de inwoners te vergroten gaan ze de waarde van groen inzien. Door veranderend groenbeleid vraagt het nadrukkelijk de aandacht om de bewoners mee te nemen in het beleid. Bijvoorbeeld: groensafari’s, communiceren over het beleid, brochures biodiversiteit


1.2 Aanpak 

1.2.1 Programmalijnen 

Voor alle inspanningen vanuit het programma geldt dat sprake is van een (door)ontwikkeling die leidt tot maatschappelijk effect. Per jaar wordt daarbij de beoogde verzameling van inspanningen met de bijbehorende effecten geëvalueerd. De programmalijnen worden gevormd door het samenspel tussen de 6 strategische doelen en de 6 veranderprocessen. Dit leidt tot onderstaande samenvatting van inspanningen resultaten.

 

1.    Integraal wijkgericht samenwerken -> Strategisch doel 1, 2, 3, 4, 5, 6
De focus in dit veranderproces ligt op het anders organiseren van het Wijkgericht SAMENwerken. De bevinding is dat dit een succesvol initiatief is, maar dat het in essentie een vrij smalle insteek heeft (initiatieven in de openbare ruimte), terwijl op de wijktafels een breed scala aan onderwerpen langskomen. Het is waardevol om ook de andere wijkgerichte initiatieven te verbinden aan Wijkgericht SAMENwerken om zo nog beter aan te sluiten op de leefwereld van de inwoners. Waardevolle toevoegingen daarbij zijn het datagericht werken en het inzoomen op buurtniveau. Met datagericht werken worden analyses rijker doordat objectieve cijfers worden gekoppeld aan bestaande lokale informatie. Door in te zoomen op buurtniveau kan beter worden aangesloten op bestaande variaties in de openbare ruimte.  

 

Nr.

Inspanningen

Resultaat

Realisatie voortgang

Realisatie financiën

1a

Datagericht werken

Objectieve informatie als basis voor wijkgericht werken.

   

1b

Verbreden van wijkgericht samenwerken

Verschillende initiatieven komen samen onder één vlag.

   

1c

De wijken én de buurten centraal stellen

Vanuit de wijken nader inzoomen op de differentiatie in de buurten.

   

1d

Als één gemeente communiceren

Duidelijkheid voor bewoners op alle onderwerpen in de openbare ruimte. 

   

1e

Kracht van bestaande initiatieven gebruiken

Continuïteit bij initiatieven die goed lopen.

   

 

In de gemeente zijn we op allerlei vlakken actief in wijken en buurten. We krijgen steeds een beter beeld bij de meerwaarde daarvan voor ons eigen werk. Dat vraagt een andere manier van denken en bepaalde afdelingen zijn hierin al verder dan anderen. Wel duidelijk is dat het vrijwel altijd waardevol is om na te denken over het perspectief van de inwoners en hoe hier vanuit een bepaald beleidsveld op aangesloten kan worden. Helpend hierbij zijn de eerste stappen in meer datagerichte wijk- en buurt analyses van wat lokaal opvalt en nodig is.  Aandachtspunt is om nog meer integraliteit te borgen tussen het wijkgericht werken in het sociaal domein en het buurtgericht werken bij leefbaarheid. 

 

2.    De buurt in -> Strategisch doel 1, 2, 3, 4, 5, 6
Aan de voorkant in contact komen met buurtbewoners biedt allerlei voordelen voor zowel de inwoners als de gemeente. Door te buurten in de buurt ontstaat wederzijds begrip voor behoeftes en keuzes. Op verschillende vlakken zijn wij als gemeente al structureel aanwezig in de buurten, maar de inwoners ontgaat dit vaak. Door hier een actieplan voor op te stellen en eenduidig te communiceren over de buurtagenda gaat een structurele samenwerking tussen de inwoners en de gemeente ontstaan. De gemeente heeft 4 wijken en 17 buurten, door elke buurt 2x per jaar 1 week in het zonnetje te zetten kan hier vanuit alle wijkgerichte opgaven in de gemeente op worden aangehaakt. Vanuit de beheerders en wijkvoormannen wordt al gewerkt met onderhoudscycli in deze buurten, hier wordt op aangehaakt. Tegelijkertijd biedt dit een haakje om de Geertruidenberg App opnieuw te positioneren als enige ingang voor officiële meldingen. 

 

Nr.

Inspanningen

Resultaat

 Realisatie voortgang

Realisatie financiën

2a

Datagericht werken

Objectieve informatie als basis in elke buurt.

   

2b

Buurtagenda voor ‘Buurten in de buurt’

Heel het jaar zichtbaar in de buurt vanuit verschillende thema’s tegelijk.

   

2c

Op alle onderwerpen van de openbare ruimte in contact met bewoners

Wederzijdse toename van kennis over en vertrouwen in de openbare ruimte.

   

2d

Één ingang meldingen openbare ruimte

Duidelijkheid voor bewoners. Lagere werkdruk gemeente.

   

2e

Werkwijze integreren in bestaande werkprocessen

Eigenaarschap bij betrokken medewerkers in openbare ruimte.

   

 

In 2024 zijn we gestart met de pilot 'Samen sterk in uw buurt'.  Daarmee hebben we inmiddels de eerste 17 buurten (en alle wijken) doorlopen op een drietal onderwerpen: afval, civiel onderhoud en Wijkgericht SAMENwerken. De drijvende kracht is de doorontwikkeling van Wijkgericht SAMENwerken, waarbij  meerdere disciplines zijn betrokken die meerwaarde ondervinden van het lokaler werken in buurten.  Dit bevalt tot nu toe goed en het is waarschijnlijk dat deze pilot alleen maar verder wordt uitgebreid.  De benadering is bewust nu nog relatief smal, daarom zijn nog stappen te zetten in het in contact treden met inwoners op alle relevante onderwerpen. Hier is in het kader van de pilot bewust voor gekozen en te leren door te doen. Op dit onderwerp bestaat veel enthousiasme in de eigen organisatie. Ook zijn stappen gemaakt in het gebruik van de Geertruidenberg App. Inwoners weten het steeds beter te vinden als meest voorname ingang voor meldingen en klachten, dit zorgt voor eenduidige werkwijze. 

 

3.    Meerjarige duurzame inrichting openbare ruimte -> Strategisch doel 3, 5, 6
Het is een lang gekoesterde wens om meer in controle te zijn voor de lange termijn inrichting van de openbare ruimte. Landelijk gezien wordt dit geborgd door de volgende producten: DIOR (Duurzame Inrichting Openbare Ruimte), LIOR (Leidraad Inrichting Openbare Ruimte) en DUOR (Duurzaam Uitvoeringsprogramma Openbare Ruimte). In het programma wordt hier de komende periode veel inzet op gepleegd. Waarbij DIOR en LIOR de voorlopers zijn van het UIOR. Eerst moet immers keuzes gemaakt worden over de gewenste inrichting van de openbare ruimte voordat dit invulling krijgt in een uitvoeringsprogramma. Uiteindelijk leidt dit tot heldere beleidsmatige keuzes, een leidraad o.b.v. het beleid voor werkzaamheden door aannemers en een meerjarig uitvoeringsprogramma voor interne werkzaamheden voor de komende decennia. 

 

Nr.

Inspanningen

Resultaat

 Realisatie voortgang

Realisatie financiën

3a

Opstellen en vaststellen van DIOR

Integraal beleidskader voor duurzame inrichting van de openbare ruimte.

   

3b

Opstellen en vaststellen van LIOR

Inrichtingseisen aan de openbare ruimte aan de hand van een leidraad.

   

3c

Opstellen en vaststellen van DUOR

Meerjarig uitvoeringsprogramma voor de openbare ruimte.

-

-

 

Het proces van de Duurzame Inrichting Openbare Ruimte (DIOR) en Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR) zijn na de zomer van 2023 gestart. Hier is gekozen voor een stevig en degelijk proces, om dit onderwerp de aandacht te geven die het verdient. In de eerste fase zijn analyses gemaakt van alle civiele assets binnen de gemeente. Dit heeft o.a. betrekking op areaal, beeldkwaliteit en technische kwaliteit. Op basis van deze informatie worden vervolgens scenario's opgesteld om te bepalen hoe wij als gemeente willen hoe de openbare ruimte van de toekomst eruit ziet. Dit zal in het najaar van 2024 zijn afgerond. Op basis van de gekozen scenario's wordt het mogelijk om te komen tot een meerjarig uitvoeringsprogramma (DUOR). 

 

4.    Duurzame koppelkansen projecten -> Strategisch doel 2, 3, 5, 6
Met de duurzame inrichting van de openbare ruimte is de (integrale) inhoud van de projecten in de openbare ruimte geborgd. Tot die tijd is aandacht gevraagd voor de projecten op de kortere termijn. De behoefte bestaat om meer in control te komen verschillende doelstellingen meer in samenhang te benaderen. Dit krijgt vorm door vanuit een uniform format te werken waarin de werkvoorraad van projecten is weergegeven, inclusief bijbehorende koppelkansen. Om dit in de praktijk goed te laten verlopen is een professionalisering nodig van het projectmatig werken en zijn vernieuwde (integrale) werkprocessen nodig.   

 

Nr.

Inspanningen

Resultaat

Realisatie voortgang

Realisatie financiën

4a

Format voor de werkvoorraad van projecten

Eenduidig overzicht waarin de status van alle civiele projecten zijn weergegeven.

   

4b

Koppelkansen (duurzame en regulier) benutten in projecten

Structureel borgen van koppelkansen bij nieuwe projecten.

   

4c

Werkproces civiele projecten en gebiedsontwikkelingen

Eenduidige werkwijze bij projecten en voor de afstemming tussen clusters.

   

 

Voor alle projecten die in de openbare ruimte plaatsvinden liggen voor de totstandkoming van het DIOR en DUOR al kansen op het gebied van structuur en duurzame koppelkansen. Inmiddels zijn voor de desbetreffende jaren de projecten in beeld gebracht. De bijbehorende koppelkansen zijn in de meeste gevallen geïdentificeerd, maar het blijkt in praktijk nog niet altijd makkelijk om die te waarborgen. Inmiddels zijn wel al een paar projecten onder uitvoering met klimaatadaptieve oplossingen. Ook komt het voor dat een koppelkans tot vertraging of hogere kosten ledit, waardoor de meerwaarde niet altijd evident is. De aanpak is vooral gestoeld op het inzichtelijk hebben van de werkvoorraad, vervolgens koppelkansen te signaleren en daar vervolgens een goede afweging voor te maken. 

 

5.    Veiligheid in de openbare ruimte -> Strategisch doel 3, 4
De focus van het programma Leefbaarheid ligt op buiten; de openbare ruimte. Dit geldt ook voor veiligheid. Daarbij zijn enkele aspecten die voor veiligheid in de gemeente het meest in het oog springen. Hier wordt de focus op gelegd, om daarmee ruimte te scheppen aan verbetering op deze aspecten naast de vele operationele werkzaamheden die van toepassing zijn voor het borgen van veiligheid. Het betreft beleving, jeugdproblematiek en fysieke inrichting. Allemaal in relatie tot de openbare ruimte.

 

Nr.

Inspanningen

Resultaat

Realisatie voortgang

Realisatie financiën

5a

Datagedreven werken

Inzicht in de objectieve en subjectieve veiligheidsbeleving van inwoners.

   
5b

Interne samenwerking voor jeugdoverlast- en criminaliteit

Elkaars energie en inzet benutten door verschillende perspectieven aan elkaar te koppelen.

   

5c

Aansluiten bij het Buurten in de buurt

Veiligheidsissues in de buurt komen stelselmatig boven water.

   

5d

Veiligheid in de openbare ruimte in kaart

Informatie over de meest voorname knelpunten op het gebied van veiligheid in de openbare ruimte.

   

 

In de afgelopen periode zijn geen grote stappen gezet op het gebied van veiligheid in de openbare ruimte. De meeste werkzaamheden worden verricht in de lijn en zijn incident gedreven. Mede vanwege personele ontwikkelingen is het nog niet goed gelukt om boven het dagelijkse uit te stijgen en tot inzichten te komen rondom objectieve en subjectieve veiligheidsbeleving of veiligheidsknelpunten in de openbare ruimte. De financiële consequenties zijn minimaal, omdat hier geen bijbehorende budgetten aan gekoppeld waren. Wel is meer capaciteit vrijgemaakt voor de boa's, hetgeen een positieve invloed heeft op het aspect veiligheid. 

 

6.    Datagredeven werken -> Strategisch doel 1, 2, 3, 4, 5, 6 
De wens om meer datagedreven te werken komt terug in alle strategische doelstellingen, programmalijnen en maatschappelijke effecten. Met het datagedreven werken ontstaat, naast de praktische inspanningen, een objectiever beeld van de effecten die worden nagestreefd. Aan de voorkant helpt het om de behoeften beter te kunnen duiden, maar het is ook helpend in de analyses van specifieke inspanningen. Daarmee worden inspanningen doelmatiger en is de ruggengraat van de monitoring van het programma.

 

Het datagedreven werken heeft tot nu toe vooral vorm gekregen in het analytischer werken. In de wijken en buurten wordt gekeken naar inwonersprofielen, de database van meldingen en historische wijkinitiatieven. Wel kan aan de datakant nog stappen gezet worden wat betreft standaardisatie. 

 

1.2 Financiële vertaling ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Financiële vertaling ontwikkelingen

In onderstaande tabel staan de  ontwikkelingen/veranderingen t.o.v. voorgaande begrotingen/de kadernota.

 

Pr.

Programmalijn

Omschrijving Programmalijn

Begroting 2024

V/N

Toelichting 

P1

1.2

Gebiedsvisie amoveringslocaties 150 Kv

0

n.v.t. n.v.t.

P1

1.3

Beschoeiing watergangen**

60.000

Geen afwijking Inventarisatie wordt op dit moment opgestart. 

P1

1.5-1

Projectleider A27**

110.000 Geen afwijking Loopt

P1

1.5-2

Parkeerbeleid actualiseren**

55.000

N=6.000 Parkeerbeleid is boven budget gegund

P1

1.5-3

Bebording waterwegen**

47.000

Geen afwijking Volgt later

P1

1.6-1

Beheercapaciteit*

80.000

Geen afwijking

Is structureel toegevoegd aan formatie, vacature is ingevuld

P1

1.6-2

Actualisatie beheergegevens en databeheer openbare ruimte**

180.000

Geen afwijking

Opdracht is uitgezet en loopt , eindafrekening volgt later.  

P1

Totaal

 

532.000

 

 

* Structurele uitgaven t.b.v. extra capaciteit

** Dekking uit Vrije Algemene Reserve

 

Voor het programma Leefbaarheid zijn zeven ontwikkelingen voorzien. Het merendeel van de ontwikkelingen zijn eenmalige uitgaven voor 2024 dat grotendeels wordt gedekt uit de Vrije Algemene Reserve . De programmalijnen voor Leefbaarheid zijn sociale cohesie (1.1), participatie en eigenaarschap (1.2), openbare ruimte (1.3), veiligheid (1.4), mobiliteit (1.5) en vergroening (1.6). De meeste ontwikkelingen zijn van toepassing voor mobiliteit en vergroening. 

1.3 Toelichting op de tabel

Terug naar navigatie - Toelichting op de tabel

P1.2 Gebiedsvisie amoveringslocaties 150 Kv 

Inrichtingsplan voor vrijkomende locaties nabij hoogspanningsmasten van de 150 kV lijn binnen Geertruidenberg en Raamsdonksveer. Met als doel de ruimtelijke kwaliteit van deze gebieden te waarborgen of te verbeteren.

Dit project krijgt invulling in 2025. 

 

P1.3 Beschoeiing watergangen:

Inventariseren van status gemeentelijke beschoeiingen langs watergangen, met bijbehorend handelingsperspectief. 

De inventarisatie is opgestart en later dit jaar worden de resultaten verwacht. 

 

P1.5-1 Projectleider A27:

Externe capaciteit voor het project van de A27. 

Projectleider is ingehuurd en voert de werkzaamheden uit voor dit project. 


P1.5-2 Parkeren:

Opvolging van motie waarbij door de Raad is besloten dat het parkeerbeleid in 2024 geactualiseerd wordt.

De opdracht voor het parkeerbeleid is aanbesteed en gegund. De werkzaamheden liggen op schema. Bij de Turap 2 zal het actuele noodzakelijke budget worden aangepast.

 

P1.5-3 Bebording waterwegen:

Eenmalig op orde brengen van de vaarwegbebording langs de Donge.

Nog niet mee gestart, werkzaamheden volgen later. 

 

P1.6-1 Beheercapaciteit:

Om de ambities meer houvast te geven is structureel extra beheercapaciteit nodig. Door het verzamelen, organiseren en openen van data en daarmee productiviteit, efficiëntie en besluitvorming te verbeteren van alles in de openbare ruimte.  

Is structureel toegevoegd aan formatie, vacature is ingevuld.

 

P1.6-2 Beheergegevens en databeheer:

Van de openbare ruimte zijn nog niet alle beheergegevens op orde in Geertruidenberg en Raamsdonksveer, na een geslaagde pilot in 2022/2023 is dit wel het geval in Raamsdonk. Continuering van de pilot en afronding van het totale areaal.

De opdracht is uitgezet en wordt momenteel uitgevoerd. Prognose is dat we ruimschoots onder de 180 k blijven. Bij de opstelling van de Turap 2 zal de raming worden geactualiseerd.

1.4 Beleidsindicatoren

Terug naar navigatie - Beleidsindicatoren

Onderstaande tabel is geactualiseerd op basis van de begrotingswijziging van het collegeakkoord. De wijzigingen hebben relatie met de aangescherpte maatschappelijke effecten bij de strategische doelen. Voor de meeste beleidsindicatoren is het streven de het cijfer, het aantal of het % stijgt. Voor een enkele is daling het gewenste effect op de langere termijn. 

 

Strategisch doel

Beleidsindicatoren 

Meest recente meting

Beoogd 2024

Aanpassing TR 

1.     Verbeteren van de sociale cohesie

-       % tevredenheid over thuis voelen in de gemeente

79,8%

80%

 

 

-       % tevredenheid in klaar staan voor elkaar

58,9%

60%

 

 

-       Aantal wijkbudgetten aangevraagd (t.b.v. buurtactiviteiten)

9

20

10 (2023)

 

-       Aantal burgerinitiatieven

22

70

55 (2023)

 

-       Aantal acties vanuit de wijktafels

39

50

 

 

-       Aantal bewonerscomités

33

50

34 (2023)

2.     Verhogen inzet en eigenaarschap

-       Cijfer betrekken en samenwerken

5.9

6.0

 

 

-       Aantal onderhoudsovereenkomsten met inwoners

15

25

 

 

-       Aantal meldingen ideeën wijk & buurt

12

20

17 (2023)

3.     Verbeteren fysieke aspecten openbare ruimte

-       Cijfer zorg voor woon- en leefomgeving

6.6

6.8

 

 

-       % tevredenheid in schoon en netjes

54,8%

60%

 

 

-       Aantal meldingen afval

381

300

 

 

-       % tevredenheid over geen dingen kapot in openbare ruimte

69,1%

70%

 

 

-       Aantal meldingen civiel openbare ruimte (wegen, riolering, groen, verlichting, voorzieningen)

2779

2500

 

 

-       Aantal duurzame koppelkansen benut in openbare ruimte

*

10

 

4.     Verhogen veiligheid

-       % tevredenheid in veilig in de buurt

89%

90%

 

 

-       % tevredenheid in van overlast buurtbewoners

67%

70%

 

 

-       Aantal initiatieven voor veilige fysieke inrichting

*

5

 

 

-       Aantal meldingen handhaving en overlast (totaal)

1522

1250

 

5.     Verbeteren bereikbaarheid

-       % tevredenheid in verkeersveiligheid

72%

75%

 

 

-       Aantal aanrijdingen met letsel

20

10

 

 

-       Aantal ongevallen met materiele schade

100

50

 

 

-       Aantal meldingen verkeersveiligheid

125

62

 

 

-       Aantal meldingen parkeer- en verkeersoverlast

593

500

 

6.     Stimulering vergroening

-       % tevredenheid in genoeg groen

66,5%

70%

 

 

-       % tevredenheid in onderhoud van groen

49,9%

55%

 

 

-       Aantal meldingen groen

1001

800

 

 

-       Aantal bomen

13.321

13.421

 

 

- Groen van het oppervlak van de gemeente (exclusief agrarisch)

26,3% (2022)

28%

 

* Zaken waar data nu nog ontbreekt, maar dit nader wordt onderzocht.

1.5 Investeringen

Terug naar navigatie - Investeringen

In de volgende tabel zijn de mutaties op de investeringen van programma 1 opgenomen.

 

Begroot Wijziging Nieuw begroot Krediet omschrijving Toelichting - Besluit 
€ 50.000 € 25.000 € 75.000 24 Shovel

Marktonderzoek wijst uit dat het budget verhoogd moet worden.

Besluit: Krediet met € 25.000 verhogen.

€ 99.000 - € 17.000 € 82.000 24 Houten brug Commandeurstraat

Begroot bedrag te hoog ingeschat.

Besluit: Krediet met € 17.000 verlagen.

€ 33.000  € 17.000 € 50.000 24 Houten brug Koningspark

Begroot bedrag te laag ingeschat.

Besluit: Krediet met € 17.000 verhogen.

€ 0

€ 100.000

 

€ 100.000 24 Fiets en wandelroute Markt Geertruidenberg

Verbeteren verkeersveiligheid voor het langzaamverkeer conform extra opdracht vanuit de raad.

Besluit : Nieuw krediet opnemen van € 100.000.

€ 19.732 - € 19.732 € 0 20 Onderkomen zeeverkenners Mafeking.

Met het besluit van 14 maar 2024 is een nieuw krediet beschikbaar gesteld voor de nieuwbouw op een andere locatie. Het huidige (voorbereidings) krediet voor de verbouwing op van de loods aan de Statenlaan kan hiermee komen te vervallen.

Besluit: Krediet met € 19.732 verlagen en krediet afsluiten.

€ 1.000.000 - € 1.000.000 € 0 24 Reconstructie Kruising Stationsweg - Gasthuisstraat  -Plantsoen

Het reeds beschikbaar gestelde krediet van €1.000.000 t.b.v. de reconstructie van de blackspot Gasthuisstraat-Stationsstraat-Plantsoen in te trekken. In een RIB is nadere informatie verstrekt. 

Besluit: Krediet in te trekken.

€ 0 € 1.000.000 € 1.000.000 24 reconstructie van de blackspot Maasdijk-Collegeweg

Een krediet van €1.000.000 t.b.v. de reconstructie van de blackspot Maasdijk-Collegeweg beschikbaar te stellen. In een RIB is nadere informatie verstrekt. 

Besluit : Nieuw krediet opnemen van € 1.000.000.

1.6 Afwijkingen reguliere taken

Terug naar navigatie - Afwijkingen reguliere taken

In onderstaande tabel worden de belangrijkste afwijkingen op de meerjarenbegroting 2024-2027 toegelicht. In beginsel worden afwijkingen toegelicht wanneer het bedrag groter is dan € 25.000. Indien er sprake is van afwijkingen lager dan  € 25.000 maar van politiek bestuurlijke importantie worden deze afwijkingen eveneens toegelicht. 

Afwijkingen lager dan € 25.000, zuiver administratieve mutaties of budgettair neutrale mutaties, zijn wel opgenomen in de begrotingswijziging. 

 

Omschrijving V/N 2024 V/N 2025 V/N 2026 V/N 2027
Plantsoenen en parken: Personeel Mid Zuid
Algemene prijsindexering 9,8% per 1 januari 2024. Verhoging heeft een structureel karakter.
N 79.000 N 79.000 N 79.000 N 79.000
Plantsoenen en parken: Onderhoud Gazons
Verhoging uitvoeringskosten maaien gazons en bloemrijk gras. 2024 incidentele verhoging € 50.000 en vanaf 2025 structureel verhoging € 128.000.
N 50.000 N 128.000 N 128.000 N 128.000
Saldo van de opgavemutaties > 25.000 N 129.000 N 207.000 N 207.000 N 207.000
Saldo van de opgavemutaties < 25.000 V 71.000 V 91.000 V 91.000 V 91.000
Totaal Saldo van de opgavemutaties  N 58.000 N 116.000 N 116.000 N 116.000

 

Programma 2 Opgave Duurzaamheid

2.1 Ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Ontwikkelingen

2.1 Ambitie en strategie 

2.1.1 Ambitie

Onze hoofddoelstelling

De centrale ambitie en hoofddoelstelling van dit programma is: een duurzaam, fossielvrij, circulair en klimaatbestendig Geertruidenberg in 2050 of eerder. Dit programma draagt daarmee bij aan een duurzaam en toekomstbestendig Geertruidenberg. Waar we nu én in de toekomst fijn met elkaar kunnen wonen, werken en recreëren.

 

2.1.2 Strategische doelstellingen

Duurzaamheid is een breed begrip. Als gemeente richten wij ons op vier grote thema’s: 

 

  1. Een energieneutraal en fossielvrij Geertruidenberg in 2050 of eerder
    We werken aan een toekomstbestendig energiesysteem in onze regio. We verminderen onze energiebehoefte door in te zetten op besparing. De energievraag die overblijft vullen we in door duurzame energie op te wekken. 

  2. Alle verplaatsingen in Geertruidenberg zijn in 2050 duurzaam     
    We stimuleren actieve mobiliteit (lopen en fietsen), zorgen voor aantrekkelijk openbaar- en deelvervoer en schakelen om naar elektrische voertuigen of voertuigen op hernieuwbare brandstoffen. 

  3. Een circulair Geertruidenberg in 2050  
    We gooien per inwoner veel minder weg. Het afval dat overblijft scheiden we slim, zodat we het kunnen opwaarderen en hergebruiken als grondstof. We geven het goede voorbeeld en kopen circulair in. We experimenteren met het verbinden van reststromen in de gemeente en zetten in op bewustwording. 

  4. Een klimaatbestendig Geertruidenberg in 2050 of eerder 
    We vergroenen onze gemeente; zo voorkomen we hittestress, herstellen we het ecosysteem en stimuleren we biodiversiteitsherstel. We verbeteren onze bodem- en waterkwaliteit. Ruimte voor ‘groen’ en ‘blauw’ wordt leidend in onze ruimtelijke plannen. We maken onze gemeente klaar voor meer extreme weersomstandigheden.

 

2.1.3 Maatschappelijke effecten

Deze vier thema's zien we als de programmalijnen voor het programma duurzaamheid. Per programmalijn formuleren we een aantal maatschappelijke effecten die we willen bereiken:

 

  1.  Een energieneutraal en fossielvrij Geertruidenberg in 2050 
    a. Een toegankelijk, duurzaam en toekomstbestendig energiesysteem 
    b. 33% warmtebesparing t.o.v. 2018 in 2050, 15% in 2030
    c. 100% van de verbruikte energie wordt duurzaam opgewekt in 2050

  2.  Alle verplaatsingen in Geertruidenberg zijn in 2050 duurzaam     
    a.    Een volledig dekkende oplaadinfrastructuur
    b.    Meer deelvervoer en daarmee minder auto’s
    c.    Duurzame voertuigen (elektrisch en waterstof) zijn de norm
    d.    Per fiets en te voet is zo aantrekkelijk mogelijk                                                                                                                                                                                                                                                                                        
  3.  Een circulair Geertruidenberg in 2050 
    a.    100% hergebruik primaire grondstoffen in 2050, 50% in 2030
    b.    Geen restafval meer in 2050, maximaal 30 kg in 2030
    c.    50% minder gebruik primaire grondstoffen in 2030

  4.  Een klimaatbestendig Geertruidenberg in 2050 of eerder 
    a.    Herstel ecosysteem en biodiversiteit
    b.    Geen hittestress én wateroverlast in 2050 
    c.    Vergroende omgeving, meer m2 groen van hoogwaardigere kwaliteit t.o.v. 2023
    d.    Verbeterde luchtkwaliteit t.o.v. 2023

 

2.1.4 Afbakening
In dit programma beperken we ons tot de vier genoemde hoofdthema’s: energietransitie, duurzame mobiliteit, circulaire economie en klimaatbestendigheid. Leidend voor dit programma is het overzicht op de volgende pagina (figuur 2) 

 

Er zijn andere inhoudelijke thema’s en beleidsvelden die direct te maken hebben met het thema duurzaamheid of er nauw mee verwant zijn. Projecten en inspanningen in dit programma zorgen wellicht voor effecten op andere thema’s, zoals gezondheid en leefbaarheid. En voor het behalen van doelen in dit programma zijn wij bijvoorbeeld afhankelijk van keuzes die gemaakt worden in ruimtelijke ordening en beheer. In hoofdstuk 3.4 gaan wij verder in op de relatie en overlap met andere beleidsthema’s 

 

 

2.2 Aanpak

De transitie naar een toekomstbestendige en duurzame gemeente kenmerkt zich door onzekerheden en is per definitie niet te vangen in een blauwdruk of vastomlijnd stappenplan. Geertruidenberg is, net als andere gemeenten, volop aan het leren en experimenteren hoe zij haar duurzame doelen gaat realiseren. We gaan zo doelmatig mogelijk aan de slag, maar we weten ook dat een transitie niet lineair verloopt. Dit programma geeft aan wat er nodig is om dat iteratieve proces van een transitie aan te gaan, met de kennis van vandaag. Het houdt rekening met ontwikkelingen, onzekerheden en afhankelijkheden van andere partijen. Het gaat uit van de lokale sterktes van Geertruidenberg en focust op wat wij nu kunnen en moeten doen om de transitie naar een duurzame gemeente te versnellen. We richten ons op de maatregelen en activiteiten die de meeste impact hebben. En kijken wat we op korte termijn kunnen doen om de transitie naar een duurzame gemeente op lange termijn zo gemakkelijk mogelijk te laten verlopen. 

 

De aanpak zoals hierboven beschreven is nog steeds van kracht. Het centrale vertrekpunt voor alle maatregelen en activiteiten die we treffen zijn de onderstaande programmalijnen, waarbij dus altijd een afweging wordt gemaakt ten aanzien van de meerwaarde voor de strategische doelen en maatschappelijke effecten. 

 

2.2.1 Programmalijnen

 

1.    Energietransitie

De energietransitie bestaat op hoofdlijnen uit twee onderdelen: de omschakeling van fossiele brandstoffen naar duurzame energiebronnen en het verminderen van onze energiebehoefte. Deze twee onderdelen zijn allebei een grote uitdaging, maar hangen wel nauw met elkaar samen. We behandelen ze daarom onder één programmalijn, maar werken wel aparte doelen en projecten uit. 

 

Naar een toekomstbestendig energiesysteem 
De omschakeling van fossiele brandstoffen naar duurzame energiebronnen bestaat uit een aantal stappen: 

-    Het duurzaam opwekken van energie, bijvoorbeeld met zonnepanelen;
-    Het aanpassen van de huidige energie infrastructuur naar een toekomstbestendige infrastructuur, waaronder de uitfasering van aardgas; 
-    Het opslaan van energie om de ongelijktijdigheid van vraag en aanbod te kunnen regelen.

 

Afgelopen jaren hebben we in Geertruidenberg al hard gewerkt om dit mogelijk te maken. Er liggen steeds meer zonnepanelen op onze daken en op het water en we hebben in de regio nieuwe plannen gemaakt voor de energietransitie in de RES 1.0. Komend jaar werken we toe naar de RES 2.0 waarin we alle ontwikkelingen op gebied van elektriciteit en warmte meenemen. 


In de uitvoering van de energietransitie lopen we tegen een aantal complexe knelpunten aan. Het belangrijkste probleem is netcongestie in de regio. De opgave om energieneutraal te worden is daardoor een stuk moeilijker geworden. Dat betekent dat we niet alleen met ambitie, maar ook met realisme moeten kijken naar de energietransitie. Grootschalige duurzame energie opwek is op dit moment moeilijk. Geertruidenberg zet daarom in op het mogelijk maken van de elektriciteitsinfrastructuur, die door het Amerknooppunt van landelijk belang is. Daarnaast kan de gemeente het ondanks de beperkingen op het elektriciteitsnet al wel in beleid schetsen onder welke voorwaarden grootschalige opwek en opslag mogelijk is. Zo spelen we in op de situatie waarbij de knelpunten op het elektriciteitsnet opgelost zijn. 

 

Kortom: komende jaren bouwen we hard aan het energiesysteem van de toekomst en maken we de weg vrij om onze duurzame energie opwek vanaf 2027 enorm op te schalen. 

 

Energie besparen in de gebouwde omgeving 
De meest duurzame energie is energie die je niet gebruikt. Daarom zetten we fors in op energiebesparing. Het grootste deel van deze besparing realiseren we door het isoleren van woningen en bedrijfsgebouwen. Op het gebied van warmte is de doelstelling duidelijk: uiterlijk in 2050 worden alle gebouwen in de gemeente duurzaam verwarmd zonder fossiel gas. Een ambitieuze opgave, want het merendeel van de gebouwen gebruikt op dit moment nog aardgas voor ruimteverwarming, warm water, koken, of voor bedrijfsprocessen. Als regisseur van de warmtetransitie jaagt de gemeente de komende jaren verdere stappen aan naar een toekomstbestendige gebouwvoorraad. Dat betekent isoleren en besparen, zowel gemeente breed als gebiedsgericht via buurtuitvoeringsplannen, en de overstap naar aardgasvrije warmtealternatieven faciliteren. Uitgangspunt daarbij is dat maatregelen die worden genomen en het alternatief voor aardgas technisch en financieel haalbaar is voor alle inwoners en ondernemers.

 

Voor de slechter geïsoleerde woningen zetten we een lokale isolatiesubsidie op, zodat we een flinke slag kunnen maken. Ook gaan we door met het verduurzamen we ons eigen gemeentelijk vastgoed, zodat wij als gemeente het goede voorbeeld geven. In de besparingsopgave trekken we samen op met onze realisatiepartners om plannen en ambities goed op elkaar af te stemmen en geen kans voor verduurzaming onbenut te laten.

 

 

Nr.

Inspanningen

Bijdrage strategische doelen

Realisatie voortgang

Realisatie financiën

1.1

 Toekomstbestendig energiesysteem

 Energietransitie

 

 

1.2

 Energiebesparende maatregelen

 Energietransitie

 

 

1.3

 Duurzaam opwekken van energie

 Energietransitie

 

 

1.4

 Warmtenet

 Energietransitie

 

 

 

Voor wat betreft de Energietransitie wordt dagelijks invulling gegeven aan de hierboven beschreven uitdagingen. De meest in het oog springen zijn de onderliggende zaken.

  • Het duurzaam opwekken van energie. Wij stimuleren inwoners en bedrijven om schone energie op te wekken. Als gevolg daarvan liggen steeds meer daken vol met zonnepanelen en zijn warmtepompen steeds meer voorkomend.
  • Het aanpassen van de huidige energie infrastructuur naar een toekomstbestendige infrastructuur. Als kleine gemeente spelen we een grote rol in de regionale energievoorziening op het gebied van elektriciteit. Met de ontwikkelingen in de netcongestie, aanlanding van wind op zee en waterstof komen steeds meer zaken samen op een klein gebied. Hier zetten wij stevig op in om dit zo goed mogelijk te laten verlopen, waarbij de leefbaarheid van de gemeente gewaarborgd blijft. Ook zijn we actief in de eerste inventarisaties voor gasvrije wijken. 
  • Het besparen van energie. Vanuit het Rijk zijn meerdere subsidies beschikbaar om mensen te stimuleren isolatiemaatregelen te nemen in huis. Het isoleren van een huis is altijd wenselijk, omdat hiermee energie bespaart wordt dat niet te hoeft worden opgewekt.

 

2.   Duurzame Mobiliteit

 

Om te komen tot een fossielvrije gemeente moeten we ook werken aan andere manier van vervoer. Duurzame mobiliteit kan grofweg opgeknipt worden in twee delen: deel- & openbaar vervoer en infrastructuur. Onder deel- en openbaar vervoer valt alles van de bus tot deelfietsen en –auto’s. En onder infrastructuur valt alles van fietspaden tot oplaadinfrastructuur. 

 

De meest duurzame mobiliteit is geen mobiliteit, of in ieder geval die vorm waarvoor je geen motorvoertuig nodig hebt. Daarom zetten we ten eerste in op verplaatsingen met de personenauto verminderen, door fietsen, openbaar vervoer en wandelen aantrekkelijker te maken. We inventariseren de knelpunten, pakken deze aan en verbeteren onze fietsinfrastructuur waar mogelijk. Dit alles komt terug in het gemeentelijke mobiliteitsplan. Daarnaast stimuleren we openbaar vervoer en deelvervoer, het liefst zo snel mogelijk fossielvrij. Hierdoor worden verplaatsingen efficiënter, omdat we meer mensen met minder voertuigen van A naar B kunnen brengen. De autoverplaatsingen die vervolgens nog nodig zijn, maken we zo duurzaam mogelijk door duurzaam rijden te faciliteren en stimuleren. 

 

Afgelopen jaren hebben we in Nederland een enorme groei aan elektrische auto’s gezien. Ook in Geertruidenberg verwachten we een verdere toename van het aandeel elektrisch rijders. Dit willen wij stimuleren en zeker niet afremmen door een beperkt aanbod laadpalen in de publieke ruimte. We bewegen mee met de vraag naar reguliere laadpalen; we plaatsen bij aanvragen van bewoners en hanteren daarin de ladder van laden. Als we zien dat het aanbod achter blijft bij de vraag plaatsen we ook proactief, dus zonder bewonersaanvraag, extra laadpunten. Bovendien stimuleren we aankomende jaren ondernemers in onze gemeente om over te stappen op duurzame mobiliteit – bijvoorbeeld door hun eigen wagenpark te verduurzamen. We geven het goede voorbeeld en pakken in de komende jaren ook ons eigen wagenpark aan. 

 

 

Nr.

Inspanningen

Bijdrage strategische doelen

Realisatie voortgang

Realisatie financiën

 2.1

 Deelmobiliteit

 Duurzame mobiliteit

 

 

 2.2

 Elektrische laadinfrastructuur

 Duurzame mobiliteit

 

 

 2.3

 Voorzieningen openbaar vervoer

 Duurzame mobiliteit

 

 

 2.4

 Fietsnetwerk 

 Duurzame mobiliteit

 

 

 

In 2023 hebben we aan de activiteiten rondom duurzaamheid geen prioriteit gegeven. We zijn voornemens om in 2024 enkele inspanningen zoals hierboven beschreven op te pakken. Om daarmee ook concrete stappen te gaan zetten in Duurzame Mobiliteit. Wel zijn we op dit moment reeds actief met de laadpalenvoorzieningen voor elektriciteit op publieke plekken. 

 

3.    Circulaire Economie

 

We verbruiken momenteel veel meer grondstoffen dan onze planeet beschikbaar heeft en de behoefte naar grondstoffen blijft groeien.  De huidige onbalans in grondstoffenverbruik is niet oneindig vol te houden. Daarom werkt Nederland toe naar een volledig circulaire economie in 2050, met als tussendoel 50% minder verbruik van primaire grondstoffen in 2030. In een circulaire economie worden materialen en producten die nu nog als afval worden gezien, hergebruikt. Zo hebben we minder of geen nieuwe grondstoffen nodig. De nationale doelen en maatregelen zijn vastgelegd in het Nationale Programma Circulaire Economie. 

 

De opgave om van een lineaire naar een circulaire economie te komen, is een enorme uitdaging. We gaan naar een economisch systeem van gesloten kringlopen waarin grondstoffen, onderdelen en producten hun waarde zo min mogelijk verliezen. Dit doen we door in bestaande productieprocessen efficiënter gebruik te maken van grondstoffen, en als nieuwe grondstoffen nodig zijn, deze zoveel mogelijk duurzaam en hernieuwbaar te produceren. Bovendien is het belangrijk productiemethodes te ontwikkelen op basis van circulair ontwerp. Deze efficiënte en duurzame inzet van grondstoffen is noodzakelijk om de klimaatdoelen te halen. 

 

In Geertruidenberg passen we ons afvalbeleid aan: we gaan meer en efficiënter afval scheiden. Dat maakt het hergebruik en opwaarderen van ‘afval’ makkelijker. We gebruiken nieuwe normeringen, ontwikkelen een financiële prikkel, maar zetten ook zachte instrumenten in als bewustwordingscampagnes. Daarnaast zetten we circulariteit centraal in ons inkoopbeleid en stimuleren we ondernemers in onze gemeenten gebruik te maken van elkaars afvalstromen. 

 

Nr.

Inspanningen

Bijdrage strategische doelen

Realisatie voortgang

Realisatie financiën

 3.1

 Duurzaam inkoop- en aanbestedingsbeleid

 Circulariteit

 

 

 3.2

 Scheiden van afval bij particulieren

 Circulariteit

 

 

 3.3

 Circulaire bedrijfsvoering

 Circulariteit

 

 

 

Op het gebied van circulariteit zijn we op meerdere aspecten actief. Ten eerste zetten we voor de afval bij particulieren in op zo hoog mogelijke scheidingspercentages, omdat hiermee  de grondstoffen die hieruit voortkomen kunnen worden hergebruikt. De invoer van Diftar in 2025 gaat hier een grote rol in spelen, maar ook alle voorzieningen om dit mogelijk te maken spelen hierin een grote rol. We hebben nog een slag te slaan in de uiteindelijke afvalverwerking, hetgeen voorbij de wettelijke taken rijkt.

 

Verder stimuleren we bedrijven om na te denken over een andere bedrijfsvoering, waarin producten en afval op een andere manier een rol krijgen. Door demontabele of biobased producten te gebruiken ontstaan andere waardeketens. Afval van bedrijven loopt in de basis niet via de gemeente, maar we zijn aan het onderzoeken of we hier positieve bijdrages kunnen leveren. De insteek is dat de bedrijven van elkaar leren, waardoor meer inzicht en handelingsperspectief ontstaat. Een écht circulaire economie is een proces van de lange adem. 

 

We zijn ons inkoop- en aanbestedingsbeleid aan het herzien. Hierin krijgt duurzaamheid en circulariteit een prominente rol, waardoor circulariteit ook voor alle activiteiten van de gemeente getoetst wordt. 

 

4.    Klimaatbestendigheid 

 

Naast bijdragen aan het beperken van klimaatverandering is er ook een noodzaak ontstaan om ons voor te bereiden op het nu al veranderende klimaat. We zien hier steeds meer praktijkvoorbeelden van in Nederland. Van snikhete zomers, tot overstromingen in Limburg. Vanuit het Nationaal Deltaprogramma en de Nationale Adaptatiestrategie komt Nederland in beweging om onze leefomgeving aan te passen aan veranderende weers- en landschapsomstandigheden. De grote uitdaging hierbij is dat de voordelen van klimaatadaptieve maatregelen niet altijd tot direct meetbare of monetair aantrekkelijke resultaten leiden. Dus hoewel de noodzaak voor klimaatadaptatie steeds groter wordt en de maatregelen vaak de leefomgeving verfraaien, is het altijd de vraag hoeveel maatregelen ‘genoeg’ zijn. De klimaatscenario’s van het KNMI leveren hierin elke ca. 10 jaar nieuwe inzichten over de mate van hevige regenval, stormen, hitte, droogte en kans op overstroming waar Nederland mee te maken krijgt.

 

Om deze veranderende en meer extreme weersomstandigheden het hoofd te bieden, vergroenen we komende jaren onze gemeente. Meer groen zorgt voor verkoeling bij hitte en betere afwatering bij zware regen. We zorgen ook voor voldoende waterberging, dat weer helpt bij droogte. Bovendien zorgt meer groen ook voor een fijne ervaring van de publieke ruimte. Daarbij is het wel belangrijk dat we onze ‘menselijke’ kijk op groen bijstellen. In plaats van alleen de kijken naar de esthetische waarde van groen (een mooi gemaaid grasveld, leuke bloemen), moet de functie van het groen centraal staan. Natuurlijke processen moeten weer leidend worden. Dat betekent bijvoorbeeld dat we geen planten meer aanplanten op esthetische waarde, maar dat we inheemse, streekeigen planten aanbrengen om het ecosysteem te herstellen. Ook bij het beheer van het groen wordt de functie van het groen centraal gesteld. We maken vergroening leidend in onze ruimtelijke inrichting en stellen een Duurzame Inrichting Openbare Ruimte (DIOR) op. Duurzame inrichting van onze gemeente biedt ook kansen om biodiversiteit in Geertruidenberg te herstellen. We maken dit expliciet in een soortenmanagement plan. Dit plan omvat een aanpak voor de gebouwgebonden soorten maar ook een plan voor biodiversiteitsherstel. Het ecosysteem denken wordt daarin leidend. Tot we een DIOR hebben, pakken we geplande werkzaamheden aan als kans en kijken we waar we deze nu al kunnen verduurzamen.

 

 

Nr.

Inspanningen

Bijdrage strategische doelen

Realisatie voortgang

Realisatie financiën

 3.1

 Biodiversiteit stimuleren

 Klimaatneutraal

 

 

 3.2

 Klimaatadaptieve openbare ruimte

 Klimaatneutraal

 

 

 3.3

 Vergroenen van gemeente

 Klimaatneutraal

 

 

 3.4

 Watoverlast voorkomen

 Klimaatneutraal

 

 

3.5

Hittestress verminderen

Klimaatneutraal

 

 

 

Voor het klimaatbestendig maken van de gemeente lopen meerdere sporen. Allereerst willen we inwoners stimuleren om klimaatadapatief te handelen, hiervoor hebben we verschillende initiatieven in het leven geroepen. Waaronder een 'Groen voor grijs dag', NK Tegelwippen, Geveltuintjes subsidie en Klimaatsubsidie. Ook wordt gewerkt aan een waterloket, om mensen online meer inzicht te verschaffen over de mogelijkheden. 

 

Daarnaast proberen we als gemeente zelf ook zo goed mogelijk klimaatadaptief te handelen. Hiervoor wordt o.a. een training klimaatadaptie aangeboden aan een grote groep medewerkers. Maar ook worden projecten nu al op klimaatadaptieve wijze uitgevoerd. Denk daarbij aan waterdoorlatende parkeerplaatsen, gescheiden rioolstelsels en het aanleggen van meer groen. Met de totstandkoming van DIOR wordt dit verder gestandaardiseerd. Ook worden jaarlijks meer bomen geplant om hittestress tegen te gaan en de gezondheid te bevorderen. Om het perspectief op dit onderwerp te vergroten is met het 'Omgevingsprogramma Groen' nieuw beleid ontwikkelt. 

Tot slot proberen we voor dit onderwerp ook samenwerkingsverbanden aan te gaan met stakeholders die ons kunnen helpen in de uitvoering.  Dit is onder andere de woningcorporatie, bomenstichting en natuur- en milieufederatie. Daarmee maken we ook buiten onze eigen invloedsfeer stappen. 

 

2.2 Financiële vertaling ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Financiële vertaling ontwikkelingen

Deze paragraaf is de financiële vertaling van het programma voor de jaren 2024 - 2027. NB. Dit zijn dus alleen wijzingen ten opzichte van eerdere begrotingen en de kadernota. Voor het programma duurzaamheid is dit de invulling van de eerder genoemde PM post uit de Voorjaarsnota.

 

Programmalijnen: 
1. Energietransitie
2. Duurzame mobiliteit
3. Circulaire economie
4. Klimaatbestendigheid

 

Pr.


 

Programmalijn

Omschrijving Programmalijn

Begroting 2024

V/N

Toelichting 


 

P2

1.1

Ontwikkelen energiesysteem van de toekomst

80.000

Geen afwijking  

P2

1.2

Opstellen en uitvoeren Wijkuitvoeringsplannen Warmtetransitie

30.000

Geen afwijking  

P2

1.3

Permanente informatie- en bewustwordingscampagne

 18.500

Geen afwijking  

P2

1.4

Herijking duurzaamheidsprogramma

0

Geen afwijking  

P2

2.1

Faciliteren deelmobiliteit* 

(* 20.000 wordt gedekt uit de Vrije algemene reserve in 2024 en 2025)

0

Geen afwijking  

P2

2.2

Investeren (fiets)oplaad infrastructuur

 15.000

Geen afwijking  

P2

3.1

Stimuleren circulariteit

15.000

Geen afwijking  

P2

4.1

Opstellen DIOR*

(*50.000 wordt gedekt uit de Vrije algemene reserve in 2024)

0

Geen afwijking  

P2

4.2

Herstel biodiversiteit en ecosysteem inclusief instandhouding

75.000

Geen afwijking  

P2

 

Totaal mutaties

233.500

   

 

2.3 Toelichting op de tabel

Terug naar navigatie - Toelichting op de tabel

1.1 Ontwikkelen energiesysteem van de toekomst
Eén van de belangrijkste pijlers van de energietransitie is het energiesysteem, oftewel alle elektriciteits- en warmtevoorzieningen. Geertruidenberg is en blijft een belangrijk knooppunt van beide voorzieningen. Op dit moment is er schaarste op het elektriciteitsnet. Om deze voorziening op korte termijn weer toegankelijk te maken en te houden voor de toekomst, zetten we sterk in een toekomstbestendig systeem. Onder andere TenneT en Enexis ondernemen veel initiatieven die in onze gemeente landen: om dit goed te kunnen begeleiden en inwoners op een goede manier te kunnen blijven voorzien van informatie, maken we €30.000,- per jaar vrij. In 2024 zetten we ons samen met partners in om alle projecten ook ruimtelijk goed te laten landen, hier maken we eenmalig €50.000,- voor vrij.

Op dit onderwerp zijn we dagelijks actief. Vanuit de Powerport Moerdijk worden we daarbij ondersteund door een bureau, hier is inmiddels opdracht toe verleend. In de loop van het jaar zijn nog meer soortgelijke inspanningen voorzien. 

 

1.2 Opzetten en uitvoeren Wijkuitvoeringsplannen Warmtetransitie
De warmtetransitie stopt niet in 2024. Daarom begroten we vanaf 2024 jaarlijks €30.000,- voor het opstellen en uitvoeren van warmteplannen. Daarmee helpen we buurtgericht inwoners stap voor stap met het aardgasvrij maken van hun woning. 

Deze werkzaamheden zijn inmiddels uitgevoerd en de bijbehorende plannen zijn opgeleverd. 

 

1.3 Permanente bewustwordings- en informatiecampagne gemeentebreed energie
We merken dat steeds meer mensen bewuster om gaan met energie en maatregelen willen nemen. Een goed teken en een signaal dat o.a. de bewustwordingscampagnes werken. Daarom willen we deze breder opzetten en aanvullen met een permanente informatiecampagne: we merken dat inwoners behoefte hebben aan meer en gerichter informatie over bijvoorbeeld subsidies en maatregelen willen hebben. Daar maken we structureel €25.000,- per jaar voor vrij.

Dit verloopt naar verwachting en uitgaven verlopen gelijkmatig over het jaar. 

 

1.4 Herijking duurzaamheidsprogramma
Iedere vier jaar herijken we het duurzaamheidsprogramma; omdat we vooruit willen kijken, nemen we daarvoor alvast éénmalig 30.000 euro voor op in 2027. 

N.v.t. 

 

2.1 Faciliteren buurtmobiliteit
Vrijwel alle vervoersmiddelen in Nederland staan het meerendeel van de tijd stil. Dit is zonde van de ruimte en materialen die nodig zijn voor de bouw van dergelijke middelen. Het delen van mobiliteit neemt in het hele land een flinke vlucht: in Geertruidenberg willen we dit ook mogelijk maken. Samen met inwoners en ondernemers ontwikkelen we een (of meer) deelvervoer-concept waarmee we het aantal auto’s terugdringen. Hiervoor maken we in 2024 en 2025 incidenteel €20.000,- vrij.

Deze werkzaamheden zijn nog niet gestart. Wel wordt op dit moment invulling gegeven aan het stuk capaciteit, waarna hier aan het eind van het voorjaar mee gestart kan worden. 

 

2.2 Investeren in (fiets)oplaadinfrastructuur
Elektrisch rijden wordt steeds populairder, zowel de aantallen elektrische auto’s als fietsen, scooters en andere vervoersmiddelen nemen fors toe. Om ervoor te zorgen dat we dit op een goede manier kunnen blijven faciliteren, maken we structureel €15.000,- vrij. 

Deze werkzaamheden zijn nog niet gestart. Wel wordt op dit moment invulling gegeven aan het stuk capaciteit, waarna hier aan het eind van het voorjaar mee gestart kan worden. 

 

3.1 Stimuleren circulairiteit
Grondstoffen worden steeds schaarser en het winnen van nieuwe grondstoffen belast het milieu. Om die redenen zetten we steeds meer in op hergebruik van materialen en denken we bij het ontwerpen van nieuwe producten van te voren al na over het hergebruik ná de levensduur. Om onze bedrijven hierin te steunen én zelfs te werken aan een circulair (afval)systeem, maken we structureel €30.000,- per jaar vrij. 

Een eerste initiatief van een bedrijf op Dombosch heeft inmiddels plaatsgevonden en is door ons ondersteund. Naar andere initiatieven wordt gezocht, om bedrijven daarmee het beoogde steuntje in de rug te geven. 

 

4.1 Opstellen DiOR
Eén van de grote speerpunten in het programma duurzaamheid, is de Duurzame Inrichting van de Openbare Ruimte (DIOR). Dit traject start al in 2023. In 2024 worden vervolgens de uitvoeringsprogramma’s opgesteld. Om ervoor te zorgen dat deze uitvoeringsprogramma’s op een duurzame manier worden opgesteld en uitgevoerd, maken we eenmalig €50.000,- vrij. Hiermee geven we als gemeente niet alleen het goede voorbeeld op het gebied van groen/blauwe inrichting, maar pakken we hittestress en wateroverlast aan en herstellen we tegelijkertijd delen van het ecosysteem en onze biodiversiteit. 

Dit traject kent doorlopende werkzaamheden en dit verloopt naar wens en volgens verwachting. Een extern bureau ondersteund ons bij deze werkzaamheden. 

 

4.2. Herstellen ecosysteem en biodiversiteit
Het herstellen van het ecosysteem en de biodiversiteit start natuurlijk niet pas bij een DIOR. We nemen al stappen door bijvoorbeeld ecologisch beheer toe te passen op de bermen. Maar ook komende jaren kunnen we investeren in meer groen en blauw. Hiervoor maken we structureel €75.000,- per jaar vrij. Dit zetten we o.a. in voor het uitbreiden van de hoeveelheid en kwaliteit van het groen, het in stand houden hiervan op de langere termijn, maar bijvoorbeeld ook bij het verduurzamen tijdens reeds geplande werkzaamheden in de openbare ruimte.

Voor het benodigde perspectief op dit onderwerp was aanvullend beleid nodig. Daarom is in eerste instantie invulling gegeven aan het Omgevingsprogramma Groen, waarbij een extern bureau ons heeft geholpen. Daarnaast is nog voldoende budget over om fysieke maatregelen en kansen te benutten. 

2.4 Beleidsindicatoren

Terug naar navigatie - Beleidsindicatoren
 
 
Programmalijn Beleidsindicatoren Meest recente meting Doelstelling Beoogd 2024 Aanpassingen TR
Energietransitie: fossielvrij en energieneutraal in 2050 % duurzaam opgewekte elektriciteit 11,3% (2021) 100 % van de verbruikte energie wordt duurzaam opgewekt in 2050 12%

 

  % energiebesparing t.o.v. 2018 12,5% (2021) 15% warmtebesparing in 2030, 33% in 2050 13%  12,9% (2022) 
  % aardgasvrije panden 10,6% (2021) Verhoging van het aantal aardgasvrije panden 13%  12,6% (2022)
  Aantal GWh zon op dak 18,0 MWh 21  MWh grootschalig zon op dak in 2030 29 29 MWh (2023)
  Aantal GWh zon op veld 4,0 MWh 24 MWh grootschalig zon op veld in 2030 4  
Duurzame mobiliteit: alle verplaatsingen in Geertruidenberg zijn in 2050 of eerder duurzaam Aantal (semi)publieke laadpunten 205 (mrt-2023) Een volledig dekkende oplaadinfrastructuur 240  220 (febr-2024)
  %geregistreerde elektrische en waterstofvoertuigen t.o.v. totaal 3,8% (2022) Duurzame voertuigen (elektrisch en waterstof) zijn de norm 6%   5,8% (2023)
Circulariteit: een circulair Geertruidenberg in 2050 of eerder Huishoudelijk restafval in kg/inwoner/jaar  107 kg/inw (2023) Terugdringen hoeveelheid fijn en grof huishoudelijk restafval naar 30 kg per inwoner per jaar in 2030.  100  
  Scheidingspercentage huishoudelijk afval  75% (2023) Tenminste 90% afvalscheiding in 2030 77%  
  Percentage gerecycled huishoudelijk afval            67% (2023) Tenminste 90% afvalscheiding in 2030 70%  
  %CO2-uitstoot t.o.v. 2018 37,3% verlaging (2021) Lagere CO2-uitstoot t.o.v. 2018, 0% in 2050 40%  
 Klimaatbestendigheid: Een klimaatbestendig Geertruidenberg in 2050 of eerder %groen van het oppervlak van de gemeente (exclusief agrarisch) 26,3% (2022) Meer m2 groen van hoogwaardigere kwaliteit in 2027. 28%  
  Blootstelling PM10 en NO2 per m3 lucht PM10: 17,1 (2021) NO2: 14,9 (2021) Verbetering van luchtkwaliteit in 2030

PM10: 15 

NO2: 14

 
 
Wettelijke beleidsindicatoren: 

 

Nr. Taakveld Naam indicator  Jaar Waarde (Jaarrekening 2022) Begroot 2024 Eenheid Bron Beoogd 2024 Aanpassingen TR
33. 7. Volksgezondheid en Milieu Omvang huishoudelijk restafval 2021  grof huishoudelijk restafval kg per inwoner 125 kg/inw CBS 100  107
34. 7. Volksgezondheid en Milieu Hernieuwbare elektriciteit  2021 Percentage bekende hernieuwbare energie 11,3 % Klimaatmonitor 12%  

 

2.5 Investeringen

Terug naar navigatie - Investeringen

In de volgende tabel zijn de mutaties op de investeringen van programma 2 opgenomen.

 

Begroot Wijziging Nieuw begroot Krediet omschrijving Toelichting - Besluit 
€ 174.675 - € 75.544 € 99.131 23 Vervanging mechanisch 2023

Lagere inschrijving, fors lager dan geraamd. Project is gereed en opgeleverd.

Besluit: Krediet met € 75.544 verlagen en krediet afsluiten. 

€ 3.594 € 742 € 4.336 23 Riolering Luiten Ambachtstraat 8 t/m 18

Begroot bedrag te laag ingeschat. 

Besluit: Krediet met € 742 verhogen en krediet afsluiten. Project is gereed.

€ 0 € 10.000 € 10.000 23 Relinen rioolleidingen Dombosch

I.v.m. grote afvoer van een van de aanliggende bedrijven zijn aanvullende maatregelen noodzakelijk geweest om de werkzaamheden uit te kunnen voeren.

Besluit: Krediet met € 10.000 verhogen en project afsluiten.

2.6 Afwijkingen reguliere taken

Terug naar navigatie - Afwijkingen reguliere taken

In onderstaande tabel worden de belangrijkste afwijkingen op de meerjarenbegroting 2024-2027 toegelicht. In beginsel worden afwijkingen toegelicht wanneer het bedrag groter is dan € 25.000. Indien er sprake is van afwijkingen lager dan  € 25.000 maar van politiek bestuurlijke importantie worden deze afwijkingen eveneens toegelicht. 

Afwijkingen lager dan € 25.000, zuiver administratieve mutaties of budgettair neutrale mutaties, zijn wel opgenomen in de begrotingswijziging. 

 

Omschrijving V/N 2024 V/N 2025 V/N 2026 V/N 2027
VTH taken: Omgevingsdienst Midden- en West Brabant
Dit budget betreft de inzet vanuit de OMWB. Voor het werkprogramma 2024 wordt incidenteel €30.034 toegevoegd. 
N 30.000 V 0 V 0 V 0
Saldo van de opgavemutaties > 25.000 N 30.000 V 0 V 0 V 0
Saldo van de opgavemutaties < 25.000 N 75.000 N 100.000 N 100.000 N 100.000
Totaal Saldo van de opgavemutaties  N 105.000 N 100.000 N 100.000 N 100.000

 

Programma 3 Opgave Mens en Zorg

3.1 Ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Ontwikkelingen

3.1 Ambitie en strategie

3.1.1 Ambitie

Onze gemeente kent een goed sociaal beleid. Daarbij stellen we de volwaardige deelname van inwoners aan de samenleving centraal. De gemeente ondersteunt op momenten in het leven dat die deelname moeilijk wordt of niet op eigen kracht mogelijk is. De toenemende problematiek in de samenleving en de oplopende kosten in het sociaal domein zijn een grote zorg. De schaarste op de arbeidsmarkt maakt meer professionele inzet ook steeds lastiger. Het spanningsveld tussen het niveau van voorzieningen en de beschikbare budgetten maakt het noodzakelijk dat we duidelijke keuzes maken. In die keuzes laten we ons leiden door de maatschappelijke vraagstukken die we in onze gemeente zien, de rol(len) die we daarin als gemeente hebben of beogen, en de financiële en organisatorische kaders die ons daarin begrenzen. Verschillende bronnen geven ons zicht op de maatschappelijke vraagstukken die extra aandacht vragen. De ontwikkelingen die al genoemd zijn in het beleidskader sociaal domein zetten door en worden steeds meer voelbaar in de lokale samenleving, de gemeentelijke organisatie en de financiële huishouding.

 

De demografische veranderingen zoals toename van het aantal ouderen en ouderen met dementie, het aantal eenpersoonshuishoudens en het aantal inwoners met een migratie-achtergrond zorgen voor een snelle toename van de diversiteit in de samenleving. Een diversiteit die meer flexibiliteit en inzet vraagt van inwoners, organisaties en de gemeente. Dit geeft extra druk op een samenleving die toch al onder hoogspanning staat. We zien dit bijvoorbeeld terug in de toenemende inzet van jeugdhulp en de aanspraak op WMO-voorzieningen, maar ook in reacties op onze berichtgeving op social media. De afgelopen jaren is de financiële druk bij inwoners meer voelbaar en zichtbaar geworden. Financiële zelfredzaamheid en bestaanszekerheid vraagt nadrukkelijk aandacht in het sociaal beleid.

 

De rol en mogelijkheden van de gemeente bij het oplossen van al deze vraagstukken zijn beperkt. In de kern voert de gemeente een wettelijke taak uit die vooral een garantie biedt op de basisvoorwaarden om mee te kunnen doen in de samenleving. Daarnaast heeft ze vooral een faciliterende en verbindende functie richting de samenleving. Problemen voorkomen, er mee omgaan, ze klein houden of snel oplossen moet gebeuren in en door de samenleving zelf, in een effectief samenspel tussen de inwoner en zijn of haar informele en formele netwerk. Een groot deel van de opdracht ligt dan ook bij de samenleving als geheel. Een opdracht om de weerbaarheid te vergroten, oog te hebben voor elkaar en het initiatief dat in de samenleving aanwezig is te waarderen, te stimuleren en te faciliteren.     

 

Deze samenleving is onze gemeente als geheel, maar wordt ervaren in het eigen dorp, buurt, of vereniging.. Vandaar dat deze opdracht samengaat met extra aandacht voor sociale cohesie en wijkgericht werken. Ook voor de gemeente loopt de financiële druk op. Met name de toenemende, hoge, kosten voor jeugdhulp en WMO-voorzieningen baart ons steeds meer zorgen. De gemeente scoort daarmee té hoog op de landelijke lijsten.  Dat is slecht nieuws voor de betreffende inwoners en hun omgeving, maar ook voor alle andere inwoners, omdat er steeds minder middelen overblijven voor andere onderwerpen die ook aandacht nodig hebben en verdienen. De toenemende inflatie en de herziening van het gemeentefonds maken dat we niet anders kunnen dan ook in het grote budget van dit programma gericht te sturen op een effectievere inzet van minder middelen. Dit betekent dat we de beweging naar voren moeten versterken, en terughoudender moeten zijn in het vertrekken van individuele voorzieningen. Vroeger signaleren, breder kijken, vraagstukken eerder oppakken en oplossen, met minder dwang en escalatie. Met meer aandacht voor preventie, maatwerk en integraliteit en een weloverwogen keuze voor, en balans tussen, collectieve, voorliggende, voorzieningen en geïndiceerde zorg en ondersteuning. In het vertrouwen dat het dan ook minder kost.

 

We zetten in op effectieve en preventieve maatregelen. We stimuleren de vitaliteit onder inwoners. Zowel fysiek, mentaal als sociaal. We proberen met partners schulden te voorkomen en we investeren extra in het perspectief voor jongeren en hun stap naar volwaardige deelname én bijdrage aan de samenleving.  Er ligt dus een flinke opgave die we alleen samen, mét inwoners en partners, op kunnen pakken.

 

Het algemene uitgangspunt van de opgave Mens en Zorg is daarom:

 

Iedereen in de gemeente Geertruidenberg doet naar vermogen mee, en draagt naar vermogen bij. We kijken naar elkaar om en voelen ons verbonden.

 

3.1.2 Strategische doelstellingen 

Binnen de opgave Mens & Zorg zijn strategische doelstellingen geformuleerd waarlangs we de opgave gaan realiseren. Deze doelstellingen zijn gericht op inwoners, de gemeenschap (buurten, verenigingen), professionele organisaties en de gemeente zelf. 

 

1.    Inwoners zijn en blijven vitaal 
Alle inwoners nemen verantwoordelijkheid én initiatief om fysiek, mentaal en sociaal, gezond en fit te blijven, zich te blijven ontwikkelen, weerbaar te zijn en er te zijn voor een ander.

 

2.    Inwoners zijn (financieel) zelfredzamer
Inwoners zijn weerbaarder tegen (financiële) risico’s en veranderingen. Zij worden hierin beter ondersteund met signalering, informatie en begeleiding door betrokken organisaties   
 
3.    Meer sociale cohesie in de lokale samenleving 
De kernen van de gemeente Geertruidenberg zijn sociale, toegankelijke, veilige en initiatiefrijke gemeenschappen van inwoners en informele en formele organisaties waar iedereen bij hoort en gezien wordt.

 

4.    Eerder erbij en een gezamenlijke en integrale aanpak
Professionele expertise wordt effectief en doelmatig ingezet ín én met de leefwereld van inwoners: vroegtijdig, zo kort als nodig, gericht op (eigen) regie, netwerkversterking en integrale ondersteuning.

 

5.    Houdbare basisondersteuning
In dialoog met de samenleving worden beschikbare middelen ingezet, passend bij de ambitie, visie, positie en verantwoordelijkheid van de gemeente, aansluitend op de haalbaarheid bij aanbieders.


Kortom: meer WIJ-k, meer weten, minder zorgen

 

3.1.3 Maatschappelijke effecten

Dat we deze doelstellingen behalen gaat blijken uit maatschappelijke effecten die op moeten treden in de samenleving. Daarop richten zich dan ook de (extra) inspanningen die we de komende jaren gaan doen.
Aan de maatschappelijke effecten worden bij de verdere uitwerking passende beleidsindicatoren gekoppeld.

 

Inwoners zijn en blijven vitaal

  

Alle inwoners nemen verantwoordelijkheid én initiatief om fysiek, mentaal en sociaal, gezond en fit te blijven, zich te blijven ontwikkelen, weerbaar te zijn en er te zijn voor een ander.

 

Ze anticiperen op te verwachten volgende levensfasen, en op onverwachte levensgebeurtenissen. Leiden een bewust en verantwoordelijk leven. Ze hebben zorg voor hun fysieke, mentale en sociale vitaliteit, en bieden die  ook aan een ander. De doelen en activiteiten gaan over bewegen, actief zijn, uitnodigend, liefdevol en openstaan. Inwoners voorbereiden en bewustmaken van huidige en volgende levensfasen. 
Pro-actief inzetten op bewustwording, o.a. als Dementievriendelijke gemeente. 

 

Ook bij inwoners die desondanks afhankelijk zijn of worden van zorg en niet in staat zijn om zelf, zonder begeleiding, zelfredzaam te zijn wordt ernaar gestreefd  (waar mogelijk) toe te geleiden naar zelfredzaamheid en het lerend vermogen en talenten van personen te blijven benutten.

 

Te behalen maatschappelijke effecten zijn met name: 

1.    Inwoners leven bewuster gezond 
2.    Inwoners zijn actief en voelen zich mentaal gezond  
3.    Inwoners participeren zo vroeg en lang mogelijk 
4.    Inwoners anticiperen op volgende levensfases 

 

Inwoners zijn (financieel) zelfredzamer 

 

Inwoners zijn weerbaarder tegen (financiële) risico’s en veranderingen. Zij worden hierin beter ondersteund met signalering, informatie en begeleiding door betrokken organisaties.  

 

Dit is heel actueel. De bestaanszekerheid staat voor een steeds grotere groep inwoners onder druk. Er is expliciet aandacht nodig op bestuurlijk en strategisch niveau. Inspanningen richten zich onder meer op kansengelijkheid voor kinderen, armoedebestrijding, integrale schuldhulpverlening, de inzet van budgetcoaches en de ontwikkeling van een structureel vangnet. De beheersing van de Nederlandse taal en de omgang met digitale media is een essentiële basisvoorwaarde voor participatie en zelfredzaamheid en krijgt ook extra aandacht. 

 

Te behalen maatschappelijke effecten zijn met name: 

1.    Inwoners participeren zo vroeg en lang mogelijk
2.    Inwoners melden eerder het (mogelijk) ontstaan van problematische schulden 
3.    Maatschappelijk partners leveren een actievere bijdrage aan vroegsignalering

    

Meer sociale cohesie in de lokale samenleving 

 

De kernen van de gemeente Geertruidenberg zijn gastvrije, toegankelijke, veilige en initiatiefrijke gemeenschappen van inwoners en informele en formele organisaties waar iedereen erbij hoort en gezien wordt.

 

Inspanningen richten zich met name op de dialoog met inwoners en partners, het stimuleren maatschappelijke initiatieven. De bewustwording rondom de inzet van het sociaal netwerk, initiëren van zorg in de wijk en het stimuleren vrijwilligerswerk/ vrijwillige inzet. Zicht op de benodigde sociale infrastructuur als het gaat om ontmoeten en activiteiten.

 

Maatschappelijke effecten zijn : 

1.    Inwoners participeren zo vroeg en lang mogelijk
2.    Maatschappelijke initiatieven krijgen hun waarde
3.    Inwoners leveren een maatschappelijke bijdrage
4.    Maatschappelijk partners leveren een actievere bijdrage aan vroegsignalering

 

Eerder erbij en een gezamenlijke en integrale aanpak

 

Professionele expertise wordt effectief en doelmatig ingezet ín én met de leefwereld van inwoners: vroegtijdig, zo kort als nodig, gericht op (eigen)regie, netwerkversterking en integrale ondersteuning.

 

Meer aandacht voor (dreigende) financiële problemen en laaggeletterdheid. Laagdrempelige ondersteuning in de wijk. Toegangsloketten voor vrij toegankelijk zorg zijn bekend en goed bereikbaar. Meenemen van maatschappelijke partners in missie en visie. Kwetsbare inwoners eerder in beeld krijgen.

 

Maatschappelijke effecten zijn :

1.    Inwoners melden eerder het (mogelijk) ontstaan van problematische schulden 
2.    Maatschappelijk partners leveren een actievere bijdrage aan vroegsignalering 
3.    De gemeentelijke toegang is laagdrempelig en gericht op zelfredzaamheid 
4.    Gelijke kansen voor kinderen en jongeren om talenten te ontwikkelen

    

Houdbare basisondersteuning

 

In dialoog met de samenleving worden beschikbare middelen ingezet, passend bij de ambitie, visie, positie en verantwoordelijkheid van de gemeente, aansluitend op de haalbaarheid bij aanbieders.

 

Iedere inwoner met een vraag is geholpen met een goed en snel antwoord waar hij of zij mee verder kan. Als die vraag niet in de eigen omgeving beantwoord kan worden is het belangrijk dat inwoners direct met hun vraag bij een professional terecht kunnen en gelijk het goede, brede, gesprek kunnen voeren. En, indien er naast de eigen inzet en die van het persoonlijke netwerk, ondersteuning vanuit de gemeente nodig is, deze snel, makkelijk en op maat beschikbaar komt. Dit betekent dat zowel de wijze van het toekennen van ondersteuning als de aard van de ondersteuning zelf meer toegespitst kunnen worden op de behoeften/vraag van de inwoner. Inspanningen zijn onder meer gericht op het ontwikkelen van de basisondersteuning, het her-inrichten van Welzijn en doorontwikkeling loket (W)WIZ/wijkteam/CJG.

 

1.    Maatschappelijke initiatieven krijgen hun waarde 
2.    De gemeentelijke toegang is laagdrempelig en gericht op zelfredzaamheid 
3.    Gebruik van voorzieningen is gebaseerd maatwerk

 

3.1.4 Afbakening

Dit programmaplan richt zich op uitvoering van de opgave Mens en Zorg en de ontwikkelingen die daarvoor nodig zijn. Dit betreft de uitvoering van een aantal specifieke projecten én ontwikkelingen binnen reguliere taken. De uitvoering van de reguliere taken zelf valt niet binnen het kader van dit programma, maar wordt aangestuurd vanuit de lijn (clustermanagement). 

 

3.2 Aanpak

3.2.1 Programmalijnen

In overleg met bestuurlijk opdrachtgevers zijn de volgende speerpunten bepaald die als programmalijnen worden ingevuld:

 

Programmalijn

Bijdrage strategische doelen

Realisatie voortgang

Realisatie financiën

1.Bewust (samen)leven

 

Inwoners zijn & blijven vitaal.

Meer sociale cohesie.

   

2.Werken met talent

 

Inwoners zijn (financieel) zelfredzamer.

Houdbaarheid basisondersteuning.

   

3.Gelukkig opgroeien

 

Eerder erbij en een gezamenlijke en integrale aanpak.

Houdbaarheid basisondersteuning.

   

4.Financieel zelfredzaam

 

Inwoners zijn (financieel) zelfredzamer.

Eerder erbij en een gezamenlijke en integrale aanpak.

   

5.Vrije inloop

Eerder erbij en een gezamenlijke en integrale aanpak.

Houdbaarheid basisondersteuning.

   

6.Ondersteunend 

Ontwikkeling nieuw subsidiebeleid 2025.
Ontwikkeling wijkgericht werken (i.a.m. programma leefbaarheid).
Realisatie Monitor Mens en Zorg.

   

 

De activiteiten in de verschillende programmalijnen zijn goed op gang gekomen. In het eerste kwartaal is juist ook de verbinding tussen de lijnen nadrukkelijker gezocht en focus en prioriteit  aangebracht binnen het programma. En daarmee ook in de concrete planning voor 2024. Dit heeft ertoe geleid dat er veel prioriteit wordt gegeven aan het project Omgekeerd werken (Vrije inloop), implementatie stevig lokaal team (programmalijn 3) en de realisatie van de MFA Hooipolder en het bijbehorende participatietraject.  De realisatie van het nieuwe subsidiebeleid en de monitor Mens en Zorg heeft vertraging opgelopen. Hierop wordt geanticipeerd met extra inzet waarvoor extra middelen worden gevraagd. 

 

Samen geeft dit 6 programmalijnen

Binnen iedere programmalijn worden in het volgende hoofdstuk resultaten, activiteiten en middelen gedefinieerd. Per resultaat wordt aangeven of er een organische of projectmatige aanpak wordt gevolgd.  

 

Aanpak

Het programma is opgebouwd langs 5 inhoudelijke programmalijnen en 1 ondersteunende programmalijn

In dit hoofdstuk wordt iedere programmalijn inhoudelijke toegelicht en wordt de te volgen aanpak uitgewerkt in activiteiten. Ook is aangegeven wanneer welk resultaat verwacht wordt in de komende jaren.

Voor de komende vier jaar worden de doelen, inspanningen en resultaten weergegeven. Waar nodig worden de aannames uit de strategie hier verder geconcretiseerd. Ook de samenhang tussen de doelen (bijvoorbeeld de onderlinge strijdigheden, raakvlakken of overlappingen) krijgen aandacht. In de uitvoering en de bepaling van de benodigde middelen is de rol van gemeente in de verschillende activiteiten van belang. De rollen die we onderscheiden zijn: Regisseur, facilitator, uitvoerder, verbinder, financier.

 

Programmalijn 1 : Bewust (samen)leven

Strategische doelen / Operationele doelstellingen 

  • Inwoners zijn & blijven vitaal 
  • Meer sociale cohesie
  • Gezondheidsachterstanden/ verkleinen gezondheidsverschillen
  • Toegenomen deelname aan georganiseerde activiteiten 
  • Meer initiatief vanuit inwoners
  • Meer vrijwilligers in informele netwerken

 

De programmalijn focust zich op het versterken van de weerbaarheid en het zelfoplossend vermogen van inwoners. Enerzijds door gezonder te leven en, waar mogelijk, tijdig te anticiperen op levensgebeurtenissen. Anderzijds door het stimuleren van “meer omkijken naar elkaar”. Het creëren van een klimaat waarin vragen makkelijker op tafel komen, we ervaringen delen en waar nodig de weg wijzen. 

 

We zetten daarbij  in op een brede aanpak die gericht is op de risico’s factoren voor het ontstaan van  gezondheidsachterstanden waaronder financiële druk, laaggeletterdheid (onderwijs, scholing), overgewicht, eenzaamheid, overbelasting door mantelzorg en het voorzieningenniveau in de wijk. 

 

Actief (kunnen) zijn in de gemeenschap is een belangrijke succesfactor. We stimuleren daarom activiteiten van en tussen inwoners. We zorgen dat inwoners (meer) worden uitgedaagd om te bewegen en kiezen voor gezonde opties. We verbeteren de mogelijkheden voor inwoners om elkaar laagdrempelig te ontmoeten, te ontspannen en elkaar te helpen. We vergroten de sociale cohesie door de sociale basis te versterken.  Onder de sociale basis wordt verstaan: vrij toegankelijke formele en informele activiteiten en voorzieningen gericht op het elkaar ontmoeten en ondersteunen, ontplooien en ontspannen die zorgen dat mensen kunnen samenleven en meedoen.  

 

Dit vraagt aandacht voor wijkgericht werken (oriëntatie op de 4 wijken Geertruidenberg, Raamsdonk en Raamsdonksveer –Noord en –Zuid ) en om de functie van het verenigingsleven hierin te erkennen, te stimuleren en te waarderen, zoals beschreven staat in het Actief-Akkoord.

 

 De inrichting en vormgeving van een wijk heeft invloed op de gezondheid en leefstijl van bewoners. Het bepaalt mede in hoeverre mensen bewegen, elkaar ontmoeten en activiteiten kunnen ondernemen. Gezien de vergrijzing en klimaatverandering is dit nog belangrijker geworden. Om gezondheidsachterstanden te verkleinen, is het daarom essentieel dat wij (de gemeente) de fysieke omgeving zo inrichten dat het gezond en actief leven bevorderd. Dit wordt daarom een onderdeel zijn van het uitvoeringsplan/ project ‘actief gezond in Geertruidenberg’.

 

We zetten in op de doorontwikkeling van buurtsport, zodat we de gezondheidsverschillen kunnen verkleinen. We willen sport en cultuur inzetten als preventief middel zowel voor de fysieke als de sociale component.. We zetten in op de doorontwikkeling van buurtsport, en willen we sport inzetten als preventief middel zowel voor de fysieke als de sociale component. 

 

In het eerste deel zijn  een aantal concrete resultaten behaald die direct bijdragen aan de doelstelling. Er zijn nieuwe afspraken gemaakt over de inzet en doorontwikkeling van Buurtsport. Sport Service Noord-Brabant is daarnaast gestart met het project Valpreventie. Met de lancering van Welzijn op Recept dragen we bij aan sociaal maatschappelijke oplossingen voor hulpvragen van inwoners in plaats van medische. Met de start van de website Geertruidenbergvoorelkaar.nl is een online marktplaats gerealiseerd voor vrijwilligerswerk en vrijwillige inzet.  We bevorderen hiermee de maatschappelijke bijdrage en participatie van inwoners. De website is gelanceerd tijdens de feestelijke en drukbezochte dag van de vrijwilliger. 

 

Programmalijn 2 : Werken met talent

Strategische doelen / Operationele doelstellingen 

  • Inwoners zijn (financieel) zelfredzamer
  • Houdbaarheid basisondersteuning 
  • Alle inwoners hebben, ongeacht hun verdiencapaciteit, de mogelijkheid voor een zinvolle daginvulling
  • Meer inwoners maken gebruik van, een ruimer aanbod van, vrij toegankelijke dagbesteding  
  • Lokale organisaties en bedrijven bieden meer werkervaringsplekken (plekken van ontmoeting en diversiteit)   
  • Er is een fysieke locatie in de gemeente waar de verbinding WMO-participatie duurzaam is gelegd en waar verschillende vormen van participeren samenkomen en elkaar aanvullen en stimuleren.  

De weg naar participatie in onze gemeente is versnipperd en daardoor onvoldoende effectief. Het gevolg hiervan is dat de kosten hoog zijn en er, veelal individuele, voorzieningen worden beschikt die niet voldoende effectief zijn. Dit leidt ertoe dat de talenten van inwoners onvoldoende worden aangesproken en zij daardoor minder in staat zijn om zich te ontwikkelen, een zinvolle bijdrage te leveren aan de samenleving en/of te voorzien in een eigen inkomen.  De waarborg voor participatie vraagt expliciete aandacht op bestuurlijk en strategisch niveau. 

We leggen een stevigere verbinding tussen de WMO (begeleiding), participatie en inburgering waardoor een brede participatie en effectievere integratie plaatsvindt. Een bredere of veelzijdigere participatie op terreinen die bijdragen aan de persoonlijke ontwikkeling, het welzijn van anderen of maatschappelijke doelen gaat samen met een hoger individueel welzijn en andersom.  Het uitgangspunt daarbij is dat je altijd iets zinvols kunt doen in de gemeente en dat je dat vooral samen doet met anderen op een toffe plek. Je groeit daarvan als persoon, zet stappen op de participatieladder en levert een maatschappelijke bijdrage. 

We verleggen de focus op (standaard) individuele begeleidingstrajecten naar de verbreding van het aanbod voor vrij –toegankelijke (lokale) dagbesteding/ werkervaringsplekken, vooral door groepen op verschillende “treden” te mixen zodat inwoners voor elkaar van meerwaarde kunnen zijn.  

De beheersing van de Nederlandse taal en de omgang met digitale media is een essentiële basisvoorwaarde voor participatie en zelfredzaamheid. Inwoners die laaggeletterd zijn kunnen niet volwaardig deelnemen aan de samenleving; door de digitalisering e.d. wordt de afstand voor hen alleen maar groter en bestaat op termijn een risico op het ontstaan van problemen. We zetten daar extra op in, ook voor de doelgroep NT2. (Nederlands als 2e taal)

Het vraagt een diepgaander onderzoek naar de huidige situatie en behoeften om beter te begrijpen wat inwoners nu weerhoudt om te participeren en wat daarvoor nodig is. Dit kan leiden tot een verdere doorontwikkeling van de dienstverlening van MidZuid, en tot het beschikbaar komen van nieuwe initiatieven. Het project “op pad” heeft tot doel een concrete plek te realiseren die tevens als voorbeeld kan dienen. 

 

De afgelopen periode is vooral gebruikt om de bestaande regelingen op het gebied van inkomen en participatie tegen het licht te houden en te actualiseren naar aanleiding van veranderende wetgeving. Hierbij wordt ook gekeken naar de doelmatigheid van de regelingen.

Voor wat betreft de ontwikkeling wordt nu gefocust op het realiseren van laagdrempelige ontmoetingspunten en vrij toegankelijke dagbesteding. We combineren dit met de ontwikkeling van de MFA Hooipolder en bereiden daarvoor een bredere inzet van de Schelf voor. 

 

Programmalijn 3: Gelukkig opgroeien

Strategische doelen / Operationele doelstellingen 
•    Eerder erbij en een gezamenlijke en integrale aanpak 
•    Houdbaarheid basisondersteuning
•    Vermindering inzet jeugdhulp (in verhouding tot andere gemeenten)
•    Minder kinderen (onder de 18 jaar) die middelen of alcohol gebruiken
•    Minder kinderen en jongeren voelen zich eenzaam
•    Meer positieve berichtgeving van opgroeien in gemeente Geertruidenberg
•    Periodieke gesprekken voor input van jongeren zelf

 

Jongeren in gemeente Geertruidenberg liggen onder een vergrootglas. Dat heeft meerdere oorzaken: door het hoge percentage van jongeren die jeugdhulp krijgen, de cijfers over alcoholgebruik onder jongeren en cijfers over de (zware) mentale problemen bij de jeugd, zorgen voor een negatief beeld. Daarnaast staat de jeugd op afstand, en is het voor beleidsmakers lastig om erachter te komen wat jongeren zelf willen. 

 

Bovendien is het beeld dat veel jongeren over het leven hebben –mede ontstaan door sociale media-, niet realistisch en staat de mentale gezondheid van steeds meer jongeren onder druk. Door de Coronacrisis is dit nog versterkt. 
Dit versterkt elkaar, de beeldvorming wordt niet beter en de kosten voor de jeugdhulp blijven stijgen. Middels deze programmalijn willen we een trendbreuk forceren in zowel de beeldvorming, de omgang met jongeren én willen we –waar dat kan- jongeren vroegtijdig helpen, om grotere problemen te voorkomen en/ of te verminderen.

 

Wanneer we kijken naar de jeugd dan willen we dat iedere jongere, ongeacht afkomst, kwetsbaarheid of  beperking, op de eigen manier in de samenleving kan floreren en zich kan ontwikkelen tot die veerkrachtige zelfredzame volwassene. Hierin spelen talentontwikkeling en kansengelijkheid een grote rol. We willen voorkomen dat jeugd in de knel komt, en al eerder inspelen op signalen. We hebben leuke jeugd en hebben als  samenleving een verantwoordelijkheid om hen positief te benaderen, in staat te stellen om hun talenten te ontwikkelen en hun plek in de samenleving in te nemen. Dat begint met jongeren serieus te nemen en hen echt te zien en te ontmoeten. Je bent zoals je bent, en dat is oké. 

 

Dat vraagt om een samenleving die jongeren uitdaagt en kansen biedt zich optimaal doorlopend te ontwikkelen en ook om een samenhangend en sluitend vangnet voor die keren dat het door omstandigheden niet lukt. Waarbij het normaliseren van een mindere periode belangrijk is, en er enkel professionele hulp wordt ingezet als dit nodig is. Of juist vasthoudend wordt gehandeld als er sprake is van generatie-problematiek. Op dit moment is het huidige beleid nog te versnipperd en onvoldoende afgestemd om dit te realiseren. Doelstelling is om tot een integrale aanpak te komen die de geschetste samenleving mogelijk maakt. 

 

Er wordt extra inzet gepleegd op de gelijke kansen voor kinderen en jongeren. We doen dit vooral ook samen met kinderen, jongeren en hun ouders/verzorgers. De dialoog met jongeren krijgt extra aandacht. We zetten in op jongerenparticipatie en de inzet van ervaringsdeskundigheid. 

 

In 2023 stelt het college het uitvoeringskader jeugd vast, waarin integraal gekeken wordt naar opgroeiende jongeren in onze gemeente. Onderdeel van dit uitvoeringskader is dat er in 2024 een onderzoek wordt gedaan naar of en zo ja hoe het voorliggend veld binnen het jeugddomein versterkt kan worden, rekening houdend met de opstart van projecten zoals Opgroeien in een Kansrijke Omgeving en de doorontwikkeling van het jongerenwerk en buurtsportcoaches.”

 

Het onderwijs vervult, als 2e leefomgeving van kinderen, een belangrijke rol in het leven van kinderen en jongeren. We investeren extra in de samenwerking met onderwijs, met name gericht op het voorkomen of terugdringen van onderwijsachterstanden. Daarnaast zetten we in op versterking en verbreding van de maatschappelijke functie van, met name basisscholen, in hun directe omgeving. 

 

We werken aan een nieuw regionaal jeugdstelsel dat de oplopende inzet van jeugdzorg moet remmen door te zorgen dat ondersteuning eerder, lichter en makkelijker beschikbaar is én inwoners en professionals beter accepteren dat hobbels bij het leven horen. Dit vraagt een grote lokale inzet die zich richt op preventie en interne ontschotting waardoor duurzamere oplossingen worden gecreëerd. De deelname aan het landelijk project “OKO” (Opgroeien in een kansrijke omgeving) gaat helpen om dit effectief te doen.   

 

Het centrum voor jeugd en gezin (CJG) , dat de gemeente Geertruidenberg deelt met Drimmelen, vervult een belangrijke functie in het jeugdlandschap en is, daarmee, zelf ook onderwerp van verandering. Er ligt een nadrukkelijke opdracht om meer in de leefwereld van kinderen, jongeren en hun ouders aanwezig te zijn en breder aan te sluiten op de onderliggende vragen én mogelijkheden van het gezinssysteem en hun informele en formele netwerk. Met de uitvoering van al deze maatregelen verwachten we de komende jaren een inverdieneffect op de inzet van jeugdhulp. 

 

Een veilige thuisbasis en leefomgeving is cruciaal voor het gelukkig opgroeien van kinderen en jongeren. We investeren in de sociale veiligheid voor en rond kinderen. Dit doen we onder meer door eerder te signaleren en  de weerbaarheid van jongeren te versterken.  

 

Er zijn veel lokale en regionale ontwikkelingen op deze uitgebreide programmalijn. Inmiddels is gestart met het project Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (OKO). Er komt specifieke data beschikbaar en partners worden geïnteresseerd om in het project te participeren. Dit als opmaat naar een eerste grote netwerkbijeenkomst die voor de zomer plaatsvindt. De uitkomsten van het rekenkameronderzoek naar jongeren en middelengebruik ondersteunt de inzet van OKO.  De regionale samenwerking in de jeugdregio WBO ontwikkelde zich de afgelopen periode moeizaam. Het blijkt regelmatig lastig om elkaar met 5 gemeenten goed te vinden en stakeholders goed mee te nemen in de realisatie van de regiovisie en het strategie. Er is inmiddels bestuurlijk en ambtelijk intensief in elkaar geïnvesteerd. De verwachting is dat de nieuwe afspraken die hierbij gemaakt zijn de basis voor samenwerking hebben versterkt.  Er is een onderzoek geweest naar de invulling en start van het stevig lokaal team per 1-1-2025. Het voorstel daarvoor wordt op korte termijn voorgelegd aan het college en raad.  Onderdeel daarvan is de versterking van de sociale basis. Dit sluit goed aan op de nieuwe meerjarige educatieve agenda waaraan met het onderwijsveld invulling wordt gegeven.  Het project jongerenparticipatie is vanwege capaciteitsgebrek nog niet gestart. Inmiddels is extra capaciteit aangetrokken en kan de projectaanpak worden voorbereid. 

Veel activiteiten doen we samen met de gemeente Drimmelen waarmee we een bredere samenwerking in het sociaal domein verkennen. 

 

Programmalijn 4: Financieel zelfredzaam 


Strategische doelen / Operationele doelstellingen 

  • Inwoners zijn (financieel) zelfredzamer
  • Eerder erbij en een gezamenlijke en integrale aanpak 
  • Inwoners melden zich eerder en vaker (bij welzijn) met vragen over geld en administratie
  • Er ontstaan minder vaak (nieuwe) schulden
  • Inwoners waarderen de dienstverlening van de gemeente 

 

We constateren een toenemende financiële druk en onzekerheid bij inwoners. De bestaanszekerheid komt de komende jaren voor een steeds grotere groep inwoners onder druk te staan. De gemeente Geertruidenberg heeft de afgelopen jaren verschillende maatregelen genomen om te ondersteunen bij de bestaanszekerheid als er (te) weinig inkomen in het gezin is om bijvoorbeeld kinderen te laten sporten of om schulden bij inwoners te voorkomen of af te handelen. Er ontbreekt echter al langere tijd een stevige inhoudelijke basis die richting geeft en samenhang biedt voor meer duurzame aanpakken en oplossingen. 

 

Ondertussen vinden er grote landelijke ontwikkelingen plaats qua wetgeving waardoor de urgentie om deze basis te maken ook vanwege externe druk steeds groter wordt. Binnen de programmalijn Financieel zelfredzaam wordt dit kader gecreëerd waarmee zowel invulling wordt gegeven aan de verander(en)de wetgeving als aan de eigen ambitie van de gemeente. Binnen dit kader is aandacht voor kansengelijkheid voor kinderen, armoedebestrijding en integrale schuldhulpverlening. Inspanningen richten zich op:  

 

  • Bevorderen van het welzijn en de inclusie van mensen in armoede
  • Meer preventie van geldzorgen
  • Het tegengaan van geldzorgen door ervoor te zorgen dat alle kinderen en jongeren, financiële kennis, vaardigheden en competenties ontwikkelen
  • Het voorkomen van (oplopende) schulden door het taboe te doorbreken    

 

Maatschappelijke partners in de omgeving van de inwoners vervullen een belangrijke rol door tijdige signalering van betalingsachterstanden en het geven van informatie.  Zodra er sprake is van schulden moet er een efficiënt en eenduidig verloop van de schuldhulpverlening zijn die de druk op de inwoner en zijn of haar omgeving waar mogelijk verkleint. We investeren in de ontwikkeling van integrale schuldhulpverlening, waaronder de inzet van budgetcoaches, en het realiseren van een structureel vangnet. 

 

In de eerste maanden van dit jaar heeft het uitvoeringskader Financiële zelfredzaamheid invulling gekregen. Dit is onder andere gebeurd in twee goed bezochte werkbijeenkomsten met maatschappelijk partners.   Met de opgehaalde ideeën en het afgegeven commitment wordt het uitvoeringskader nu afgerond en voorgelegd aan de raad  als aanloop naar de daadwerkelijke realisatie. In het bijbehorende  jaarplan wordt gefocussed op versterking van de vroegsignalering waarvoor extra middelen worden gevraagd in de Turap.   

 

Programmalijn 5: Vrije inloop

Strategische doelen  / Operationele doelstellingen

  • Eerder erbij en een gezamenlijke en integrale aanpak
  • Houdbaarheid basisondersteuning            
  • Afname van dure (WMO) hulp
  • Het is er druk, er gebeurt wat
  • Tevreden mensen over de gemeente
  • Partners willen er graag bij horen 
  • Huis van de gemeente, 1 gemeenschapshuis 
  • Hotspot, fysiek ontmoetingsplekken in iedere wijk.

 

De gemeente Geertruidenberg werkt al een aantal jaren aan een “optimale toegang”.  Een plek waar je als inwoner binnenloopt met je vraag en met een goed antwoord of oplossing naar buiten gaat. 
Ondanks alle aandacht en investeringen die er gedaan zijn zien we een versnipperde, suboptimale werkwijze die gericht is op het inzetten van (veelal geïndiceerde) voorzieningen. Zowel binnen de gemeentelijke organisatie zelf, als in de afstemming met maatschappelijk partners zoals met name welzijn. De beoogde integraliteit en zelfwerkzaamheid die we zowel voor de vraag als het aanbod nastreven wordt met de huidige inrichting niet gerealiseerd. In de landelijke monitors valt Geertruidenberg op door de hoge inzet van (gestapelde) WMO-voorzieningen per inwoner. 

 

In de programmalijn “Vrije inloop” gaan we naar een volledig andere inrichting. Het uitgangspunt is een laagdrempelige inloop (fysiek, maar ook online) waar een inwoner, al dan niet toevallig, binnenloopt en daar in een gastvrije omgeving terecht komt waar hij of zij ongedwongen op zoek kan gaan naar informatie of ondersteuning. Desgewenst deelt de inwoner zijn of haar vraag met een aanwezige medewerker.  Als in het gesprek de vraag helderder wordt komt er een kort antwoord, of wordt er een collega bijgehaald die er meer mee kan. Deze medewerkers zijn verbonden aan het wijkteam dat op die plek actief is. De vraag en de eigen mogelijkheden van de inwoner zijn leidend, evenals de mogelijkheden die in de directe omgeving vrij toegankelijk beschikbaar zijn als antwoord op een goed begrepen vraag en behoefte. De inwoners ervaart persoonlijke betrokkenheid van een medewerker die naast hem of haar staat, moeite doet en écht helpt.   

 

Om deze situatie te realiseren gaan de verschillende loketten in onze gemeente zich doorontwikkelen naar een lokaal wijkteam. Het wijkteam is aanwezig op een gastvrije plek van ontmoeting en verbinding. Hier is een brede expertise beschikbaar zodat direct met de goede professional het goede gesprek gevoerd kan worden en passende ondersteuning beschikbaar is. In dit wijkteam werken professionals en vrijwilligers van verschillende moederorganisaties, waaronder de gemeente, samen.  Om deze ingrijpende verandering met partners te realiseren worden specifieke projecten ingericht. 

 

De doorontwikkeling de gemeentelijke toegang en dienstverlening is een belangrijk speerpunt in het programma Mens en Zorg in het kader van kwaliteit én kostenbeheersing.  Het project "Omgekeerd werken" fungeert als hefboom is deze ontwikkeling. Inmiddels is de definitiefase van dit project nagenoeg  afgerond en is er een goed inzicht in de huidige werkwijze, in de ambitie die we als gemeente hebben, en wat de veranderopgave is die voorligt. Het project "pilot generalistisch wijkteam" heeft bijgedragen aan de verbinding tussen de gemeentelijke uitvoering en maatschappelijk werk op het gebied van SOZA/Inkomen. Dit project wordt geëvalueerd om de vervolgstappen te bepalen. Er is een sterke relatie met het project "Stevig lokaal  team"(programmalijn 3). De komende periode worden de uitkomsten van deze projecten bij elkaar gebracht in een samenhangende implementatiestrategie. 

 

Programmalijn 6 : Ondersteunend 

Strategische doelen / Operationele doelstellingen 

  • Meer sociale cohesie
  • Eerder erbij en een gezamenlijke en integrale aanpak 
  • Houdbaarheid basisondersteuning          
  • Monitor Mens en Zorg beschikbaar begin 2024    
  • Subsidiebeleid 2025 tijdig gerealiseerd en geïmplementeerd 

Over verschillende programmalijnen heen is er een ontwikkeling op een drietal onderwerpen die vooral ondersteunend zijn aan de vijf inhoudelijke lijnen. Deze onderwerpen zijn: 

 

Monitor Mens en Zorg

Voor veel strategische doelen en maatschappelijke effecten ontbreekt de (structurele) data om een goede inschatting van de huidige situatie te maken, en dus ook om concrete, specifieke en realistische doelen te stellen.  Zeker preventie vraagt meer zicht op kwetsbare inwoners en maatschappelijke vraagstukken en het, continu, in beeld brengen van de resultaten die behaald worden. De komende jaren kunnen we rekenen op veel landelijke middelen die beschikbaar komen voor tal van maatschappelijke vraagstukken. Om deze effectief in te zetten is het noodzakelijk om betere cijfers te krijgen over vraag, aanbod en productie van zorg en ondersteuning. We investeren in de monitoring en effectmeting van onze inspanningen door een passend en relevante monitor Mens en Zorg te ontwikkelen.

 

Ontwikkeling wijkgericht werken 

Veel ontwikkelingen in het programma hebben het nodig om dichter bij de leefwereld van inwoners te komen en daar ontmoeting, verbinding en initiatief te laten ontstaan of de ruimte te geven. Hiervoor willen we wijkgericht werken verder ontwikkelen en de vier wijken van onze gemeente (Geertruidenberg, Raamsdonk en Raamsdonksveer Noord- en Zuid) structureler gaan gebruiken als schaal om sociaal-maatschappelijk beleid op te ontwikkelen en uitvoering op te organiseren. Dat geldt ook voor andere programma’s.  Vandaar dat hiervoor een integrale aanpak en afstemming met het programma Leefbaarheid is gemaakt. Het programma Leefbaarheid is hierbij in de lead. 

 

Subsidiebeleid 2025

Recent heeft een evaluatie van het subsidiebeleid plaatsgevonden als opmaat naar het nieuwe subsidiebeleid dat in 2025 van kracht moet worden. Aangezien de meeste subsidies worden verstrekt binnen het programma Mens en Zorg maakt dit project onderdeel uit van dit programma, ook al is eerder afgesproken dat het subsidiebeleid en daarvoor op te stellen verordening en beleidsregels voor de hele organisatie gelden. 
Inhoudelijk moet het nieuwe subsidiebeleid zorgen voor meer sturing op maatschappelijke rendement, het extra stimuleren van maatschappelijk initiatief, en het eerlijker en transparanter inzetten van subsidiemiddelen. Ook in relatie van andere vormen van ondersteuning door de gemeenste, zoals via het evenementen- of accommodatiebeleid.

Deze drie onderwerpen worden als projecten in het programma opgenomen onder de programmalijn “Ondersteunend”.  

 

Sinds de start van het programma Mens en Zorg komt er steeds meer data over het sociaal domein beschikbaar. De bedoeling is dat deze informatie de komende periode structureel beschikbaar komt voor de betrokkenen, in samenhang wordt gebracht en gekoppeld wordt aan de operationele  en strategische doelen van het programma. Dit laatste vraagt specifieke expertise.  De afgelopen periode is de behoefte intern geïnventariseerd. Op korte termijn wordt de benodigde expertise gecontracteerd en komt een eerste prototype van een monitor Mens en Zorg beschikbaar. Deze wordt gecombineerd met een nieuwsbrief Mens en Zorg waarmee structureel praktisch info en achtergrond informatie over het sociaal domein . 

 

Wijkgericht werken is de afgelopen periode nadrukkelijker in beeld gekomen vanuit het perspectief van wijkvoorzieningen.  Hoewel er in de verschillende wijken het nodige gebeurt heeft de gemeente geen kader voor de aanwezigheid van sociaal- maatschappelijke voorzieningen op wijk-niveau. In relatie tot "langer thuis in de wijk", het nieuwe subsidie/ accommodatiebeleid en de discussie over maatschappelijk vastgoed is een dergelijk kader wel van belang. Met het programma Leefbaarheid wordt hiervoor een projectopdracht opgesteld. 

 

De realisatie van het nieuwe subsidiebeleid heeft door personele problemen vertraging opgelopen. Inmiddels is dit opgelost en wordt een bijgewerkte planning voorgelegd. Aangezien zorgvuldigheid voorop staat wordt een langere overgangsperiode genomen voor de implementatie om onzekerheid bij de subsidie-ontvangers zoveel mogelijk te voorkomen .  Er zijn extra middelen opgenomen in de Turap om de tijdige realisatie te waarborgen  

 

3.2 Financiële vertaling ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Financiële vertaling ontwikkelingen

In onderstaande tabel staan de  ontwikkelingen/veranderingen t.o.v. voorgaande begrotingen/de kadernota.

 

Pr.

Programmalijn

Omschrijving Programmalijn

Begroting 2024

V/N

Toelichting 

P3

1

Bewust samenleven

255.000  

 

P3

2

Werken met talent

0  

 

P3

3

Gelukkig opgroeien

226.000 N=92.000

 

P3

4

Financiële zelfredzaamheid

0  

 

P3

5

Vrije inloop

13.000  

 

P3

6

Ondersteunend

10.000 N=78.000

 

P3

Inkomsten gezond en actief leven akkoord

 

484.000 V=78.000

 

P3

 

Totaal mutaties*

0

N=92.000

 

 

* Het nadeel van € 92.000 is verwerkt in de mutaties van de Turap 2024-1 

3.3 Toelichting op de tabel

Terug naar navigatie - Toelichting op tabel

1.1 Bewust samenleven
We versterken de informele zorg, mantelzorg en het vrijwilligersbeleid, samen met Surplus. Samen met huisartsen en Surplus gaan we Welzijn op recept inzetten, ook wordt een vrijwilligerswinkel gerealiseerd. Projecten die gaan lopen zijn het project "Actief gezond" waarbij bijvoorbeeld een ketenaanpak voor kinderen met overgewicht wordt opgezet. Een ander groot project binnen deze programmalijn is de visie MFA Hooipolder, oftewel de ontwikkeling van het scholeneiland naar een multifunctionele accommodatie in samenhang met basisonderwijs, wijkcentrum en gymzaal/sporthal waarbij ook burgerparticipatie zal worden toegepast.
 
2.1 Werken met talent
We integreren inburgering in reguliere voorzieningen samen met Vluchtelingenwerk en Surplus. De visie op Mid-Zuid zien we als spin-off voor de bredere visie op participatie. Projecten die zullen worden uitgevoerd zijn "Brede participatie" waarbij een inventarisatie wordt gedaan van de ontwikkelingen op het gebied van wetgeving, samen met een lokale beleidsevaluatie. We experimenteren met het Project "Op pad", waarbij we vrij toegankelijke dagbesteding willen realiseren inclusief een fysieke pilotlocatie. 
 
3.1 Gelukkig opgroeien
We versterken de meerjarige samenwerking met primair en voortgezet onderwijs en kinderopvang door realisatie Lokale Educatieve Agenda (LEA). (o.a. effectieve  invulling voorschoolse educatie (VVE) en  onderwijsachterstandenbeleid (OAB). Het Centrum Jeugd en Gezin wordt doorontwikkeld en het jongerenwerk versterkt door te richten op betere dialoog met jongeren, aanwezigheid in de buurt en ketensamenwerking. Projecten waaraan gewerkt wordt zijn de implementatie van het strategieplan WBO, samen met gemeente Drimmelen. Hierbij versterken we de lokale sociale basis en werken aan de doorontwikkeling van een sterk lokaal team. Het project "realisatie uitvoeringskader jeugd" richt zich op de beheersing/reductie van de inzet van jeugdhulp(kosten). Ook krijgt jongerenparticipatie steeds meer vorm en wordt een preventieaanpak gemaakt met als doel een positieve leefomgeving voor alle jongeren.
 
4.1 Financiële zelfredzaamheid
We gaan aan de slag met het doorontwikkelen van minimabeleid en de kindregeling. Vroegsignalering wordt steeds belangrijker. Inhet project "uitvoeringskader financiële zelfredzaamheid"gaan we aan de slag met het opstellen van een uitvoeringskader en zetten we ervaringsdeskundigen en inwoners in. We ontwikkelen integrale schuldhulpverlening en zetten budgetcoaches in samen met Surplus.
 
5.1 Vrije inloop
We voeren de basisvoorziening welzijn uit zoals het versterken van regie en vrijwillige inzet, samen met Surplus, Theek5 en Thuisvester. Wegaan steeds meer "omgekeerd werken";  van (versnipperd) aanbod naar één brede vraag met een integrale oplossing. We werken aan de verordening sociaal domein en herdefiniëren basisondersteuning.
 
6. Ondersteunend
We werken aan een nieuw subsidiebeleid met nieuwe uitgangspunten waarbij de raad nauw wordt betrokken. We ontwikkelen een monitor Mens en Zorg met periodieke rapportages voor o.a. raad en college. 

3.4 Beleidsindicatoren

Terug naar navigatie - Beleidsindicatoren
Hoe gaan we dat meten?

In het programma Mens en Zorg is het bepalen van passende indicatoren, het bepalen van de nulsituatie en het realiseren van een vaste rapportage en evaluatiecyclus op verschillende niveau’s meegenomen.

 

De set van (structurele en tijdelijke) indicatoren zal zich daarom in de komende jaren verder ontwikkelen en uit kristalliseren. Bij de aanvang van het programma, in september 2023, wordt de onderstaande set gehanteerd:

 

Strategisch doel

Indicatoren 

Meest recente meting

Doelstelling

Beoogd 2024

Aanpassingen TR

Inwoners zijn en blijven vitaal 

% inwoners met overgewicht/obesitas 

(2022)

inwoners 18-64: 60 %

inwoners 65+: 61%

Daling

 

 

 

% inwoners dat kampt met eenzaamheid of depressie  (2022)

Eenzame inwoners 18-64: 48 %

 65+: 52%

Daling

 

 

 

Aantal sociaal maatschappelijke initiatieven vanuit inwoners

 

 

 

 

 

% inwoners dat deelneemt aan georganiseerde activiteiten

 

 

 

 

Inwoners zijn (financieel) zelfredzamer 

% inwoners met problematische schulden 

(2020 en 2022)

Huishoudens met problematische schulden (2020): 6,4%

Inwoners dat een betalingsachterstand had in het afgelopen jaar (2022)

18-64: 10 %

 65+: 3%

Daling

 

 

 

% inwoners met terugkerende schuldenproblematiek 

 

 

 

 

 

Aantal vragen over geld en administratie

 

 

 

 

 

Gemiddelde hoogte van schulden bij melding

 

 

 

 

Meer sociale cohesie in de lokale samenleving 

% sportverenigingen dat inclusief sporten ondersteunt 

 

 

 

 

 

% inwoners dat onvoldoende sociale samenhang ervaart 

 

 

 

 

 

% inwoners dat vrijwilligerswerk doet in georganiseerd verband  (2022)

Niet uitgesplitst naar georganiseerd/ongeorganiseerd:

18-64: 17%

65+ : 27%

 

 

 

 

% inwoners dat vrijwilligerswerk doet in ongeorganiseerd verband 

zie hierboven

 

 

 

 

Tevredenheid van jongeren over leven in de gemeente

 

 

 

 

Eerder erbij en een gezamenlijke en integrale aanpak

% kinderen dat jeugdzorg heeft  (2022)

13,8%

Daling

 

 

 

%/aantal jongeren dat regelmatig middelen gebruikt (2021)

Recent alcohol gedronken: 39%

Recent binge gedronken: 30%

Heeft ooit wiet/hasj gebruikt: 7%

Daling

 

 

 

%/aantal veilig thuis meldingen (2022)

219 meldingen

 

 

 

Houdbare basisondersteuning

Het gebruik van geïndiceerde voorzieningen

 

 

 

 

 

Gebruik jeugdhulp in verhouding tot andere gemeenten

 

 

 

 

 

Gebruik geïndiceerde WMO hulp

 

 

 

 

 

Gebruik van meerdere (m.n. WMO) voorzieningen

 

 

 

 

 

Waardering dienstverlening gemeente door inwoners

 

 

 

 

 

Wettelijke beleidsindicatoren

 

Nr.

Taakveld

Naam indicator 

Jaar

Waarde (Jaarrekening 2022)

Begroot 2024

Eenheid

Bron

Beoogd 2024

Aanpassingen TR

17.

4. Onderwijs

Absoluut verzuim

2020

3,8

2,7

Aantal per 1.000 leerlingen

RBL

 

 

18.

4. Onderwijs

Relatief verzuim

2019

14

13

Aantal per 1.000 leerlingen

RBL

 

 

19.

4. Onderwijs

Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers)

2020

1,51

1,70

% deelnemers aan het VO en MBO onderwijs

Ingrado

 

 

20.

5. Sport, cultuur en recreatie

Niet sporters

2020

52,3

52,3

Gezondheidsenquête (CBS, RIVM)

 

 

21.

6. Sociaal domein

Banen

2020

675,5

654,0

Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd 15 – 65 jaar

LISA

 

 

22.

6. Sociaal domein

Jongeren met een delict voor de rechter 

2020

1

1

% 12 t/m 21 jarigen 

Verwey Jonker Instituut - Kinderen in Tel

 

 

23.

6. Sociaal domein

Kinderen in uitkeringsgezin 

2020

5

5

% kinderen tot 18 jaar

Verwey Jonker Instituut - Kinderen in Tel

 

 

24.

6. Sociaal domein

Netto arbeidsparticipatie

2020

71,4

72,3

% van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking

CBS

 

 

26.

6. Sociaal domein

Werkloze jongeren

2020

1

1

% 16 t/m 22 jarigen

Verwey Jonker Instituut - Kinderen in Tel

 

 

27.

6. Sociaal domein

Personen met een bijstandsuitkering 

2021

188

232

Aantal per 10.000 inwoners

CBS

 

 

28.

6. Sociaal domein

Lopende re-integratievoorzieningen

2021

67

73

Aantal per 10.000 inwoners van 15 – 64 jaar

CBS

 

 

29.

6. Sociaal domein

Jongeren met jeugdhulp

2020

14,2

14,0

% van alle jongeren tot 18 jaar

CBS

 

 

30.

6. Sociaal domein

Jongeren met jeugdbescherming

2020

2

2

% van alle jongeren tot 18 jaar

CBS

 

 

31.

6. Sociaal domein

Jongeren met jeugdreclassering

2019

0,4

0,0

% van alle jongeren van 12 tot 23 jaar

CBS

 

 

32.

6. Sociaal domein

Cliënten met een maatwerkarrangement WMO

2021

990

990

Aantal per 10.000 inwoners

GMSD

 

 

 

3.5 Investeringen

3.6 Afwijkingen reguliere taken

Terug naar navigatie - Afwijkingen reguliere taken

In onderstaande tabel worden de belangrijkste afwijkingen op de meerjarenbegroting 2024-2027 toegelicht. In beginsel worden afwijkingen toegelicht wanneer het bedrag groter is dan € 25.000. Indien er sprake is van afwijkingen lager dan  € 25.000 maar van politiek bestuurlijke importantie worden deze afwijkingen eveneens toegelicht. 

Afwijkingen lager dan € 25.000, zuiver administratieve mutaties of budgettair neutrale mutaties, zijn wel opgenomen in de begrotingswijziging. 

 

Omschrijving V/N 2024 V/N 2025 V/N 2026 V/N 2027
Leerplicht: Regionaal Bureau Leren West Brabant
Actualisatie van de verbonden partij RBL West Brabant naar aanleiding van de begrotingswijziging 2024.
N 38.000 V 14.000 V 14.000 V 14.000
SPUK Brede regeling (Sportbeleid en activering): SPUK Breed
Betreffen SPUK Breed middelen die worden ingezet voor diverse onderwerpen die betrekking hebben op Sportbeleid en activering.
N 153.000 N 153.000 N 132.000 V 0
SPUK Brede regeling (Sportbeleid en activering): SPUK Brede regeling
Betreffen SPUK Breed middelen die we ontvangen van het Rijk.
V 181.000 V 153.000 V 132.000 V 0
G.geb. Zwembaden: Bijdrage exploitanten accommodaties 
Een reëel begroting opgesteld door N.V. Sportfondsen Geertruidenberg, exploitant van de zwembaden, maakt gedegen beheer en exploitatie mogelijk. Dit zorgt voor aantrekkelijke, toegankelijke en veilige zwembaden voor onze inwoners.
N 138.000 N 138.000 N 138.000 N 138.000
Algemene voorzieningen Jeugd: Norm voor Opdrachtgeverschap
De begroting 2024 voor de Norm van Opdrachtgeverschap is nu opgevoerd in de Voorjaarsnota 2024.
N 113.000 N 113.000 N 113.000 N 113.000
SPUK Brede regeling (Samenkracht en burgerpart.): SPUK Breed
Betreffen SPUK Breed middelen die worden ingezet voor diverse onderwerpen die betrekking hebben op Samenkracht en burgerparticipatie.
N 117.000 N 117.000 N 95.000 V 0
SPUK Brede regeling (Samenkracht en burgerpart.): SPUK Brede regeling
Betreffen SPUK Breed middelen die we ontvangen van het Rijk.
V 139.000 V 117.000 V 95.000 V 0
Mens en Zorg PL 6 Ondersteunend: SPUK Breed (salaris)
Betreffen de salariskosten die worden gedekt uit de SPUK breed gelden uit 2023.
N 78.000 V 0 V 0 V 0
Maatschappelijk werk: BCF Subsidie (vh Subs samenw. welzijnsorg. /Trema)
Wegens autonome ontwikkelingen zoals cao-stijging en indexering een incidentele verhoging om de kwaliteit van de basisvoorziening welzijn te borgen. 
N 115.000 V 0 V 0 V 0
Subsidies Sociaal Domein: Projectsubsidies Sociaal Domein
Betreft een foutieve verwerking van het BR 23 ontwikkelbudget dat via de Voorjaarsnota wordt gecorrigeerd.
N 60.000 N 35.000 N 35.000 N 35.000

Noodopvang Vluchtelingen Oekraïne Hoge veer exploitatie: 
Voor de noodopvang van de Oekraïners worden diverse incidentele budgetten opgevoerd vanwege de kosten die gemaakt worden op Het Hoge Veer.

Binnen de exploitatie worden budgetten voor Gas en Electra, Schoonmaak, Inzamel en stortkosten afval, Catering, Aansprakelijkheidsverzekeringen, Buitengewone kosten, Beheerskosten, Inhuur Derden/beveiliging, Leefgeld en Overige leveringen en Diensten. 

N 1.143.000 V 0 V 0 V 0

Noodopvang Vluchtelingen Oekraïne Hoge Veer exploitatie.: Normvergoeding Oekraïne
Vanuit het Rijk wordt een normvergoeding ontvangen per gehuisveste Oekraïner per dag. Vooralsnog wordt tot 1 oktober 2024 rekening gehouden met de vergoeding. Het overschot op de uitvoering wordt evenals eerdere jaren gestort in de reserve Ontheemden (programma 7). 

V 2.000.000 V 0 V 0 V 0

Noodopvang vluchtelingen Oekraïne algemeen:
Naar lasten die in direct verband staan met de opvang in het Hoge Veer hebben we ook nog te maken met algemene kosten zoals Salarissen, Bankkosten, Tolktijd, Bijdrage zwemlessen, Overige leveringen en diensten.

Deze lasten worden eveneens verrekend binnen de reserve Ontheemden.

N 40.000 V 0 V 0 V 0
Opvang Asielzoekers COA, opvang in het Hoge Veer:
Binnen de exploitatie worden de budgetten voor Opvang Asielzoekers COA geraamd op: Catering, inhuur derden, overige leveringen en diensten, buitengewone kosten, salarissen. Vooralsnog worden de uitgaven geraamd gelijk aan de vermoedelijke inkomsten.
N 1.439.000 V 0 V 0 V 0

Opvang Asielzoekers COA, Normvergoedingen COA:

Voor de opvang van Asielzoekers wordt van het rijk een dagvergoeding verstrekt. De inkomsten worden vooralsnog berekend tot 1 oktober 2024. Eventueel overschot of tekort wordt gesaldeerd met de reserve Ontheemden.

V 1.439.000 V 0 V 0 V 0
Opvanglocaties ontheemden: Inhuur derden en Burgerparticipatie
Voor onderzoek en uitvoering van locaties die kunnen worden gebruikt voor de opvang van de Ontheemden en Asielzoekers worden een 2-tal budgetten opgevoerd 
N 36.000 V 0 V 0 V 0
Centrum Jeugd en Gezin Drimmelen Geertruidenberg: GR Drimmelen Geertruidenberg
In 2023 is (vanwege een grote CAO) stijging de lonen van de jeugdprofessionals structureel verhoogd. In de begroting 2024 was deze nog niet opgenomen. Daarom een plus van € 78.150 De jaarrekening van 2023 laat echter een positief resultaat zien. Deze vordering €105.571 is daarom in mindering gebracht op de kosten. 
V 27.000 N 78.000 N 78.000 N 78.000
PW Inkomen: Uitkeringen WWB
In 2023 is het wettelijk minimumloon met ruim 10% verhoogd. De stijging van de uitkeringen is hieraan gekoppeld. Deze verhoging is vervolgens ook van invloed op de andere regelingen (IOAW/IOAZ). De begroting moet hierop worden aangepast. Een daling van het aantal uitkeringsgerechtigden wordt niet verwacht.
N 493.000 N 493.000 N 493.000 N 493.000
PW Inkomen: Uitkering BUIG Bijstand/ inkomensvoorz. 
De voorlopige beschikking 2024 van de BUIG uitkering is aanzienlijk hoger dan begroot. De definitieve beschikking wordt in de komende maanden verwacht. Vooralsnog worden de ramingen aangepast aan de voorlopige BUIG beschikking. 
V 1.024.000 V 1.024.000 V 1.024.000 V 1.024.000
PW Inkomen: Loonkostensubsidies (structureel BUIG)
De groep inwoners die met LKS werken is groeiende. Dit is een wettelijke regeling die niet beïnvloedbaar is door ons. De begroting moet worden aangepast aan de uitgaven van 2023.
N 200.000 N 200.000 N 200.000 N 200.000
Inkomensvoorzieningen  (IOAW/IOAZ): Inkomensvoorzieningen (IOAW/IOAZ)
Het aantal oudere uitkeringsgerechtigden neemt (door de vergrijzing) eerder toe dan af. In 2023 is het wettelijk minimumloon met ruim 10% verhoogd. De stijging van de uitkeringen zijn hieraan gekoppeld. In feite gaat het hier dus dubbel op v.w.b. de stijging. De begroting moet aangepast worden aan de uitgaven van 2023.
N 50.000 N 50.000 N 50.000 N 50.000
Bijzondere bijstand: Bijzonder bijstand
De verwachting is dat het beroep op de bijzondere bijstand van (minimaal) dezelfde omvang zal zijn als in 2023. Op basis van de huidige regels en de uitkomst van uitgaven 2023 is dit bedrag nodig.  
N 25.000 N 25.000 N 25.000 N 25.000
Sociale Werkplaatsen: Bijdrage sociale werkvoorziening (aanvullend)
Actualisatie van de begroting van de verbonden partij vanwege vastgestelde begroting wijziging en raadsbesluit.
N 43.000 N 43.000 N 43.000 N 43.000
Wmo, huishoudelijke verzorging: Wmo huishoudelijk verzorging in natura
 Het tarief voor Wmo Huishoudelijke Ondersteuning is met ingang van 2024 met 9,44% verhoogd. De kosten van zorgaanbieders zijn in de afgelopen periode flink gestegen door forse loonstijgingen en een hoog ziekteverzuim. Om te voorkomen dat de zorg aan onze inwoners onder druk komt te staan is afgeweken van de contractueel vastgelegde indexatie. Het budget voor Wmo Huishoudelijke Ondersteuning is verhoogd met € 200.000. Het college heeft hiermee ingestemd.
N 200.000 N 200.000 N 200.000 N 200.000
Wmo, huishoudelijke verzorging: Wmo huishoudelijke verzorging in natura
Het tarief Wmo HO 2024 wordt herijkt. De meerkosten hiervan , €165.000 zijn incidenteel opgenomen in Turap 1.  Voor  Turap 2 wordt onderzocht of de kosten structureel moeten worden verwerkt.
N 165.000 V 0 V 0 V 0
WMO Begeleiding: Wmo Begeleiding individueel 
De tarieven voor Wmo-begeleiding zijn met ingang van 2024 met 6,49% verhoogd. De loonkosten van zorgaanbieders zijn in de afgelopen periode fors gestegen. Om te voorkomen dat de zorg aan onze inwoners onder druk komt te staan is afgeweken van de contractueel vastgelegde indexatie van 1,5%. Het budget voor Wmo-begeleiding is verhoogd met € 140.000. Het college heeft hiermee ingestemd.
N 140.000 N 140.000 N 140.000 N 140.000
SPUK Brede regeling (Volksgezondheid): SPUK Breed
Betreffen SPUK Breed middelen die worden ingezet voor diverse onderwerpen die betrekking hebben op Volksgezondheid.
N 134.000 N 134.000 N 94.000 V 0
SPUK Brede regeling (Volksgezondheid): SPUK brede regeling 
Betreffen SPUK Breed middelen die we ontvangen van het Rijk.
V 162.000 V 134.000 V 94.000 V 0
Mens en Zorg PL 3 Gelukkig opgroeien: Jeugdlandschap / inhuur derden 
Betreft de  dekking van de implementatie jeugdlandschap.
N 184.000 V 0 V 0 V 0
Mens en Zorg PL 3 Gelukkig opgroeien: Jeugdlandschap bijdrage Drimmelen
Voor de dekking van het implementatie jeugdlandschap ontvangen we een bijdrage van 50% van de gemeente  Drimmelen.
V 92.000 V 0 V 0 V 0
Saldo van de opgavemutaties > 25.000 N 39.000 N 477.000 N 477.000 N 477.000
Saldo van de opgavemutaties < 25.000 V 4.000 N 118.000 N 118.000 N 118.000
Totaal Saldo van de opgavemutaties  N 35.000 N 594.000 N 594.000 N 594.000

 

Programma 4 Opgave Wonen

4.1 Ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Ontwikkelingen

4.1 Ambitie en strategie

4.1.1 Ambitie
De centrale ambitie van dit programma is: het realiseren van passende, toekomstbestendige huisvesting voor de juiste doelgroep op de juiste locatie en voor de juiste prijs.  Dit programma draagt daarmee bij aan een toekomstbestendig Geertruidenberg waar nu én in de toekomst fijn met elkaar kan worden gewoond, gewerkt en gerecreëerd. 
 
Wonen is een breed begrip. Als gemeente richten wij ons op vier strategische doelstellingen: woonruimte naar behoefte, verbeteren, bewaken en behouden van balans, regie op de woningmarkt en samen met inwoners en stakeholders.
In het volgende hoofdstuk beschrijven we per thema de opgave en onze aanpak.
 
4.1.2.    Strategische doelstellingen 
Er zijn vier hoofddoelen voor dit programma; één voor elk van de vier thema’s. 
 
1.    Creëren woonruimte naar behoefte
Dit doen we op basis van autonome demografische ontwikkelingen uit het woonbehoefteonderzoek, de opgelegde taakstelling en de beschikbare ruimte voor onverwachte ontwikkelingen. We maken concreet hoe passende huisvesting voor de juiste doelgroep tegen de juiste prijzen kan worden ingevuld.
Ook worden zaken vastgelegd rond woningsplitsing, mantelzorgwoningen, verdeling van de woningvoorraad en de richtlijnen voor nieuwe projecten. 
 
2.    Verbeteren, bewaken en behouden van balans
Er wordt gestreefd naar een gebalanceerde woningvoorraad. Een gebalanceerde woningvoorraad is er voor onze huidige inwoners, maar moet ook ruimte bieden voor toekomstige inwoners en verschillende doelgroepen vanuit de wettelijke en maatschappelijke taakstelling. Een gebalanceerde voorraad houdt daarnaast in dat rekening wordt gehouden met trends en ontwikkelingen, met schommelingen en veranderingen. Een gebalanceerde woningvoorraad is niet alleen kwantitatief passend, maar ook nadrukkelijk kwalitatief in balans.
Bij het streven naar een gebalanceerde woningvoorraad richten we ons dan ook op zowel nieuwbouw als bestaande bouw. Het grootste gedeelte van onze toekomstige woningvoorraad staat er namelijk al. Met name bij nieuwbouw kunnen we sterk sturen, maar ook wat betreft bestaande bouw zien we hier mogelijkheden toe.
 
3.    Regie pakken op woningmarkt 
De gemeente kan op verschillende wijzen regie pakken op de woningmarkt. Actief grondbeleid betekent dat de gemeente zelf de gronden verwerft dan wel toepassing geeft aan het voorkeursrecht gemeenten. Daarmee kan de gemeente zelf gronden uitgeven en tot een door haarzelf gewenste invulling en woningbouwdifferentiatie kan komen.
Daarnaast kan de gemeente passief en meer faciliterend grondbeleid voeren. Daarbij gebruikt de gemeente het bestemmingsplan en het exploitatieplan om te komen tot de gewenste invulling en woningbouwdifferentiatie.

4.    Ontwikkelingen vinden plaats in samenspraak met inwoners en stakeholders 
Voor nu is er voor (ook) de gemeente een belangrijke rol weg gelegd daar waar het gaat om het laten participeren van inwoners. Ingeval van een ontwikkeling op gemeentelijk eigendom zal dit niet wijzigen. Als het daarentegen gaat om een ontwikkeling op eigendom van derden is het op grond van de Omgevingswet, die per 1 januari 2024 in werking zal treden, aan de ontwikkelende partij om op een juiste wijze de omgevingsdialoog te voeren. Deze ligt verankerd in de Verordening burgerparticipatie Geertruidenberg 2023.
 
Ten aanzien van de stakeholders geldt dat ontwikkelingen vanuit het gemeentebrede perspectief voor wonen worden benaderd. Gekoerst moet gaan worden op de juiste balans in de differentiatie, bij voorkeur op wijk- en buurtniveau. Zowaar een stevige uitdaging.
 
4.1.3 Maatschappelijke effecten
 
Dat we deze doelstellingen behalen gaat blijken uit maatschappelijke effecten die op moeten treden. Daarop richten zich dan ook de (extra) inspanningen die we de komende jaren gaan doen. Aan de maatschappelijke effecten worden bij de verdere uitwerking passende beleidsindicatoren gekoppeld.
 
Creëren woonruimte naar behoefte
Te behalen maatschappelijke effecten zijn met name: 
1.    Er komt meer woonruimte beschikbaar voor zowel onze eigen inwoners als de verschillende doelgroepen vanuit de wettelijke en maatschappelijke taakstelling.
2.    Er wordt optimaal gebruik gemaakt van de wettelijke mogelijkheden om woonruimte te creëren en behouden voor onze eigen inwoners
 
Verbeteren, bewaken en behouden van balans
Te behalen maatschappelijke effecten zijn met name:
1.    Er is balans tussen wettelijke taakstellingen en autonome lokale ontwikkelingen.
2.    We koersen op een juiste mix in woningaanbod per kern en wijk.
3.    Bij iedere ontwikkeling wordt de balans in ruimtelijke inrichting als uitgangspunt genomen.
 
Regie pakken op woningmarkt 
Te behalen maatschappelijke effecten zijn met name:
1.    Er zijn duidelijke randvoorwaarden voor toekomstige ontwikkelingen.
2.    We maken toekomstbestendige woningbouw mogelijk op de juiste locaties.
3.    We zijn creatief en innovatief in onze oplossingen.
 
Ontwikkelingen vinden plaats in samenspraak met inwoners en stakeholders 
Te behalen maatschappelijke effecten zijn met name: 
1.    Onze inwoners en stakeholders voelen zich betrokken en gehoord

 

 4.1.4 Afbakening
Met het benoemen van de 4 programmathema’s is binnen de opgave focus aangebracht, met als doel hierop vanuit een integrale aanpak te versnellen. Leidend voor het programma wonen is het Doel- en Inspanningen Netwerk (zie bijlage 1).
Naast de inspanningen binnen dit programma werken we ook mee aan verschillende thema’s van andere programma’s zoals het programma Duurzaamheid en Leefbaarheid.    
 
4.2 Aanpak 
De versnelling in de realisatie van woningbouw gaat gepaard met onzekerheden. De gemeente heeft een studie laten uitvoeren naar de haalbaarheid van locaties en de stedenbouwkundige mogelijkheden. De beschreven invullingen hebben (vooralsnog) een (sterk) indicatief karakter doch duiden daarentegen wel de potentie van diezelfde locaties.
Beperkingen kunnen zich voordoen indien sprake is van sectorale belemmeringen (bodem, geluid, externe veiligheid e.d.) of ingeval het eigendom niet aan de gemeente toebehoort en een eigenaar überhaupt geen ontwikkeling wenst dan wel een andere ontwikkeling dan die door de gemeente wordt voorgestaan.
In die zin ook is bij de te maken keuzes van belang én de snelheid waarmee tot een ontwikkeling (woningbouw) kan worden gekomen én de toepasbaarheid van de gewenste woningbouwdifferentiatie.
 
Dit programma is gebaseerd op de kortere termijn (2023 t/m 2024) en geeft meteen een doorkijk naar de ontwikkelpotenties voor de langere termijn.
 
4.2.1 Programmalijnen
Dit programma bestaat uit vier programmalijnen. Elke programmalijn heeft een eigen thema; de thema’s zijn nauw met elkaar verbonden. 
 

1.    Woonruimte naar behoefte
Op basis van demografische ontwikkelingen en de opgelegde taakstelling voor specifieke doelgroepen, ontwikkelen we naar behoefte. Dit kunnen we op de volgende manieren realiseren:
-    nieuwe woningen bouwen;
-    transformeren leegstand (waaronder voormalig agrarische bebouwing [VAB’s]);
-    aanpassen in de bestaande woningvoorraad;
-    herstructurering woonwijken.

 

 

Nr. Inspanningen Resultaat Realisatie voortgang Realisatie financiën
1.1 Sturen op behoefte Vaststellen uitvoeringsprogramma wonen.    
1.2 Huisvesting specifieke doelgroepen op basis van wettelijke taakstelling Opstellen plan van aanpak voor regionale afspraken en continue monitoring.    
1.3 Woningen toevoegen Uitvoeren locatiestudie naar potentiële locaties en het maken van keuzes daarbinnen.    
1.4 Woningen toevoegen Voor 2025 is gestart met de bouw van tenminste 100 woningen.    
1.4 Huisvestingsverordening Vanaf 2023 max 50% toewijzing aan eigen inwoners.    

 

De opgave om woonruimte naar behoefte te creëren bestaat hoofdzakelijk uit de taak om tot voldoende woonruimte te komen. Locaties voor nieuwbouwwoningen zijn dan ook essentieel om aan deze opgave te kunnen voldoen. Met het opnemen van de potentiële woningbouwlocaties in de omgevingsvisie is hier een belangrijke eerste stap in gezet. Met een visie woningbouwlocaties Raamsdonk willen we een gedegen afweging maken over de potentiële locaties die in of tegen de kern Raamsdonk liggen. 2024 benutten we om deze visie op te stellen en in overleg te gaan met de inwoners, ondernemers en andere stakeholder in Raamsdonk. 

 

De locatie Kartuizerstraat-Landonk uit de locatie studie bestaat uit een deel in eigendom van de gemeente en een deel in particulier bezit. Tezamen met de andere grondeigenaar bekijken we hoe we tot een publieke-private samenwerking komen om dit gebied tot ontwikkeling te kunnen brengen. De eerste stap hierin is de raad laten besluiten over de wenselijkheid van deze locatie en de welke randvoorwaarden zij mee willen geven. 

 

De eigenaar van de panden op de hoek Keizersdijk-Hoofdstraat in Raamsdonksveer heeft al geruime tijd het idee om deze panden te slopen en her te ontwikkelen. Het plan is ambtelijk al beoordeeld en voor advisering aan de CRK voorgelegd. Daarnaast heeft er een omgevingsdialoog met de omwonenden en huidige huurders plaats gevonden. Het streven is om de raad in het derde kwartaal de raad een startnotitie voor te leggen om de wenselijkheid van de ontwikkeling te bepalen en randvoorwaarden mee te geven.

 

De herstructurering van de Zoutmanstraat-Burgemeester Meijersstraat in Geertruidenberg krijgt in 2024 steeds meer vorm. De plannen zijn op basis van CRK advisering aangepast en de afspraken over de anterieure overeenkomst  worden naar verwachting in het tweede of derde kwartaal afgerond.  Verwacht wordt dat Thuisvester de omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplan activiteit (bopa) nog in 2024 kan aanvragen.

 

2.    Verbeteren, bewaken en behouden balans
Balans gaat zowel over het verdelen van de woningvoorraad als over een balans in de soorten woningen die we hebben in onze gemeente. We maken gebruik van de mogelijkheid om een percentage van onze woningvoorraad toe te wijzen aan onze eigen inwoners. Daarnaast houden we rekening met een evenredige spreiding van doelgroepen zoals de uitstroom beschermd wonen, maatschappelijke opvang en statushouders. Daarnaast houden we bij herstructureren en nieuwbouw de verdeling van verschillende typen woningen en prijsklassen in het oog.
 
De bouwopgave voor onze gemeente op basis van de Woondeal komt neer op het toevoegen van 400 woningen aan harde plancapaciteit tot 2026 en tussen de 700 en 900 woningen aan harde plancapaciteit tot 2030.
De na te streven differentiatie daarbinnen betekent dat er qua verdeling sprake moet zijn van 30% sociale huur en 2/3e ‘betaalbaar’. Onder betaalbaar wordt verstaan woningen met een huurprijs tot 
€ 1000 en voor koopwoningen tot een prijs van € 355.000. Deze kaders worden gemeentebreed nagestreefd en niet op project- / locatieniveau.

 
Eveneens richtinggevend is het plan van aanpak, zoals dat met de Baroniegemeenten is opgesteld. Hierin zijn afspraken vastgelegd met betrekking tot de opvang en huisvesting van asielzoekers, statushouders en Oekraïense vluchtelingen.

 

 

Nr. Inspanning Resultaat Realisatie voortgang Realisatie financiën
2.1 Sturen op balans bij de woonruimteverdeling Uitvoeringsprogramma wonen en met anterieure overeenkomsten.    
2.2 Opstellen van kaders voor het creëren van woonruimte die aansluit bij de maatschappelijke opgaven Komen tot een evenwichtige woonruimteverdeling op basis van behoefte.    

 

In het vastgestelde Programma Wonen 2024 benoemen we enkele mogelijkheden die we willen gaan benutten om te kunnen sturen op de balans in de woningvoorraad.  Zelfbewoningsplicht en anti-speculatiebeding zijn juridische mogelijkheden die ervoor kunnen zorgen dat onze eigen inwoners meer kansrijk zijn bij nieuwbouwwoningen. We moeten goed onderzoeken of deze maatregelen juridisch stand houden. Het maakt ook uit of we bij een ontwikkeling zelf grondposities hebben of niet. Bij grondverkoop kunnen we beter sturen op dergelijke regelingen. 

 

25% van de jaarlijks vrijkomende sociale huurwoningen binnen onze gemeente kunnen toegewezen worden aan mensen met een maatschappelijke binding. Dat houdt in dat iemand de afgelopen 10 jaar tenminste 6 jaar in de onze gemeente ingeschreven heeft gestaan. Op momenten dat dit lukt brengen we deze mogelijkheid onder aandacht bij onze inwoners. Dit gaan we onder andere doen door inwoners die 18 en 60 jaar worden met een brief te informeren. In die brief wijzen we ze op deze mogelijkheid en adviseren we ze om te registreren bij Klik voor Wonen. We onderzoeken of het mogelijk is om het percentage te verhogen naar 50%. 

 

De afspraken rondom de Woondeal zijn vertaald in ons lokale woonbeleid, namelijk in het Programma Wonen 2024. We sturen op twee derde betaalbare woningen bij nieuwbouwprojecten. 30% sociale huurwoningen en 40% middeldure huur of betaalbare koopwoningen. Deze verdeling gaan we opleggen bij nieuwontwikkelingen vanaf 15 woningen. 

 

Met woningsplitsing of kavelsplitsing kan wellicht de bestaande woningvoorraad beter worden benut. Hiervoor zijn wel kaders nodig waarbinnen wij dit wenselijk vinden. Deze kaders zijn er op dit moment nog niet. Om die reden zijn we terughoudend richting initiatiefnemer die met dergelijke plannen bij de gemeente aankloppen. 

 

3.    Regie op de woningmarkt
We gaan toe naar een actieve sturing, uitvraag aan de voorkant in plaats van toetsing achteraf. De middelen om de regie te pakken zijn bijvoorbeeld:
•    waar nodig en/of gewenst inzetten op een actief grondbeleid (te baseren op maatwerk);
•    opleggen woningbouwprogramma en –differentiatie via de anterieure overeenkomst. 


 
 

 

Nr. Inspanning Resultaat Realisatie voortgang Realisatie financiën
3.1 We communiceren randvoorwaarden proactief naar ontwikkelaars. Sturing op juiste woningdifferentiatie.    

 

Nieuwbouwprojecten met 9 of meer woningen leggen we middels een startnotitie voor aan de raad. In zo'n startnotitie kan de raad kaders en randvoorwaarden meegeven waarbinnen zij de ontwikkeling wenselijk vinden. Het Programma Wonen 2024 geeft al duidelijke kaders voor wat betreft de verdeling van sociale huur woningen (30%) en betaalbare woningen (40%). Dit kan in de startnotitie nogmaals benadrukt worden. Als er moverende redenen zijn waarom de beoogde verdeling binnen een project niet mogelijk of wenselijk is, is de startnotitie de uitgelezen plek om de raad hier over te laten beslissen.  Maar ook bij kleinere nieuwbouwprojecten waar geen startnotitie noodzakelijk is, stuurt het college op een goede differentiatie. Bij nieuwbouwprojecten leggen we het woningbouwprogramma binnen een project contractueel vast. Deze werkwijze zijn we al jaren gewend.

 

Het voeren van een actief grondbeleid is geen doel op zich, maar moet noodzakelijk zijn om een bijdrage te kunnen leveren aan een opgave. Dit kan de woningbouwopgave zijn, maar ook economische ontwikkelingen, mobiliteit, natuurontwikkeling of maatschappelijke voorzieningen kunnen aanleiding zijn om soms actiever te acteren. Van de 14 potentiële woningbouwlocaties is een deel in eigendom van de gemeente. Als er een bestuurlijk standpunt is ingenomen over een locatie, kan ingeschat worden hoe onze rol moet zijn op het gebied van grondbeleid. 

 

4.    Ontwikkelingen in samenspraak met inwoners en stakeholders 

Bij alle nieuwe ontwikkelingen op het gebied van wonen worden inwoners betrokken. Op deze manier creëren we draagvlak, en voelen inwoners zich betrokken en gehoord.
Op het abstracte niveau (gemeentebreed) is de gemeente daarbij aan zet vanuit de opgave. Per locatie gebeurt dit via de omgevingsdialoog, gebaseerd op de door de gemeenteraad vastgestelde notitie burgerparticipatie. In het eerste geval is de gemeente de regisseur, in de tweede situatie is het toetsend.

 

 

Nr. Inspanning Resultaat Realisatie voortgang Realisatie financiën
4.1 De input van inwoners en stakeholders wordt meegenomen in het programma Wonen Betrokkenheid inwoners en stakeholders en creëren van maatschappelijk draagvlak    

 

Hoe en op welk moment inwoners, ondernemers, belangenverenigingen en andere stakeholders betrokken worden bij een ruimtelijke ontwikkeling hangt af van de fase waarin deze ontwikkeling zich bevindt en wie de initiatiefnemer is van een ontwikkeling. Soms zijn we als gemeente zelf volledig aan zet om de burgerparticipatie en omgevingsdialoog vormt te geven. In andere gevallen is dit de rol van de initiatiefnemer en zijn we als gemeente met name toehoorder en beoordelaar. De illusie moet niet ontstaan dat met burgerparticipatie en omgevingsdialogen iedereen zijn in krijgt. Waar mogelijk probeer je belangen zo dicht mogelijk bij elkaar te brengen of rekening mee te houden. Maar uiteindelijk is burgerparticipatie ook bedoeld om inzicht te krijgen in elkaars belangen, zodat bestuurders een afweging kunnen maken tussen individuele- en maatschappelijke belangen.  

 

De visie woningbouwlocatie Raamsdonk is met name bedoeld om in gesprek met inwoners en ondernemers van Raamsdonk tot een afweging van de locaties te komen. Het is voorstelbaar dat er per locatie op een later moment nog verder gesproken moet worden met belanghebbenden. Voor de woningbouw bij Achter de Hoeven is een participatieproces opgestart. Deze kent verschillende fases en loopt dan ook nog steeds door. De initiatiefnemer voor de herontwikkeling Keizersdijk-Hoofdstraat heeft recentelijk een omgevingsdialoog gevoerd. En ook met onwonenden van het Schonckplein is gesproken over de voorgenomen bouwplannen van de supermarkt en de appartementen. 

                                           

4.2 Financiële vertaling ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Financiële vertaling ontwikkelingen

Om de locatie Landonk-Kartuizerstraat uit de locatie studie verder te onderzoeken, zodat de raad hier een afgewogen besluit over kan nemen,  zijn enkele onderzoeken en een stedenbouwkundige visie nodig. Omdat we deels eigenaar zijn van de gronden is het noodzakelijk dat we ook een deel van deze kosten voor onze rekening nemen. Hiertoe is een bedrag van €20.000 opgenomen. 

Voor de visie woningbouwlocaties Raamsdonk zijn we zelf aan zet. Toch zal enige externe expertise noodzakelijk zijn om de visie tot stand te laten komen. Hiervoor is een bedraag geraamd van €10.000.

Voor de lopende projecten en aankomende projecten worden exploitatiebijdrages betaald. Deze exploitatiebijdrages zijn met name bedoeld om ambtelijke uren te dekken. Niet alle ambtelijke uren of advisering kunnen wij intern oplossen. Geschat wordt dat 15% van de ambtelijke uren extern gemaakt worden. Dit betreft dan een bedrag van €30.000.

4.3 Toelichting op de tabel

4.4 Beleidsindicatoren

Terug naar navigatie - Beleidsindicatoren

 

Programmalijn

Beleidsindicatoren

Meest recente meting

Beoogd 2024

Aanpassing TR

Creëren woonruimte naar behoefte:

Het aantal actief woningzoekend in de gemeente in de sociale huursector.

-    2022:
o    Totaal woningzoekenden: 2.931
o    Actief woningzoekenden: 757

-    2023:
o    Totaal woningzoekenden: 3.216
o    Actief woningzoekenden: 860

 <2023

 n.v.t

 

Het aantal uitgiftes van bindingseis uittreksels.

Op dit moment kan er nog gebruikt gemaakt worden van deze indicator.

-

 

Het totale aantal woningen binnen de gemeente.

 1-1-2023: 10.120

 10.200

 n.v.t 

  Het resultatenoverzicht van het COA (statushouders en amv-ers)

 Taakstelling 2023: 49 statushouders

Totaal aantal 2023: 40

 49

 n.v.t.

 

Overzicht woningbouwcapaciteit per gemeente van de provincie Noord-Brabant.

De provincie geeft hun prognoses weer op https://bevolkingsprognose.brabant.nl/
De indicatie van de toename van de woningvoorraad voor Geertruidenberg in de periode 2023-2030 bedraagt 590 (index 105,8)
2025: 10.290, 2030: 10.710, 2035: 11.125, 2040: 11.350

 10.200

 n.v.t.

We verbeteren, bewaken en behouden de balans

% sociale woningbouw per wijk/kern/gemeente

31,3 % (2022) van de woningvoorraad in gemeente is een sociale huurwoning

 >30%

 n.v.t.

 

    % toegewezen woningen met binding (Thuisvester)

 2023: 21,6% (35 woningen)
In 2023 publiceerde Thuisvester 24,7% (40 stuks) van de woningen met voorrang voor inwoners met binding. 35 woningen daarvan werden daadwerkelijk op basis van deze voorrang toegewezen.

 25%

 n.v.t.

We pakken meer regie op de woningmarkt

    Monitoring kaders en afspraken na realisatie woningbouwproject

Op dit moment kan er nog gebruikt gemaakt worden van deze indicator.

 -

 -

Ontwikkelingen vinden plaats in samenspraak met onze inwoners en stakeholders.

% inwoners en stakeholders dat zich gehoord en betrokken voelt.

  Op dit moment kan er nog gebruikt gemaakt worden van deze indicator.

 -

 -

Wettelijke beleidsindicatoren

Voor programma 4 zijn geen beleidsindicatoren  voorgeschreven.

4.5 Investeringen

Terug naar navigatie - Investeringen

In de volgende tabel zijn de mutaties op de investeringen van programma 4 opgenomen.

 

Begroot Wijziging Nieuw begroot Krediet omschrijving Toelichting - Besluit 
€ 0

€ 200.000

 

€ 200.000 Stimuleringsfonds Volkshuisvesting BGW 16-03(K)

Met het aanbieden van startersleningen ondersteunen we starters bij de aankoop van hun eerste woning. Sinds 2009 zijn meer dan 120 startersleningen verstrekt. Het besteedbare budget bedraagt op 10 april 2024 € 256.800, genoeg voor 12 leningen (van maximaal € 20.000 per lening). In 2024 zijn tot nog toe (10 april 2024) 7 aanvragen ontvangen. De behoefte aan startersleningen blijft bestaan en het is wenselijk om starters te blijven ondersteunen. Voor de continuïteit van de verstrekking van leningen wordt uw raad gevraagd om per medio 2024 € 200.000 extra beschikbaar te stellen voor de startersleningen. Dit bedrag is te lenen, zoals eerder is gebeurd. (Hiernaast is - zoals in de raadsinformatiebrief van 19 maart 2024 aangegeven - in het najaar van 2024 een raadsvoorstel gepland over een verruiming van de startersregeling in combinatie met een daarvoor nodige budgetverhoging.)

Besluit : Nieuw krediet opnemen van € 200.000.

4.6 Afwijkingen reguliere taken

Terug naar navigatie - Afwijkingen reguliere taken

In onderstaande tabel worden de belangrijkste afwijkingen op de meerjarenbegroting 2024-2027 toegelicht. In beginsel worden afwijkingen toegelicht wanneer het bedrag groter is dan € 25.000. Indien er sprake is van afwijkingen lager dan  € 25.000 maar van politiek bestuurlijke importantie worden deze afwijkingen eveneens toegelicht. 

Afwijkingen lager dan € 25.000, zuiver administratieve mutaties of budgettair neutrale mutaties, zijn wel opgenomen in de begrotingswijziging. 

 

Omschrijving V/N 2024 V/N 2025 V/N 2026 V/N 2027
Ruimtelijke projecten: Planontwikkelingskosten
Advieskosten, onderzoeken en uitwerkingen ten behoeve (woningbouw)ontwikkelingen. Deze kosten worden grotendeels gedekt door de exploitatiebijdrages die bij ontwikkelingen worden verhaald op de initiatiefnemers. O.a. ontwikkelingen Zoutmanstraat, Grote Kerkstraat 96-98, Omschoorweg, herontwikkeling Schonckplein, Keizersdijk-Hoofdstraat. Planvorming en voorbereiding voor de woningbouwlocaties Raamsdonk en Landonk nodig om locaties tot ontwikkeling te kunnen brengen.
N 60.000 N 56.000 N 30.000 V 0
Ruimtelijke projecten: Planontwikkelingskosten
Het budget betreft de inkomsten die worden verhaald op initiatiefnemers van woningbouwontwikkelingen.
V 137.000 V 226.000 V 121.000 V 0
Saldo van de opgavemutaties > 25.000 V 77.000 V 169.000 V 91.000 V 0
Saldo van de opgavemutaties < 25.000 V 10.000 N 6.000 N 6.000 N 6.000
Totaal Saldo van de opgavemutaties  V 87.000 V 163.000 V 85.000 N 6.000

 

Programma 5 Opgave Economie en Toerisme

5.1 Ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Ontwikkelingen

5.2  Ambitie en Strategie


5.1.1 Ambitie
De centrale ambitie van dit programma is: De gemeente Geertruidenberg is gastvrij naar bezoekers, biedt een fijn leefklimaat voor de inwoners, voorziet in ruimte voor ondernemerschap en is klaar voor een duurzame & innovatieve economie. 
 
Onze lokale bedrijven zijn de drager van onze economie, de gemeente stimuleert, faciliteert en creëert de randvoorwaarden. We richten ons op een goed vestigingsklimaat,  een circulaire, duurzame & innovatieve economie en een gastvrije gemeente. 
 
5.1.2 Strategische doelstellingen
Er zijn drie hoofddoelen voor dit programma; één voor elk van de drie thema’s. 
 
1.    Het vestigingsklimaat voor ondernemers verbeteren
We zorgen voor behoud van de lokale werkgelegenheid en zetten optimaal in op ruimtegebruik en toekomstbestendig maken van de bedrijventerreinen. Daarnaast zetten we in op compacte en complete winkelgebieden in de gemeente.  
 
2.    Een circulaire, duurzame en innovatieve economie in 2050 of eerder  
We staan het bedrijfsleven bij om te komen tot een circulaire economie en faciliteren bedrijventerreinen om energieneutraal te worden. Innovatie stimuleren we en verbinden partijen met elkaar om stappen te kunnen maken. 
 
3.    De gemeente is gastvrij naar bewoners en bezoekers  
We zetten in op meer toeristische bezoekers, die we langer in het gebied willen laten verblijven en die vaker terug komen naar de gemeente Geertruidenberg. 
 
5.1.3 Maatschappelijke effecten
Vanuit de hoofddoelen, worden er per programmalijn verschillende gewenste maatschappelijke effecten geformuleerd:
1.    Het vestigingsklimaat voor ondernemers verbeteren
a.    Schonere, veiligere en aantrekkelijke bedrijventerreinen en winkelgebieden 
b.    Afname leegstand op bedrijventerreinen en winkelgebieden 
c.    Compacte winkelgebieden 
d.    Behoud werkgelegenheid en banen
 
2.    Een circulaire, duurzame en innovatieve economie in 2050 of eerder  
a.    In 2050 is de Geertruidenbergse economie circulair, met als tussendoel 50% in 2030
b.    De bedrijventerreinen zijn in 2050 energieneutraal
c.    Meer ruimte voor innovatie vanuit bedrijven
 
3.    De gemeente is gastvrij naar bewoners en bezoekers  
a.    Verhoging toeristische recreatieve werkgelegenheid 
b.    Stijging van het aantal toeristische overnachtingen 
c.    Minimaal behoud van diversiteit van culturele organisaties en evenementen
 
 
5.1.4 Afbakening
Met het benoemen van de drie programmathema’s is binnen de opgave focus aangebracht, met als doel hierop vanuit een integrale aanpak te versnellen. 
We benadrukken dat de werving van bedrijven naar deze regio en promotie van de regio als verblijfsgebied niet tot de opgave behoort. Deze rol is weggelegd bij andere samenwerkingspartners zoals Rewin, Regio West-Brabant, Zuiderwaterlinie. 
Naast de inspanningen binnen dit programma werken we ook mee aan verschillende thema’s van andere programma’s zoals het programma Duurzaamheid en Leefbaarheid.    

5.2 Aanpak

5.2.1 Programmalijnen
Dit programma bestaat uit drie programmalijnen. Iedere programmalijn heeft een eigen thema; de thema’s zijn nauw met elkaar verbonden. 
 
1.    Verbeteren vestigingsklimaat 
We zorgen voor behoud van de lokale werkgelegenheid en zetten optimaal in op ruimtegebruik en toekomstbestendig maken van de bedrijventerreinen. Daarnaast zetten we in op compacte en complete winkelgebieden in de gemeente.  
Om de maatschappelijke effecten te realiseren werken we o.a. aan deze inspanningen:
•    Kwaliteitsverbeterplan bedrijventerreinen
•    OV-hub bedrijventerreinen
•    Verkenning maritieme sector op thema's onderwijs en clustering
•    Startersprogramma

 

Nr.

Inspanningen

Bijdrage strategische doelen

 Realisatie voortgang

Realisatie financiën

1.1

Kwaliteitsverbeterplan bedrijventerreinen

Het vestigingsklimaat voor ondernemers verbeteren.

Een circulaire, duurzame en innovatie economie.

 

 

1.2

OV-hub bedrijventerrein

Het vestigingsklimaat voor ondernemers verbeteren.

Een circulaire, duurzame en innovatie economie.

 

 

1.3

Verkenning maritieme sector op thema’s onderwijs en clustering

Het vestigingsklimaat voor ondernemers verbeteren.

 

 

 

 

1.4

Startersprogramma

Het vestigingsklimaat voor ondernemers verbeteren.

 

 

 

Naast Dombosch zijn nu ook voor de bedrijventerreinen Gasthuiswaard, Pontonnier en Rivierkade kwaliteitsverbeterplannen in de maak, zodat we de bedrijventerreinen komende jaren toekomstbestendig kunnen maken en ondernemers inzichtelijk krijgen waar we samen naar toe willen groeien de komende jaren. 

 

De voorbereidingen voor een pilot OV-Hub aan Essenboom zijn uitgevoerd. De realisatie zal in de zomer plaatsvinden.  2024 gebruiken we om ervaring op te doen met vervolg vervoer op OV bij een  bedrijventerrein.

 

In samenwerking met WMI wordt verder gewerkt aan de onderwijscampus. De eerste opleidingstrajecten worden nu ook aangeboden aan de lokale maritieme sector in de gemeente Geertruidenberg. Daarnaast hebben we de maritieme sector in beeld gebracht, om tot een  collectief van maritieme bedrijven te komen en om een inzichtelijk te krijgen op welke vlakken samenwerking gewenst is. 

 

In het voorjaar is een startersprogramma aangeboden aan alle recent gestarte bedrijven in de gemeenten Geertruidenberg en Drimmelen, dit is in samenwerking met de gemeente Drimmelen en Open Coffee Drimmelen Geertruidenberg georganiseerd. 

 

2.    Circulaire, duurzame & innovatieve economie
We staan het bedrijfsleven bij om te komen tot een circulaire economie en faciliteren bedrijventerreinen om energieneutraal te worden. Innovatie stimuleren we en verbinden partijen met elkaar om stappen te kunnen maken.
Om de maatschappelijke effecten te realiseren werken we o.a. aan deze inspanningen:
•    In beeld brengen van de rest- en vraagstromen op bedrijventerreinen 
•    Uitreiken Groene Pluim
•    Aanbestedingsbeleid herzien

 

Nr.

Inspanningen

Bijdrage strategische doelen

 Realisatie voortgang

Realisatie financiën

2.1

In beeld brengen van de rest- en vraagstromen op bedrijventerreinen

Een circulaire, duurzame en innovatie economie.

 

 

2.2

Uitreiken Groene Pluim

Een circulaire, duurzame en innovatie economie.

 

 

2.3

Aanbestedingsbeleid herzien

Een circulaire, duurzame en innovatie economie.

Het vestigingsklimaat voor ondernemers verbeteren.

 

 

 

De rest- en vraagstromenbijeenkomst heeft kansrijke reststromen opgeleverd. Er wordt verder onderzocht of de reststroom papier lokaal ingericht kan worden.   

In het najaar wordt de 5e Groene Pluim uitgereikt aan een lokaal bedrijf.  Lokale bedrijven worden gestimuleerd zich aan te sluiten bij de Groene Pluim. 

Het proces om te komen tot herzien aanbestedingsbeleid is grotendeels doorlopen, De besluitvorming vindt in het 2e kwartaal plaats.

 
3.    Gastvrij naar bezoekers
We zetten in op meer toeristische bezoekers, die we langer in het gebied willen laten verblijven en die vaker terug komen naar de gemeente Geertruidenberg. 
Om de maatschappelijke effecten te realiseren werken we o.a. aan deze inspanningen:
•    Verbeteren zichtbaarheid en beleefbaarheid vesting
•    Uitbreiding bewegwijzering en aanlegvoorziening op het water
•    Optimalisering fiets- en wandelstructuur

 

Nr.

Inspanningen

Bijdrage strategische doelen

 Realisatie voortgang

Realisatie financiën

3.1

Verbeteren zichtbaarheid en beleefbaarheid vesting

De gemeente is gastvrij naar bewoners en bezoekers.

 

 

3.2

Uitbreiding bewegwijzering en aanlegvoorziening op het water

De gemeente is gastvrij naar bewoners en bezoekers.

 

 

 

 

3.3

Optimalisering fiets- en wandelstructuur

De gemeente is gastvrij naar bewoners en bezoekers.

 

 

 

Om de zichtbaarheid en beleefbaarheid van de vesting te verbeteren is een onderzoek gestart met de lokale heemkunde verenigingen om inzicht te krijgen welke kansen hiervoor worden gezien.

De toeristische bewegwijzering op het water voldoet niet meer. Momenteel wordt er een plan opgesteld hoe de bewegwijzering ingericht moet worden. Daarnaast wordt de Donge met het gebruik van verschillende soorten ligplaatsen in beeld gebracht, om inzicht te krijgen waar mogelijke kansen worden gezien voor het realiseren van extra aanlegvoorzieningen.    

Voor het optimaliseren van fiets/wandelstructuur is een onderzoek gestart naar de kansen die de Halvezolenlijn biedt om beter zichtbaar en beleefbaar te maken op de thema's toerisme, erfgoed, landschap en verkeer.  Dit onderzoek zal in de zomer gereed zijn. 

 

5.2 Financiële vertaling ontwikkelingen

5.3 Toelichting op de tabel

5.4 Beleidsindicatoren

Terug naar navigatie - Beleidsindicatoren
Hoe gaan we dat meten?

   

Strategisch doel

Beleidsindicatoren

Meest recente meting *

Beoogd 2024

Aanpassing TR

Het vestigingsklimaat voor ondernemers verbeteren

Leegstandscijfer bedrijventerreinen

56 (2022)

55

 

 

Leegstandscijfer winkelgebieden

28 (2022)

27

 

 

Aantal bedrijfsvestigingen

2170 (2023)

2170

2234

 

Aantal banen

10802

(2023)

10802

10875

 

Winkels buiten kern winkelgebied

40

(2022)

39

 

Een circulaire, duurzame en innovatieve economie in 2050 of eerder

Toename energieopwek bij bedrijfspanden

21761

(2022)

21761

10000 vanwege netcongestie

 

 

% hergebruik primaire grondstoffen (landelijke monitor wordt ontwikkeld)**

 

 

 

De gemeente is gastvrij naar bewoners en bezoekers

Aantal banen toeristisch recreatieve branche

505

(2022)

519

 

 

Aantal overnachtingen (toeristenbelasting)

20899

(2022)

21346

 

* Economische barometer Geertruidenberg 2022   

**Indicator geldt ook voor programma duurzaamheid

Wettelijke beleidsindicatoren

 

Nr.

Taakveld

Naam indicator 

Jaar

Waarde (Jaarrekening 2023)

Begroot 2024

Eenheid

Bron

Beoogd 2024

Aanpassing TR

14.

3. Economie

Functiemenging **

2022

52,3

52,0

%

LISA

52,0

 

16.

3. Economie

Vestigingen (van bedrijven)

2023

1229

1219

Bedrijfsvestigingen per 10.000 inwoners

KvK

1219

1266

** functiemengingsindex weerspiegelt de verhouding tussen banen en woningen, en varieert tussen 0 (alleen wonen) en 100 (alleen werken). Bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen.                  

5.5 Investeringen

5.6 Afwijkingen reguliere taken

Terug naar navigatie - Afwijkingen reguliere taken

In onderstaande tabel worden de belangrijkste afwijkingen op de meerjarenbegroting 2024-2027 toegelicht. In beginsel worden afwijkingen toegelicht wanneer het bedrag groter is dan € 25.000. Indien er sprake is van afwijkingen lager dan  € 25.000 maar van politiek bestuurlijke importantie worden deze afwijkingen eveneens toegelicht. 

Afwijkingen lager dan € 25.000, zuiver administratieve mutaties of budgettair neutrale mutaties, zijn wel opgenomen in de begrotingswijziging. 

 

Omschrijving V/N 2024 V/N 2025 V/N 2026 V/N 2027
Economisch beleid: BR23 Uitvoeringsbudget visies EZ
In de BR23 zijn  inkomsten opgenomen vanaf de begroting 2023, maar we hebben geen grondslag om bedrijven mee te laten betalen. Wordt wel onderzocht of een ondernemersfonds draagvlak heeft bij het bedrijfsleven.
N 50.000 N 50.000 N 50.000 N 50.000
Subsidie bibliotheken: Subsidie bibliotheken
Betreft prijscompensatie op de subsidie van de bibliotheek
N 27.000 N 27.000 N 27.000 N 27.000
Mutaties reserves opgave 5 Economie en toerisme: Mutaties reserves kunst
Vanwege grondverkopen aan de Oude Haven wordt een bedrag in de reserve kunst gestort. 
N 6.000 V 0 V 0 V 0
Saldo van de opgavemutaties > 25.000 N 83.000 N 77.000 N 77.000 N 77.000
Saldo van de opgavemutaties < 25.000 N 20.000 V 0 V 0 V 0
Totaal Saldo van de opgavemutaties  N 103.000 N 77.000 N 77.000 N 77.000

 

Programma 6 Opgave Bestuur en Dienstverlening

6.1 Ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Ontwikkelingen

A. Bestuur

6.1 Ambitie en strategie


6.1.1 Ambitie
Wij zijn een krachtig lokaal bestuur dat klaar is voor de toekomst. We onderhouden en leggen verbinding met de gemeenteraad, de inwoners, de ondernemers en de maatschappelijke partners. We investeren in de samenwerking met onze inwoners en laten zien wat we gaan doen. We werken aan het herstel van het vertrouwen in de plaatselijke politiek en zetten in op participatie van diverse groepen uit onze samenleving in die lokale politiek.
 
6.1.2. Strategische doelstelling
1.    We hebben inzicht in de toekomstscenario’s van de gemeente op zowel de korte als de lange termijn;
2.    Wij zijn als college en gemeenteraad samen één overheid;
3.    Wij zijn betrouwbaar, toegankelijk en werken continu aan inclusiviteit. 
 
6.1.3  Maatschappelijke effecten
Strategische doelstelling 1 : Inzicht in de toekomstscenario’s van de gemeente op zowel de korte als de lange termijn.
 
Maatschappelijke effecten
- Gezamenlijk met onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners kennen we onze toekomst
- We zijn een sterk lokaal bestuur in West-Brabant en weten wat we zelf kunnen doen en waar we ondersteuning via regionale samenwerking bij nodig hebben
 
Strategische doelstelling 2:  Wij zijn als college en gemeenteraad samen één overheid.
Maatschappelijke effecten
- College en gemeenteraad kennen elkaars rollen, bevoegdheden en verantwoordelijkheden en respecteren elkaar daarin.
-  We trekken samen op in de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van ons beleid.
-   Ons verhaal naar buiten is een gezamenlijk verhaal, waarbij we ruimte laten voor een andere mening.
 
Strategische doelstelling 3 : Wij zijn betrouwbaar, toegankelijk en werken continu aan inclusiviteit.
- Inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners zijn trots op de gemeente.
- We zetten in op participatie van diverse groepen uit onze samenleving in de lokale politiek zodat zoveel mogelijk inwoners participeren, gehoord en vertegenwoordigd worden.
- Inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners vinden dat de gemeente afspraken nakomt en genomen besluiten motiveert.
 
B. Dienstverlening
 
6.1  Ambitie  en strategie
6.1.1 Ambitie
Wij zijn een open en bereikbare gemeente. Wij werken samen met onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners vanuit vertrouwen en gelijkwaardigheid. Onze dienstverlening is dichtbij. Onze professionele medewerkers zijn betrokken, ondernemend, pakken zaken snel op en denken in mogelijkheden. 
 
Het streven is om inwoners en ondernemers zoveel mogelijk online van dienst te zijn. Maar ook de andere kanalen blijven open. Digitaal waar het kan, persoonlijk waar het moet. We hanteren een modern en klantgericht dienstverleningsconcept met duidelijke servicenormen. Daarnaast communiceren wij (ook digitaal) helder over de rechten en plichten van inwoners bij veranderingen in de omgeving.
 
De opgave dienstverlening heeft twee kanten. Enerzijds de behoeften aan dienstverlening van onze inwoners, ondernemers en maatschappelijk organisaties (onze klanten). De wereld om ons heen verandert in hoog tempo en de behoeften van onze klanten veranderen mee. Zij verwachten een niveau van dienstverlening, die ze van moderne dienstverleners gewend zijn. Aan de balie , online, in de straat of de wijk en op alle plekken waar ons werk plaatsvindt.
 
Anderzijds is de vraag, wat heeft de organisatie ( medewerkers en bestuurders) nodig om de goede dienstverlening te leveren. Intern gerichte acties om te zorgen dat de organisatie in staat is om goede dienstverlening te leveren. Dan hebben we het o.a. over scholing van medewerkers, het op orde hebben van de informatiehuishouding, duidelijke werkprocessen en beschikbaarheid van tools om ons werk te doen. Maar  ook een werkplek  en ontvangst in het gemeentehuis, die aansluit bij de open en bereikbare gemeente, die we willen zijn.  Een gebouw dat voldoet aan de eisen die worden gesteld (duurzaamheid, veiligheid). De receptie en balies zijn het gezicht van de gemeente en moeten overheen komen met hetgeen we willen uitstralen en zijn. 
 
6.1.2 Strategische doelstelling
1.  Verbeteren van de kwaliteit, professionaliteit en continuïteit van de dienstverlening;
Het niveau van onze dienstverlening tillen we naar een hoger niveau, zowel inhoudelijk als qua snelheid van reageren op vragen van de samenleving. Daarbij passen we de gebruikte kanalen (digitaal, persoonlijk contact)  aan op de behoeften van onze “klanten”. 
 
2.   Wij zijn dichtbij en weten nog beter wat er speelt in de gemeente;
We zijn open, duidelijk en transparant over onze plannen en beleid. Voor  onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners zijn we bereikbaar (digitaal, in het gemeentehuis en in de wijk). We weten wat er speelt in de gemeente, zodat we daarop in kunnen spelen met onze plannen en bij het formuleren van beleid. We onderzoeken de toekomstbestendigheid van het gemeentehuis voor de korte en lange termijn. Het Klant Contact Centrum (KCC) wordt doorontwikkeld, zodat er eenduidige, optimale externe communicatie plaatsvindt. In de periodieke klanttevredenheidsonderzoeken besteden we aandacht aan het gehoord voelen. 
 
3. We betrekken onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners meer dan voorheen bij zaken die hen raken. 
Vanuit vertrouwen en op basis van gelijkwaardigheid en de mogelijkheden betrekken we inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties bij zaken. Voor de doelgroep jongeren hebben we specifiek aandacht. We onderzoeken hoe we deze doelgroep beter kunnen betrekken en kunnen interesseren voor wat er in hun leefomgeving speelt.  Onze communicatie sluiten we beter aan op de belevingswereld van jongeren. 
 
6.1.3 Maatschappelijke effecten
Strategische doelstelling 1: Verbeteren van de kwaliteit, professionaliteit en continuïteit van de dienstverlening.
Maatschappelijke effecten:
-    De kwaliteit van onze (digitale) dienstverlening is verhoogd (op dit moment geven burgers ons een 6,4-6,5 voor de (digitale)dienstverlening). Ondernemers geven onze digitale dienstverlening een 5,8. 
-    We communiceren, helder, proactief en tijdig over wat we wel en niet doen.
-    Administratieve lastverlichting voor inwoners , ondernemers en partners.
-    Klachten nemen af en we voldoen aan onze vastgestelde servicenormen.
-    We verlenen deskundiger advies en antwoord, zijn inlevend en denken met onze “klanten” mee.  
 
Strategische doelstelling 2: Wij zijn dichtbij en weten nog beter wat er speelt in de gemeente;
Maatschappelijk effecten:
-    Inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties voelen zich gehoord;
-    Het gemeentehuis is het “huis” van de gemeente; iedereen voelt zich welkom en gehoord;
-    Onze (digitale) dienstverlening is afgestemd op de verschillende levensfases van onze inwoners (maatwerk, klantgericht). 
 
Strategische doelstelling 3: We betrekken onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners meer dan voorheen bij zaken die hen raken.
Maatschappelijke effecten:
-    Inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties hebben meer begrip voor onze besluiten, doordat ze betrokken zijn;
-    Ons beleid sluit beter aan bij de behoefte van inwoners, ondernemers en partners.
-    Jongeren voelen zich meer betrokken bij hun leefomgeving. 
-    Zelfregie bij inwoners, ondernemers en partners is toegenomen. 
 

6.1.4 Afbakening  bestuur en dienstverlening
In  het programma onderdeel dienstverlening hebben we het over de dienstverlening aan onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisatie. Onder het programma onderdeel dienstverlening worden de vernieuwingen en aanpassingen opgepakt. Over het algemeen zijn dat de wat grotere projecten. In een aantal gevallen is het implementatie van wet en regelgeving van het Rijk (bijvoorbeeld de Wet Open Overheid). Dat laat onverlet dat we in ons dagelijks werk ook bezig zijn met het verbeteren van onze dienstverlening en een bijdrage leveren aan de programmadoelen.  Bijvoorbeeld als we onze brieven aanpassen en begrijpend schrijven.
Het onderdeel bestuur wordt volledig vanuit de lijn opgepakt. Daarvoor is geen afzonderlijke programmastructuur ingericht.
 
6.2 Aanpak bestuur
Het programma is onderverdeeld in drie verschillende programmalijnen.
1.    Klaar voor de toekomst
Samen met onze inwoners stellen we een nieuwe toekomstvisie op.( opvolger G-kracht)
2.    Eén overheid
3.    Betrouwbaar, toegankelijk en inclusief. We stellen samen met de gemeenteraad regels vast over burgerparticipatie, we verstevigen de relatie tussen college en gemeenteraad. We zetten sterker in op onze communicatie naar buiten, we investeren in dataverzameling en monitoring.

 

 
6.3 Aanpak dienstverlening
Dienstverlening is en blijft mensenwerk. Ter ondersteuning kunnen verschillende tools worden ingezet, maar uiteindelijk speelt de ambtenaar en de bestuurder een belangrijke rol in het beeld dat inwoners en ondernemers hebben van de dienstverlening van de gemeente.
Programmalijnen
Het programma dienstverlening is opgebouwd langs drie programmalijnen
1.    Kwaliteit, professionaliteit en continuïteit van onze dienstverlening;
2.    Klantgerichtheid, we zijn dichtbij en weten wat er speelt;
3.    Betrekken inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners bij zaken, we doen het samen.

 

1. Kwaliteit, professionaliteit en continuïteit van onze dienstverlening

Nr.

Inspanningen

Resultaat

Realisatie voortgang

Realisatie financiën

1a

Servicenormen dienstverlening opstellen.

Duidelijkheid over wat onze inwoners, ondernemers en partners kunnen verwachten.

   

1b

Professionalisering.

Communiceren begrijpelijk en helder.

   

1c

Burgerpeiling/ondernemerspeiling.

Beter beeld beoordeling onze dienstverlening.

   

1d

Implementatie WOO.

Overheid communiceert proactief. Inwoners krijgen zicht op het handelen van de overheid.

   

1e

Archief en zaaksysteem in de cloud brengen.

Continuïteit van applicaties gewaarborgd.

   

1f

Data gedreven werken.

Efficiëntere inzet van onze middelen doordat meer focus kunnen aanbrengen en beter beeld hebben van de situatie.

   

1g

Digitaal aanvragen evenementenvergunning.

Vermindering administratieve lastendruk bij organisatoren.

   

1h

Administratieve lastendruk verminderen.

Vermindering administratieve lastendruk;

Effectievere inzet van beschikbare middelen.

   

1i

Intensiveren regionale en lokale samenwerking.

Effectievere inzet van mensen en middelen.

   

 

2. Klantgericht, we zijn dichtbij en weten wat er speelt 

Nr.

Inspanningen

Resultaat

Realisatie voortgang

Realisatie financiën 

2a

Door ontwikkelen KCC.

Inwoners worden passend geïnformeerd . Druk op KCC neemt af.

   

2b

Aanpassing gemeentewinkel.

Ontvangstruimte aangepast en uitstraling verbeterd, meer welkom.    

2c

Huis van de gemeente.

Passende werkomgeving, inwoners voelen zich welkom.    

2d

Intensiveren Wijkgericht samenwerken.

Inwoners krijgen meer regie over hun leefomgeving. Plannen sluiten beter aan bij de ideeën van burgers.    

2e

Locatie bezoeken.

Betere aanvragen, kortere doorlooptijden.    

 

3.  Betrekken inwoners, ondernemers en maatschappelijke part/10ners bij zaken, we doen het samen.

Nr.

Inspanning

Resultaat

Realisatie voortgang

Realisatie financiën

3a

Klachtenafhandeling.

Minder klachten en inwoners, ondernemers voelen zich meer gehoord.

 

 

3b

Communicatie jongeren.

Jongeren zijn meer aangesloten en we hebben een beter beeld van hun wensen.

 

 

3c

Burgerparticipatie.

Inwoners, ondernemers zijn meer betrokken bij plannen.

 

 

 

6.2 Financiële vertaling ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Financiële vertaling ontwikkelingen

In onderstaande tabel staan de  ontwikkelingen/veranderingen t.o.v. voorgaande begrotingen/de kadernota.

 

Pr

Programmalijn

Omschrijving programmalijn

Begroting 2024

V/N

Toelichting 

P6

Betrekken onze inwoners en maatschappelijke  partners meer dan voorheen bij zaken die hen raken

Burgerparticipatie 

15.000

N=7.500  

P6

Brengen ons zaak en archiefsysteem over naar de "cloud"

Cloud eenmalige kosten

60.000

Geen afwijkingen  

P6

Brengen ons zaak en archiefsysteem over naar de "cloud". Verhoging jaarlijks onderhoud

Cloud jaarlijkse kosten

15.000

Geen afwijkingen  

P6

Totaal

 

90.000

   

 

6.3 Toelichting op de tabel

Terug naar navigatie - Toelichting op de tabel

Burgerparticipatie
De komende jaren voeren we burgerparticipatie fasegewijs in en voor de diverse participatietrajecten zijn middelen noodzakelijk. Denk bijvoorbeeld aan extra communicatiemateriaal, folders, de kosten voor bijeenkomsten, externe deskundigheid op specifieke onderwerpen etc. Het voorziene investeringskrediet wordt omgezet in een exploitatie budget
 
Zaak- en archiefsysteem overbrengen naar de cloud
Om de continuïteit van ons zaak- en archiefsysteem te verbeteren gaan we deze overbrengen naar de cloud. De inventarisatie is gestart. Op basis van het inkoopbeleid moet voor dit traject een Europese aanbesteding gestart worden. Deze is in voorbereiding.

6.4 Beleidsindicatoren

Terug naar navigatie - Beleidsindicatoren
Hoe gaan we dat meten?

 

Strategisch doel

Beleidsindicatoren 

Meest recente meting

Beoogd 2024

Aanpassing TR

Bestuur

 

 

 

 

a.     Inzicht in toekomstscenario’s

 

 

 

 

b.     Als college en raad één overheid

 

 

 

 

c.     Betrouwbaar, toegankelijk en continu werken aan inclusiviteit

score vertrouwen in overheid 

17% heeft heel veel vertrouwen;34% weinig tot geen vertrouwen in hoe  de gemeente wordt bestuurd.

30% weinig tot geen vertrouwen in hoe de gemeente wordt bestuurd.

 

Dienstverlening

 

 

 

 

a.     Kwaliteit, professionaliteit en continuïteit van de dienstverlening

Score (digitale) dienstverlening (burgerpeiling)

algemene dienstverlening  gem. 6,49; digitale dienstverlening gem. 6,58

Algemene dienstverlening gem. 6,75
digitale dienstverlening gem. 6,75

 

 

Daling aantal klachten t.o.v. 2022

 

 

 

b.     We zijn dichtbij en weten wat er speelt

Score klanttevredenheid/waardering inwoners (burgerpeiling)

waardering inspanningen gemeente gem. 6,37 

Waardering inspanningen gemeente gem. 6,50

 

c.     Inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners betrekken  bij zaken die hen raken

Aantal betrokken inwoners, ondernemers, maatschappelijke partners 

 

 

 

 

In 2025 vindt er het eerstvolgende klanttevredenheidsonderzoek plaats.

 

Wettelijke beleidsindicatoren

Voor het programma bestuur en dienstverlening zijn geen wettelijke beleidsindicatoren.

6.5 Investeringen

Terug naar navigatie - Investeringen

In de volgende tabel zijn de mutaties op de investeringen van programma 6 opgenomen.

 

Begroot Wijziging Nieuw begroot Krediet omschrijving Toelichting - Besluit 
€ 15.000 - € 15.000 € 0 23 Burgerpanel voorlichting

De investering kan komen te vervallen omdat in de exploitatie de kosten worden opgenomen om diverse activiteiten in het kader van burgerpanel te kunnen faciliteren.

Besluit: Krediet met € 15.000 verlagen en krediet afsluiten. En een bedrag € 7.500 ten laste van de exploitatie te brengen.

6.6 Afwijkingen reguliere taken

Terug naar navigatie - Afwijkingen reguliere taken

In onderstaande tabel worden de belangrijkste afwijkingen op de meerjarenbegroting 2024-2027 toegelicht. In beginsel worden afwijkingen toegelicht wanneer het bedrag groter is dan € 25.000. Indien er sprake is van afwijkingen lager dan  € 25.000 maar van politiek bestuurlijke importantie worden deze afwijkingen eveneens toegelicht. 

Afwijkingen lager dan € 25.000, zuiver administratieve mutaties of budgettair neutrale mutaties, zijn wel opgenomen in de begrotingswijziging. 

 

Omschrijving V/N 2024 V/N 2025 V/N 2026 V/N 2027
Griffie: Salarissen
CAO verhoging van 5,1% in 2024 en 6,1% in 2025 Voor 2024 is ophoging van de ramingen noodzakelijk met € 306.000 en vanaf 2025 = € 452.000 structureel. De CAO loopt tot 1 april 2025. Aanpassing ramingen van Griffie vallen onder programma 6. De overige aanpassingen van de CAO zijn opgenomen onder programma 7.
N 4.000 N 7.000 N 7.000 N 7.000
Saldo van de opgavemutaties > 25.000 N 4.000 N 7.000 N 7.000 N 7.000
Saldo van de opgavemutaties < 25.000 V 15.000 V 24.000 N 12.000 V 24.000
Totaal Saldo van de opgavemutaties  V 11.000 V 17.000 N 19.000 V 17.000

 

Programma 7 Opgave Financiën en Organisatie

7.1 Ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Ontwikkelingen

7.1 Ambitie en strategie 

7.1.1 Ambitie

We willen een financieel gezonde gemeente blijven door gemeenschapsgeld op een zorgvuldige, doelmatige en rechtmatige manier te besteden. Het streven blijft om structureel sluitende (meerjaren-)begrotingen op te stellen met ruimte voor tegenslagen. Waarbij de lasten en baten die we hebben moeten bijdragen aan de opgaven die we geformuleerd hebben.

 

7.1.2 Strategische doelstellingen

We hebben vijf doelstellingen geformuleerd:
1.    We zorgen voor een sluitende begroting met ruimte voor tegenslagen
2.    We hanteren vastgestelde, waaronder ook wettelijke, objectieve en meetbare criteria en ratio’s
3.    We ontsluiten de P&C-producten voor iedereen en op een eenvoudige manier
4.    We streven meer inzicht in de (financiële) voortgang van alle opgaven na
5.    We zorgen ervoor dat de bestedingen rechtmatig worden gedaan 

 

7.2.3 Maatschappelijke effecten

In deze opgave zijn twee maatschappelijke effecten die we willen bereiken gedefinieerd.
1.    De lastendruk is in balans met de ambities die vanuit alle opgaven zijn geformuleerd.
2.    Onze inwoners en partners hebben inzicht in de wijze waarop wij conform wet en regelgeving onze middelen besteden en de mate waarin we de doelen realiseren.

 

7.1.4 Afbakening

Het programma financiën is niet leidend maar complimenterend aan de andere programma’s. De keuzes uit de andere programma’s worden financieel vertaald. De consequenties en de te maken keuze komen niet alleen in dit programma tot uiting.

 

7.2 Aanpak 

7.2.1 Programmalijnen

Het programma is onderverdeeld in twee verschillende lijnen.
1.    Lastendruk is in balans met de ambities die vanuit alle opgave zijn geformuleerd
2.    Inwoners en partners hebben inzicht in de wijze waarop wij conform wet en regelgeving onze middelen besteden en de mate waarin we de doelen realiseren. 

 

 

Inspanningen

Resultaat

Realisatie voortgang

Realisatie financiën

Lastendruk is in balans met de ambities

 

 

Zoeken naar bezuinigingen/heroverwegen oude en nieuwe inspanningen

Structureel sluitende begroting

 

 

Optimaal gebruik maken van provinciale/landelijke en Europese subsidies

Dekking (deels) van ambities uit de diverse programma's

   
Toekomstige invulling WOZ/BAG/Belastingen Terugdringen van incidentele kosten/bevorderen continuïteit    

 

 

 

Onze inwoners en partners hebben inzicht in de wijze waarop we onze middelen besteden en de mate waarin we doelen realiseren

 

 

Nagaan en vaststellen welke ratio’s/KPI’s inzicht geven in de realisatie van onze doelen

Inzicht in realisatie doelen

  nvt

Doorontwikkeling pepperflow

inzicht in realisatie doelen en besteding middelen

 

nvt

Inventariseren aanbestedingen voor raamcontracten

voorkomen van (Europese) aanbestedingsfouten

 

 

 

 

   

 

Lastendruk is in balans met de ambities

Voor de komende begroting staan we nog voor een forse inspanning om doormiddel van bezuinigingen/ombuigingen en heroverwegingen een sluitende meerjaren begroting aan te kunnen leveren.  Met name de grote uitdaging voor de jaren 2026 en 2027 vergen extra inspanningen.

De werving van de subsidie coördinator is nog niet geslaagd. Financieel was deze budget neutraal opgenomen.

De taken WOZ/BAG en belastingen gaan met ingang van 1 januari 2025 over naar SVHW Samenwerkingsverband Vastgoedinformatie Heffing en Waardebepaling

Onze inwoners en partners hebben inzicht in de wijze waarop we onze middelen besteden en de mate waarin we doelen realiseren

In deze tussenrapportage wordt een verbeterslag gemaakt met betrekking tot de beleidsindicatoren voor de diverse doelstellingen in de programma's, deze inspanning vergt nog aandacht in 2024.

Het verder ontsluiten van de P&C producten via Pepperflow is in 2024 verder opgepakt. 

De 1e inventarisatie van aanbestedingen voor raamcontracten heeft plaatsgevonden en er zijn reeds een aantal raamcontracten  in 2024 afgesloten. Dit wordt de komende periode verder opgepakt.

 

7.2 Financiële vertaling ontwikkelingen

Terug naar navigatie - Financiële vertaling ontwikkelingen

Er is één mutatie voor de programma onderdeel Financiën ten opzichte van de budgetten opgenomen in de begrotingswijziging Collegeakkoord van 9 februari 2023 

 

Pr

Programmalijn

Omschrijving programmalijn

Begroting 2024

V/N

Toelichting 

P7

-

Afschaffen hondenbelasting (nieuw)

93.000

0  

P7

-

Uitbreiding/correctie taken Buitenruimte buiten

50.000

0  

P6

 

Totaal Mutaties

143.000

   

 

7.3 Toelichting op de tabel

Terug naar navigatie - Toelichting op de tabel

 Naar aanleiding van de moties van 2022  (begroting 2023) en de eerdere motie (kadernota 2018) is in de begroting 2024 voorgesteld de hondenbelasting af te schaffen.  Deze afschaffing is financieel verwerkt in de primitieve begroting 2024-2027.

 

7.4 Beleidsindicatoren

Terug naar navigatie - Beleidsindicatoren
Hoe gaan we dat meten?

Onderdeel Financiën

Strategisch doel

Beleidsindicatoren 

Meest recente meting

Beoogd 2024

Aanpassing TR

Lastendruk is in balans met de ambities

 

 

 

Structureel sluitende begroting met ruimte voor tegenslagen

- Kengetal structurele ruimte is groter dan 0%

- Solvabiliteit is groter dan 20%

- Weerstandsratio groter dan 1,4 

0,17% (2023)

 

29,66% (2023)

 

3,37 (2023)

> 0%

 

30%

 

>2

 

We maken optimaal gebruik van provinciale, landelijke en Europese subsidies

- % terugverdienen salariskosten subsidiemedewerker >125%

nvt

125%

 

Gemeentelijke woonlasten zijn lager of gelijk aan het landelijk gemiddelde

-  % belastingcapaciteit is kleiner of gelijk aan 100% 

91%

91%

 

Onze inwoners en partners hebben inzicht in de wijze waarop we onze middelen besteden en de mate waarin we doelen realiseren

 

 

 

Criteria en ratio’s

-  Minimaal 1 indicator per doelstelling

 

 

 

Ontsluiting van P&C-producten

- aantal raadpleging Pepperflow 

 

 

 

Inzicht in (financiële) voortgang van alle opgaven

-  nog ontwikkelen

 

 

 

Rechtmatige besteding

- % Niet acceptabele Rechtmatigheidsfouten  kleiner dan 2% van de lasten incl. stortingen in reserves

1,34% (2023)

1,0%

 

 

Organisatie

 

Strategisch doel

Beleidsindicatoren 

Beoogd 2024

Aanpassing TR

We brengen in beeld hoe onze organisatie is ingericht en welke kennis en kunde we in huis hebben om de opgaven waar we voor staan het hoofd te kunnen bieden.

-       Subsidies waarop we een beroep hebben gedaan

 

 

 

-       Strategische personeelsplanning

 

 

De gemeente Geertruidenberg onderscheidt zich ten opzichte van andere vergelijkbare werkgevers door in te zetten op aantrekkelijk werkgeverschap

-       Personeelsverloop

 

 

 

-       Invulling vacatures

 

 

 

-       Medewerkers onderzoek

 

 

We onderzoeken onze huisvesting. Voldoet het “huis van de gemeente” nog aan de vereisten op het gebied van het hybride werken, duurzaamheid en de consequenties van het werken aan maatschappelijke opgaven?

Zie nadere uitwerking in de opgave Bestuur en Dienstverlening

 

 

 

Wettelijke beleidsindicatoren

 

* cijfer 2023

Nr.

Taakveld

Naam indicator 

Jaar

Waarde (Jaarrekening 2023)

Eenheid

Bron

Beoogd 2024

Aanpassing TR

1.

0. Bestuur en ondersteuning

Formatie

2023

8,64

Fte per 1.000 inwoners

Eigen gegevens

7,7

9,0

2.

0. Bestuur en ondersteuning

Bezetting

2023

8,01

Fte per 1.000 inwoners

Eigen gegevens

6,8

8,2

3.

0. Bestuur en ondersteuning

Apparaatskosten

2023

€ 857

Kosten per inwoner

Eigen gegevens

€ 756

€ 860

4.

0. Bestuur en ondersteuning

Externe inhuur

2023

15,23%

Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen

Eigen gegevens

10,0%

12,5%

5.

0. Bestuur en ondersteuning

Overhead 

2023

12,25%

% van totale lasten

Eigen gegevens

14%

12,5%

35.

8. Vhrosv

Gemiddelde WOZ waarde 

2023

329

Duizend euro

CBS

328

 

36.

8. Vhrosv

Nieuw gebouwde woningen

2023

2,08

Aantal per 1.000 woningen

Basisregistratie adressen en gebouwen

14,3

 

37.

8. Vhrosv

Demografische druk 

2023

74,5

%

CBS

74,8

 

38.

8. Vhrosv

Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden 

2023

790

In Euro's

COELO

826

 

39.

8. Vhrosv

Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden 

2023

894

In Euro’s

COELO

904

 

7.5 Investeringen

Terug naar navigatie - Investeringen

In de volgende tabel zijn de mutaties op de investeringen van programma 7 opgenomen.

 

Begroot Wijziging Nieuw begroot Krediet omschrijving Toelichting - Besluit 
€ 92.000 € 18.000 € 110.000 22 Verduurzaming gemeentehuis 1e fase label c

Werkelijk bedrag is hoger dan begroot, dit wordt veroorzaakt door de indexatie materiaal en arbeid.

Besluit: Krediet met € 18.000 te verhogen.

7.6 Afwijkingen reguliere taken

Terug naar navigatie - Afwijkingen reguliere taken

In onderstaande tabel worden de belangrijkste afwijkingen op de meerjarenbegroting 2024-2027 toegelicht. In beginsel worden afwijkingen toegelicht wanneer het bedrag groter is dan € 25.000. Indien er sprake is van afwijkingen lager dan  € 25.000 maar van politiek bestuurlijke importantie worden deze afwijkingen eveneens toegelicht. 

Afwijkingen lager dan € 25.000, zuiver administratieve mutaties of budgettair neutrale mutaties, zijn wel opgenomen in de begrotingswijziging. 

 

Omschrijving V/N 2024 V/N 2025 V/N 2026 V/N 2027
Overhead Directie, Ondersteuning, Advies, Beleid, Gemeentewinkel, Buitenruimte Binnen en Buiten: Salarissen
CAO verhoging van 5,1% in 2024 en 6,1% in 2025 Voor 2024 is ophoging van de ramingen noodzakelijk met € 306.000 en vanaf 2025 = € 452.000 structureel. De CAO loopt tot 1 april 2025. Aanpassing ramingen van Griffie vallen onder programma 6.
N 302.000 N 445.000 N 445.000 N 445.000
Overhead cluster Buitenruimte Buitendienst: Bijdrage door evenementen
Het beleid rondom het in rekening brengen van de kosten die de gemeente maakt bij de organisatie van evenementen is nog niet vastgesteld. Vandaar dat wordt ingeschat dat er dit  jaar geen inkomsten te verwachten zijn. 
N 50.000 V 0 V 0 V 0
Overhead Personeel: Onderuitputting salarissen 
Op basis van de begrotingsrichtlijnen van de provincie wordt het ramen van onder uitputting niet meer toegestaan. Deze raming dient derhalve te worden ingetrokken.
N 200.000 N 200.000 N 200.000 N 200.000
Overhead Personeel: Inkoopbureau
We vragen meer ondersteuning vanuit het Inkoopbureau tbv aanbestedingen dan we van te voren hebben ingeschat. Een incidentele ophoging van dit bedrag is noodzakelijk. Bij de jaarrekening 2024 worden de kosten van die extra inkoopondersteuning doorgerekend richting de verschillende aankooptrajecten.
N 72.000 V 0 V 0 V 0
Overhead Personeel: Inkoopbureau
Het contractbeheer en -management moet beter geborgd worden in de organisatie. Hiervoor is ons Inkoopbureau Karel gevraagd om daar vorm en inhoud aan te geven. Voor 2025 en verder wordt hiervoor in de Kadernota extra formatie gevraagd. In 2024 is extra budget nodig om e.e.a. op te tuigen door het inkoopbureau waarna we het in 2025 borgen met de extra formatie. In 2024 is incidenteel € 21.000 nodig.
N 21.000 V 0 V 0 V 0

Overhead Personeel: Onboarding kwartaalactiviteit, samenwerking met Provincie, AOV tientje CAO, Beschikbaarheidsdienst
Voor de onboarding van nieuwe medewerkers wordt een introductie-activiteit georganiseerd, de Samenwerking met Provincie en andere gemeenten op het gebied van arbeidsmarktcommunicatie, leren en ontwikkelen en organisatie overschrijdende samenwerking door inzet van themagerichte-pools.

Uitvoering CAO 2023 waarin is bepaald dat de gemeente tegemoetkoming arbeidsongeschiktheidsverzekering moet betalen aan medewerkers die een dergelijke verzekering hebben ter compensatie voor vervallen van het 3e ziektejaar. 

Uitvoering CAO per 1-1-2024 uitbetaling beschikbaarheidsdiensten.

N 72.000 N 72.000 N 72.000 N 72.000
Overhead Personeel: Onderhoudsronde HR 21
Doorwerking salariskosten onderhoudsronde update functiehuis 2023 en 2 jaarlijkse actualisatie vanaf 2025. 
N 100.000 N 150.000 N 150.000 N 200.000
Overhead Personeel: Werving en selectie 
Budget noodzakelijk voor mogelijkheden om op een andere manier personeel te kunnen werven buiten de daarvoor in de regio afgesproken weg (Careernet).
N 25.000 N 25.000 N 25.000 N 25.000
Overhead DIV: Inhuur derden 
De provincie heeft in het kader van het interbestuurlijk toezicht informatiebeheer op 11 oktober 2023 het informatie- en archiefbeheer van de gemeente beoordeeld met ‘voldoet gedeeltelijk’. Op belangrijke onderdelen voldoen wij niet aan de Archiefwet 1995. De opdracht van de provincie is om er voor te zorgen dat de onderdelen voldoen aan de Archiefwet 1995, en zo te komen tot het oordeel “voldoet.” Dit is een incidenteel op te nemen bedrag. 
N 50.000 V 0 V 0 V 0
Deelnemingen en beleggingen: Rente SVN
De renteopbrengst van de verstrekte SVN leningen valt hoger uit dan reeds eerder begroot.
V 33.000 V 33.000 V 33.000 V 33.000
Deelnemingen en beleggingen: Dividend
Het te ontvangen dividend van de BNG is gestegen naar €2,50 per aandeel.
V 30.000 V 30.000 V 30.000 V 30.000
Uitkering gemeentefonds: Algemene uitkering
In de decembercirculaire 2023 staat dat de gemeente een lagere uitkering krijgt in 2024. 7 uitkeringspunten.
N 229.000 V 0 V 0 V 0
Mutaties reserves opgave 7 Financiën: Saldo begroting structureel
Inbrengen van de beginstand van de primitieve begroting.
V 2.089.000 V 2.150.000 N 2.325.000 N 2.282.000
Mutaties reserves opgave 7 Financiën: Saldo begroting incidenteel
Inbrengen van de beginstand van de primitieve begroting.
N 1.914.000 N 1.648.000 V 109.000 V 79.000
Mutaties reserves opgave 7 Financiën: Mutaties reserve ontheemden / Oekraïne
Overschot exploitatie opvang Oekraïners in het Hoge Veer wordt toegevoegd aan reserve ontheemden.
N 818.000 V 0 V 0 V 0
Mutaties reserves opgave 7 Financiën: Mutaties reserve ontheemden /  Oekraïne
Voor de dekking van de kosten voor onderzoek en uitvoering van locaties die kunnen worden gebruikt voor de opvang van de Ontheemden en Asielzoekers wordt de reserve Ontheemden belast. 
V 36.000 V 0 V 0 V 0
Saldo van de opgavemutaties > 25.000 N 1.665.000 N 326.000 N 3.044.000 N 3.081.000
Saldo van de opgavemutaties < 25.000 N 227.000 N 138.000 N 138.000 N 138.000
Totaal Saldo van de opgavemutaties  N 1.891.000 N 464.000 N 3.182.000 N 3.219.000

3.3 Reserves en voorzieningen

Terug naar navigatie - .

In onderstaande tabellen worden een resumé van de mutaties van de reserves en voorzieningen weergegeven zoals in deze Turap 2024-1 zijn opgenomen. Een storting in de reserve is een Nadeel voor het exploitatiesaldo. Een onttrekking uit een reserve is een  Voordeel. Voor de stortingen en onttrekking uit een voorziening wordt dezelfde codering gebruikt. 

 

Opgave Reserve 2024 2025 2026 2027
5 Reserve Kunst, storting vanwege resultaat  6.000 N      
7 Vrije Algemene Reserve, inbreng structureel begrotingssaldo 2024-2027 2.089.000 V 2.150.000 V 2.325.000 N 2.282.000 N
7 Vrije Algemene Reserve, inbreng incidenteel begrotingssaldo 2024-2027 1.914.000 N 1.648.000 N 109.000 V 79.000 V
7 Reserve Ontheemden / Oekraïne, overschot exploitatie  818.000 N      
7 Reserve Ontheemden / Oekraïne, dekking kosten herhuisvesting Ontheemden 36.000 V      

 

Opgave Voorziening 2024 2025 2026 2027
2 Voorziening afvalstoffenheffing, egalisatie lasten afvalverwijdering 20.000 V 20.000 V 20.000 V 20.000 V
5 Voorziening Geprogrammeerd onderhoud gemeentelijke gebouwen (BRIM) 23.000 N      

 

3.4 Recapitulatie afwijkingen programma's

Terug naar navigatie - .

In de onderstaande tabellen is de recapitulatie opgenomen van de verschillende afwijkingen per programma, gesorteerd op afwijkingen > € 25.000 en < € 25.000.

 

Saldo van de opgavemutaties > 25.000  V/N 2024 V/N 2025 V/N 2026 V/N 2027
Opgave 1  – Leefbaarheid N 129.000 N 207.000 N 207.000 N 207.000
Opgave 2  – Duurzaamheid N 30.000 V 0 V 0 V 0
Opgave 3  – Mens en Zorg N 39.000 N 477.000 N 477.000 N 477.000
Opgave 4 – Wonen V 77.000 V 169.000 V 91.000 V 0
Opgave 5  – Economie en Toerisme N 83.000 N 77.000 N 77.000 N 77.000
Opgave 6  – Bestuur en Dienstverlening N 4.000 N 7.000 N 7.000 N 7.000
Opgave 7  – Financiën en Bedrijfsvoering N 1.665.000 N 326.000 N 3.044.000 N 3.081.000
Totaal Saldo van de  opgavemutaties > 25.000  N 1.873.000 N 925.000 N 3.721.000 N 3.849.000

 

Saldo van de opgavemutaties < 25.000  V/N 2024 V/N 2025 V/N 2026 V/N 2027
Opgave 1  – Leefbaarheid V 71.000 V 91.000 V 91.000 V 91.000
Opgave 2  – Duurzaamheid N 75.000 N 100.000 N 100.000 N 100.000
Opgave 3  – Mens en Zorg V 4.000 N 118.000 N 118.000 N 118.000
Opgave 4 – Wonen V 10.000 N 6.000 N 6.000 N 6.000
Opgave 5  – Economie en Toerisme N 20.000 V 0 V 0 V 0
Opgave 6  – Bestuur en Dienstverlening V 15.000 V 24.000 N 12.000 V 24.000
Opgave 7  – Financiën en Bedrijfsvoering N 227.000 N 138.000 N 138.000 N 138.000
Totaal Saldo van de  opgavemutaties < 25.000  N 222.000 N 247.000 N 283.000 N 247.000

 

Totaal Saldo van  alle opgavemutaties   V/N 2024 V/N 2025 V/N 2026 V/N 2027
Opgave 1  – Leefbaarheid N 58.000 N 116.000 N 116.000 N 116.000
Opgave 2  – Duurzaamheid N 105.000 N 100.000 N 100.000 N 100.000
Opgave 3  – Mens en Zorg N 35.000 N 595.000 N 594.000 N 595.000
Opgave 4 – Wonen V 87.000 V 163.000 V 85.000 N 6.000
Opgave 5  – Economie en Toerisme N 103.000 N 77.000 N 77.000 N 77.000
Opgave 6  – Bestuur en Dienstverlening V 11.000 V 17.000 N 19.000 V 17.000
Opgave 7  – Financiën en Bedrijfsvoering N 1.892.000 N 464.000 N 3.182.000 N 3.219.000
Totaal Saldo alle  opgavemutaties   N 2.095.000 N 1.172.000 N 4.004.000 N 4.096.000